zondag 3 maart 2013

In alles voorgegaan ...

Bedenk hoe groot en indrukwekkend de HEER is ...    (59)

Er kwamen engelen bij Hem en zij dienden Hem.

Mattheüs 4:11

Hoor je net als ik nog de woorden, die net gesproken zijn, naklinken in je oren?
‘Dit is Mijn geliefde Zoon, de Man naar Mijn hart.’
Terwijl deze woorden nog naklinken, wordt Jezus door de Heilige Geest naar de woestijn geleid.
In het Marcusevangelie staat zelfs ‘… en terstond dreef de Geest Hem uit naar de woestijn’.
De hemel was bij wijze van spreken nog maar koud gesloten, de duif amper weg, de woorden van God echoën nog na of Jezus wordt door de Heilige Geest naar de woestijn gedreven  … om verzocht te worden.

Dit bijzondere moment, het moment waar God de wereld laat weten dat Jezus Zijn geliefde Zoon is, wordt gevolgd door een weg naar de woestijn, waar Jezus heengeleid werd door de Heilige Geest om daar op de proef te worden gesteld door de duivel.
Hij vast daar 40 dagen en 40 nachten, dan krijgt hij honger.
En op dat ogenblik komt de duivel Hem verzoeken.

In deze paar regels laat God ons zien hoe Jezus ook hierin aan ons mensen gelijk is geworden.
De bergtopervaring: Zijn doop en de woorden van Zijn Vader: ‘Dit is Mijn geliefde Zoon, de Man naar Mijn hart.’
Het diepe dal na de bergtopervaring: De woestijn.
Verzocht worden, of de proef gesteld worden juist als je zwak bent: Honger na 40 dagen en 40 nachten vasten.

Na dit prachtige moment, leidt de Geest die op Hem was neergedaald, Hem naar de woestijn om daar verzocht te worden.
Het was Gods wil dat Jezus gedoopt zou worden, en het is duidelijk dat het ook Gods wil was dat Jezus hier in de woestijn, op het moment dat Hij op Zijn zwakst was – en reken maar dat Hij zwak was na 40 dagen en 40 nachten vasten – door de duivel verzocht zou worden.
Gods Geest leidde Hem daarheen, God had daar een bedoeling mee.

Jezus geeft ons het voorbeeld hoe wij op verzoekingen moeten reageren.
Wat de duivel Hem ook voorhoudt, wat hij Hem ook belooft, hoe hij Hem ook uitdaagt, Jezus laat Zich niet van de wijs brengen, hoe zwak en uitgeput Hij ook moet zijn geweest.
Hij kende Gods woord en Hij wederstaat de duivel met het wapen dat God, ook aan ons, heeft gegeven.
Niets kan de duivel hier tegen in brengen, want keer op keer zegt Jezus: ‘Er staat geschreven …! Er staat ook geschreven …! Ga weg, satan, want er staat geschreven …!’

Satan verleidt, liegt, bedriegt, doet er alles aan om Jezus zover te krijgen dat Hij buigt voor hem:
… Als Je dan Gods Zoon bent, zeg dan …
Hij valt Jezus aan in wie Hij is; ben Jij wel wie Jij zegt dat je bent? O ja? Laat dat dan eens zien en vernader deze stenen eens in brood!
… Of, als Jij Gods Zoon bent, hè, gooi Jezelf dan eens hier naar beneden. Als Jij Gods Zoon bent, nou, dan zal God toch Zijn engelen sturen om Je op hun handen te dragen, dat staat er toch en ook dat Je Je voet aan geen steen zal stoten!
… Moet je hier eens kijken, vanaf deze hoge berg, zie eens al deze koninkrijken met al hun pracht. Als Jij nu voor mij neerkniel en mij aanbidt, dan zal dit alles van Jou zijn.

Hoeveel honger Jezus ook gehad moet hebben, Hij liet Zich niet verleiden.
Ook liet Hij Zich niet uitdagen om te laten zien waartoe God bij machte is om te doen.
En wat Zijn ogen ook zagen aan macht, pracht en praal, Hij liet Zich door de satan niet tot zonde verleiden en Hij stuurde de duivel weg na de derde verzoeking.
En de duivel liet Hem met rust.
Maar Gods engelen kwamen bij Hem om Hem te dienen.

In gedachten
sta ik op een afstandje
te kijken en zie
hoe ze Hem te eten
en te drinken geven.
Zijn vermoeide
en hongerige lichaam
wordt gevoed
en komt tot rust.

Af en toe
zie ik Zijn blik
omhoog gaan.
Liefde en dankbaarheid
liggen besloten
in deze blik,
terwijl de vrede,
de diepe innerlijk vrede
tot ver in de omtrek
voelbaar is.

De engelen verzorgen Hem,
in en met alles
wat Hij nodig heeft.
Zijn krachten herstellen
en Hij vervolgt Zijn weg
in gehoorzaamheid
aan Zijn Vader
en gaat de weg
die door God Zijn Vader
is bereid.

De liefde van de Vader
zichtbaar
in het dienen
van de engelen
aan de Here Jezus.
De liefde van de Vader
zichtbaar
in de zorg
van de engelen
voor Zijn geliefde Zoon.

Ten slotte nog dit: zoek uw kracht in de Heer, in zijn sterke macht.
Rust u uit met de wapenrusting van God, om daarmee stand te houden tegen de
krijgslisten van de duivel.
Want onze strijd gaat niet tegen mensen van vlees en bloed, maar tegen de overheden, de machten en de heersers van deze duistere wereld, tegen de geestelijke en bovenaardse machten van het kwaad.
Grijp daarom naar de wapenrusting die God u geeft, om weerstand te kunnen bieden op de dag waarop het kwaad aanvalt. Dan kunt u staande blijven, omdat u op die manier goed toegerust bent.
Stel u zo op: doe de waarheid om als gordel en doe de gerechtigheid aan als borstpantser.
Bind onder uw voeten de bereidheid om de vredesboodschap te brengen.
Draag daarbij het schild van het geloof: daarmee kunt u alle brandende pijlen van de duivel doven.
Draag de helm van de redding en het zwaard van de Geest, dat wil zeggen het woord van God.
Bid en smeek voortdurend en bij elke gelegenheid, geleid door de Geest. Daartoe moet u waakzaam zijn en zonder ophouden God smeken voor allen die hem toebehoren.


Efeziërs 6:10-18

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen