maandag 6 juli 2020

Hope will rise!

Enige jaren geleden kwam ik via via op YouTube bij een nummer tegen wat mij geweldig aansprak, zowel qua tekst als muziek als uitvoering.
Weken, zo niet maanden, 'draaide' ik dit nummer, maar in de loop van de jaren ben ik het nummer kwijt geraakt.
Ik kon me ook met geen mogelijkheid meer herinneren hoe de band heette, dus het nummer terugvinden lukte me dan ook niet.
Vorige week nog zocht ik naar het nummer, maar mijn geheugen liet me nog steeds in de steek, en ik wist ook niet meer waar ik zoeken moest, noch op welke woorden.
Tot vanmorgen.
Terwijl ik naar iets anders op zoek ben, komt ineens de band Warr Acres voorbij, en met dat ik de naam zag wist ik dat dit de band was, en ja, toen was het nummer snel gevonden.
Deze keer heb ik het nummer snel opgeslagen, zodat ik het niet meer kwijt zal raken.
Blij als een kind zit ik dan ook achter mijn laptop, terwijl het nummer 'Hope will rise' weer door mijn speakertjes klinkt.


Warr Acres - Hope will rise


zaterdag 4 juli 2020

Geopend Woord

Op Uw woord heb ik mijn hoop gesteld.

Uw woorden zijn deuren naar licht,
inzicht krijgt wie nog in het duister tast.

Uw woord is een lamp voor mijn voet
en een licht op mijn pad.

Psalm 119:81b, 130, 105


Heer,
mijn ogen sla ik op
naar U.
Uw woord
ligt geopend
in mijn handen.

Ik vraag U
om inzicht in Uw woord,
opdat het voor mij
zal schijnen
als een Licht 
op mijn levenspad.

Ik vraag U
om openbaring 
door Uw Geest
over Uw woord,
opdat ik zal begrijpen
en verstaan
dat wat ik lees en
wat U tegen mij zegt.

Ik vraag U
dat Uw woord 
zal neerdalen in mijn hart,
opdat niet slechts mijn verstand
maar ook mijn hart
door Uw woord 
wordt verlicht,

Heer,
Uw woord 
ligt geopend 
in mijn handen.
Ontmoet mij hier 
in Uw woord.
Raak mij aan
met het schijnsel
van Uw Licht
en laat Uw licht schijnen
door mij heen.

- Amen -

zondag 28 juni 2020

Here You come running, my Lover, to me!

Verhalenderwijs ...

Waar zijn de woorden als je het gevoel hebt om te stikken in de pijn en het verdriet wat je met woorden is aangedaan.
Zijn er dan alleen maar tranen die kunnen stromen?
Gevoel van verstikking, een prop in je keel zo dik dat je het gevoel hebt dat het bijna afgesloten wordt.
Een druk op je borst zodat het bijna voelt alsof alle lucht er wordt uitgeperst.
Hoelang nog, Heere?
Hoeveel nog komt er over mij?
Wanneer is het genoeg?
Uiteengerukt.
Woordeloos, terwijl er zoveel is dat ze zou willen zeggen.
Zo oneerlijk.
Zo onterecht.
Zo misplaatst.
Zo onrechtvaardig.

Ze staart naar buiten, terwijl de tranen zachtjes over haar wangen glijden.
Binnenin haar woelt een diepe strijd.
Wat is er toch fout gegaan?
Waar is het fout gegaan?
Wat doet ze dan fout?
Ze durft niet te reageren, bang als ze is om het verkeerde te zeggen en nog meer over zich heen te krijgen.
Ze zou van alles willen zeggen,  ze heeft immers niets verkeerds gedaan.
De verwijten klinken nog steeds na, en trekken diepe sporen van pijn en verdriet in haar hart.
Nu is ook niet de goede tijd om er op terug te komen; ze zou reageren vanuit haar pijn en haar verdriet, en dan misschien woorden spreken die niet meer teruggenomen kunnen worden, en misschien nog meer schade aanrichten.
Opnieuw maar wachten, wachten tot zij komt en sorry zegt; wachten op een ingang om terug te komen op de oneerlijke verwijten, om de dingen -voor zover het mogelijk is, uit te spreken.
Och, vaak zegt ze niet eens alles.
Hoewel ze nu niet meer bang is dat haar dochter nooit meer thuis zal komen, of nooit meer contact zal zoeken, zoals vroeger, maar daar is wel het weten dat ze wat beperkt is in inleven en aanvoelen als de dingen van het leven haar boven het hoofd groeien.
En dat maakt dat ze voorzichtig is met wat ze zegt, zich soms teveel wegcijfert en niet alles zegt.
De tijd helpt haar vaak wel om de dingen een plek te geven, maar soms voelt het alsof dingen zich ook opstapelen.
Kan dat goed gaan?

Tegelijk is ze dankbaar, dankbaar dat haar dochter inmiddels wel geleerd heeft om zelf terug te komen op dingen en sorry te zeggen.
Nog niet altijd, en soms duurt het even, maar toch, het komt nu vaak wel, en daar is ze zo dankbaar voor.
Hoe anders was dat vroeger; nee, daar wilt ze maar liever niet meer aan terugdenken.
Kijken naar het nu is beter, ondanks dat het af en toe mis gaat.
Ze zal straks vast wel zelf contact opnemen en dan …
Maar voor nu blijven er tranen komen.
Hè, waarom juist nu, nu ze vanavond visite krijgt en er al een moeilijk gesprek op programma staat.
De telefoon gaat en een ‘kleine’ stem klinkt: ‘Hai mam, sorry van vanmorgen …’
 
Het volgende moment is het alsof de Heer dicht bij haar staat met Zijn hand op haar schouder, en zachtjes naar haar glimlacht, en het is dan dat ze beseft dat Hij er -opnieuw- al die tijd bij was, ook al kon ze dat door de pijn niet zien of ervaren.
Een dankbare glimlach licht haar gezicht op, en stille woorden van dank vinden hun weg naar boven.
Ze loopt naar boven naar haar laptop en zet het nummer aan dat ze de laatste tijd veel luistert, en de muziek en de woorden nemen de laatste restjes van pijn en verdriet van die ochtend mee terwijl ze zingt …

Over the mountains 
Over the sea 
Here You come running 
My Lover, to me …

Song of Solomon





ⓒHanna

dinsdag 16 juni 2020

The God Who sees

De afgelopen paar weken klinkt er grotendeels maar één nummer, uit de kleine speakertjes die zijn aangesloten op mijn laptop, namelijk het nummer 'The God Who sees' van Nicole C. Mullen.
Niet alleen qua muziekstijl raakt het mij (prachtige opbouw), maar vooral de woorden komen binnen.
The God Who sees; I am the God who sees!
De God Die ziet; Ik ben de God Die ziet!

Het lied neemt me mee naar de wanhopige moeder Hagar* in de woestijn, en van Hagar naar Ruth*, die haar volk en land verliet en haar schoonmoeder volgde naar Bethlehem.
En van Ruth naar David*, de herdersjongen, de machtige strijder, maar ook de gezalfde koning. 
Via de bloedlijn van David komen we bij de Heere Jezus*, de Messias, de Gezalfde; de Christus, Emmanuel, God met ons. 
Het brengt ons bij de ontmoeting van Jezus met Maria Magdalena*, die Hij bevrijdde van zeven demonen, en bij haar liefde voor Hem. 
En haar liefde voor Hem neemt ons mee naar het moment dat zij toe moest kijken hoe haar geliefde Heer aan het kruis genageld werd, stierf en begraven werd.

Vier gewone mensen, zoals jij en ik, maar een ieder met hun eigen verhaal, hun eigen pijn, wanhoop en verdriet, hun eigen angsten en eenzaamheid, maar wiens verhalen zijn opgetekend in de Bijbel, Gods woord.
Verhalen, die God ons gegeven heeft om te laten zien dat Hij iedereen en elke omstandigheid ziet; en dat het niet uitmaakt wie je bent, of waar je ook vandaan komt.
Hij ziet en hoort, en dat is wat telt! 
Hij ziet, en hoort, en Hij verlangt ernaar dat dit tot ons diepste innerlijk binnendringt, tot in iedere vezel van ons bestaan, en dat we daaruit (gaan) leven.

Hij zag Hagar wanhopig huilen in de woestijn op een afstand van haar kind, dat stervende was van de dorst; maar Hij ziet ook ons verdriet, onze wanhoop, onze eenzaamheid, onze angst.
Hij zag Ruth, haar pijn en verdriet om het verlies van haar man, en een schoonmoeder die terug wilde naar haar geboortestad, maar Hij ziet ook ons als we alleen achterblijven, wegmoeten van een vertrouwde plek, een vreemd en onbekend leven voor ons ligt.
Hij zag David, een vergeten zoon en eenvoudige herdersjongen, een vervolgde gezalfde, vluchtend voor zijn leven tot in de woestijn, maar Hij ziet ook ons als onze ouders ons vergeten, of niet willen, we vervolgd worden om welke reden dan ook, vluchtend op weg zijn waarvoor dan ook. 
Hij zag Maria Magdalena, wiens leven gekweld werd door demonen; maar Hij ziet en kent ook onze demonen, hoeveel of hoe weinig het er ook zijn.
Hij zag, en Hij ziet!
Hij antwoordde, en antwoordt nog steeds.
Nee, niet altijd op de manier zoals wij het graag zouden willen, maar wel op een manier wat voor ons het beste is.
Hij heeft ons geschapen en kent ons immers beter dan wie dan ook!

The God Who sees!
De God Die ziet!
En Hij zegt vandaag tegen jou, en tegen mij:

Ik ben El Roï, de God Die ziet
al jouw pijn, al jouw verdriet.
En Ik steek Mijn hand uit
om jou te helpen,
om al je bloedende wonden 
te stelpen.

Ik ben El Roï, de God Die ziet,
ook als jij soms denkt van niet.
Ik heb je Mijn woord gegeven,
je vele beloften gedaan;
geloof Mij toch, op Mijn woord
kun je aan!

Ik ben El Roï, de God Die ziet,
Die rouwklacht omkeert in een vreugdelied.
Zie omhoog, geloof en vertrouw
en je zult Mijn glorie zien.
Zie omhoog, en houdt vast;
leef en dien.



*Gen. 21:14-21
* Ruth 1-4
*1 Samuël 16 v.v.
* Evangeliën - Mattheüs, Marcus, Lucas, Johannes)
* Marcus 16:9

vrijdag 29 mei 2020

Je bent nooit alleen!



Heer, 
Uw woord klinkt:
‘Ik zal u niet als wezen achterlaten;
Ik kom weer naar u toe.’

Mijn kind,
misschien voel je je
-vooral in deze tijd,
wel heel erg eenzaam
en alleen.
Ben je verstoken van 
bijna elk menselijk contact.
Misschien voel je je
nu wel als een wees
doordat je verstoken bent
van je familie;
je man, je vrouw,
je vader, je moeder,
je kind(eren),
je kleinkinderen.

Misschien voel je je
wel als een wees
nu je verstoken bent
van het samenkomen
in de kerk of gemeente.
En misschien heeft zelfs 
de eenzaamheid
en het verstoken zijn van ...
je berooft van het zicht op Mij
en op Mijn woord.

Maar nog steeds 
is daar Mijn woord,
Mijn belofte,
dat Ik je niet als wees
zal achterlaten,
en … 
dat Ik eens
weer terugkom!

Geloof ook in Mijn woorden,
als je in Mij gelooft!

Ik heb je beloofd
dat Ik altijd bij je
zal zijn, 
ja, tot aan de 
voleinding van de wereld.
Ik heb je beloofd 
dat Mijn Vader, en Ik
naar je toe zullen komen
en bij je in zullen wonen,
als je Mij liefhebt en je 
aan Mijn woorden houdt.
Ik heb je beloofd 
dat Mijn Vader je
een andere Trooster
te sturen, Eén, 
Die in je zal wonen,
en waardoor je nooit
alleen zult zijn;
Die je bij zal staan,
alles zal leren,
en alles in herinnering 
zal brengen
wat Ik heb gezegd. 

Vergeet toch niet dat je 
door Mij Zijn kind bent!
Dus al ben je verlaten
van alles en iedereen:
Ik verlaat jou nooit!
Jouw leven is met Mij
verborgen in God.


Naar: Johannes 14:15-28
(Ef.1:5; Kol. 3:3)

donderdag 21 mei 2020

Zegenende handen!

Een woord ter bemoediging. 
Door: Tjitske Meijer

'En Hij leidde hen  buiten tot aan Bethanië en Zijn handen  opheffende, zegende Hij ze.'
Lukas 24:50,51 | Num. 6:24-27
 
Zijn hemelvaart ging niet gepaard met trompetgeschal en met pracht en praal. 
Niet door een vurige wagen en vurige paarden. 
Geen engelen die Hem zouden vergezellen, maar Hij werd door God, Zijn Vader,  zelf opgenomen in de hemel. 
Voordat Jezus afscheid nam van Zijn discipelen sprak Hij Zijn zegen over hen uit met gezag. 
Geen holle woorden maar een zegen die van grote betekenis is en Zijn discipelen begrepen dit ook. Toen Jezus hen zegende zagen ze Zijn doorstoken handen en begrepen zij wat ‘Die Zegen’ Hem gekost heeft. 
Door het zien van Die doorstoken handen is op zichzelf al een zegen van vergeving en eeuwig leven!

Maar ook waren het Deze Handen, die het brood braken en dit uitdeelde aan omtrent vijfduizend mannen.  ( Marc.6:42-44)  
Het was diezelfde hand, die was uitgestrekt tot redding van Petrus, toen hij  in Galilea’s golven zonk! Het was diezelfde hand, die Thomas wilde zien, eer hij aan de opstanding wilde geloven. 
Het zijn Zijn zegenende handen, die hij uitstrekt en zegt: 'Kom tot Mij, als je vermoeid bent en gebukt gaat door allerlei angst en zorgen, Ik zal je rust geven en je zult rust vinden voor je ziel.' (Matt.11:28 vrije vertaling) 
Dit is een uitnodiging!

Het is diezelfde hand met haar diepe tekenen van liefde en genade, die vandaag aan de deur klopt om binnengelaten te worden.  
Hij spreidt, tot op vandaag de dag, Zijn doorstoken handen uit naar hen die deze zegen van vergeving en eeuwig leven willen ontvangen. 
Handen, die voor onze verzoening met God aan het kruis doorstoken werden.  

Hemelvaart is niet het einde, maar een begin van een nieuw leven. 
Het aardse werk van de Verlosser is volbracht. 
Wij zijn in de tegenwoordigheid van Eén Die zegt: 'Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde'; en wederom: 'Ik Ben met jullie al de dagen...'
Hij zegt niet: 'Ik was', nee, Hij zegt: 'Ik Ben met jullie al de dagen tot de voleindng der wereld. AMEN!'  (Matt.28:18,20 ) 
Het is Zijn belofte! 
Laten we dit ‘AMEN’ niet over het hoofd zien. 
Het is niet een monogram, slechts bedoeld als een slotwoord, een einde aan een boek. 
Het is Zijn AMEN waarin alle beloften JA en AMEN Zijn. 

Na droefheid komt vreugde, na regen komt zonneschijn. 
Na tegenslag komt er weer een tijd dat het beter wordt. 
Wees hierdoor bemoedigd

  

Tjitske Meijer
>> Het Beste Deel

zondag 17 mei 2020

Op die dag in de hemel ...

Het is een vrij rustige zondag.
Naast enkele telefoontjes van mijn dochter die er een beetje doorheen zit, is het stil.
Buiten schijnt de zon, en een zacht windje doet de blaadjes aan de bomen ritselen.
Maar in mij is het nog onrustig door alles wat er afgelopen week door mij heen gegaan is na het intens verdrietige bericht, van het verongelukken van iemand uit onze gemeente, dat we maandag ontvingen.
Onrustig, omdat het zovele herinneringen opriep, en daarmee ook zoveel losmaakte in mij; meer dan ik voor mogelijk had gehouden na zoveel jaar.
Flashbacks, waarin opnieuw de wanhoop en angst mijn ziel raakt.

Leek het me van te voren heel zwaar de sleutel van de flat van mijn moeder in te leveren, toch werd dit overschaduwt door dit nieuws dat ons vlak daarvoor bereikte.
Het overschaduwde ook het feit dat het woensdag de 13e mei de verjaardag van mijn broertje zou zijn geweest -50 jaar zou hij zijn geworden; als ook dat vrijdag de 15e mei, toen de begrafenis was, mijn vader jarig zou zijn geweest.

En toch, hoe onrustig deze week ook was, en het nog binnenin mij is, toch is daar dat lied dat we vrijdag zongen: ‘Op die dag in de hemel, wat een dag, wat een vreugde zal dat zijn. Dan zijn wij bij Jezus, en klinkt het overwinningslied!’
Kon ik de eerste nachten na dit nieuws slecht slapen, wakker gehouden door het nieuws en de herinneringen die het opriep, vanaf dat ik dit lied hoorde (mijn man en ik waren gevraagd om te spelen en te zingen met de afscheidsdienst) is dit lied in mijn hart en op mijn lippen.
Welk een troost ligt in dit lied, welk een vooruitzicht en vreugde! en langzaam worden de herinneringen, als ook de pijn en het verdriet van het afsluiten van de flat van mijn moeder, begraven onder de troost en vreugde die van dit lied uitgaan.
Wat hoop en bid ik, dat dit ook zo zal zijn voor de familie van; mijn hart en gebeden gaan naar hen uit.
Dat God hen zal blijven dragen, ook de komende tijd als de pijn en het verdriet van het gemis voelbaarder en tastbaarder wordt.

Sommige dingen, Heer, 
zullen we nooit begrijpen.
noch een antwoord krijgen
op het waarom.
En waar wij afscheid
moeten nemen,
klinkt tegelijk Uw stem:
Wees welkom!

Uw woord zei het ons al
dat we het in dit leven
zwaar te verduren 
zouden krijgen.
Maar soms is het zo
moeilijk en onbegrijpelijk,
dat ons niets anders rest
dan te zwijgen.

Toch is daar Uw troost,
Uw aanwezigheid,
ja, Uw nabijheid
in alle pijn.
En richt U onze blik
op dat we eens
allemaal bij U
zullen zijn.

Geen dood meer,
en geen tranen,
geen pijn meer 
zo ook geen verdriet.
En tot die tijd
mogen we weten
dat U er bent en
alles van ons ziet.


Op die dag in de hemel ...