Posts tonen met het label Kerst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kerst. Alle posts tonen

dinsdag 23 december 2025

De laatste kerstkaart ...



Elk jaar viel de kaart bij haar op de deurmat.
Ze had er geen idee van wie hem verstuurde, maar elk jaar lag er weer zo’n kaart, vlak voor kerstmis. Iedere keer stond er dezelfde zin op geschreven.
“Je bent niet alleen. Prettig kerstfeest.”

Wat betekende dat en wie dacht er aan haar?
En alleen?
Ze was zeker niet eenzaam, in elk geval niet heel erg.

De eerste keer was ze een beetje boos geworden toen ze de kaart las.
Het idee, dat iemand het nodig vond haar te confronteren met het feit dat ze alleen was.
Maar toen ze hem bekeek kon ze wel zien dat hij met grote zorg was uitgezocht.
Het was een bijzondere kaart.
Niet zo’n schreeuwerig ding dat je in een pak van twintig voor een habbekrats op het internet bestelde, zodat je zonder veel kosten te maken toch een kaartje kunt versturen.
Dat soort kaarten vielen rond de kersttijd met vaste regelmaat in de bus. 

Die kwamen van goedbedoelende kennissen, een neef uit Engeland en er was ook altijd een onbenullige kaart van het tuincentrum bij om je er vooral maar aan te herinneren dat ze op tweede kerstdag geopend waren.
Nee, die gingen doorgaans direct naar het oud papier.
Maar die bijzondere kaart … 

Nadat ze haar oorspronkelijke frustraties te boven was gekomen kreeg die een plaatsje op de schoorsteenmantel.
En dat gebeurde elk jaar opnieuw.
Op de een of andere manier straalde die kaart een zekere rust uit.
En rust was juist iets waar ze zo enorm naar verlangde.

Dit jaar stond het kerststalletje op de kaart afgebeeld.
De koeien, de schapen en het ezeltje stonden eerbiedig op de achtergrond, maar de kribbe met het kerstkindje zelf was omringd door vriendelijk lachende mensen, allemaal gekleed in hun gewone dagelijkse klofje.
Er stond een zakenman bij met een dure aktetas, een jochie van een jaar of tien met een voetbal en een schoonmaakstertje met een bezem.
Een wat oudere dame met zilvergrijs haar probeerde de pasgeboren baby op te tillen en Maria en Jozef leken het allemaal prima te vinden.

Als de wereld er toch eens zo zou mogen uitzien.
Maar dat was niet zo.
Dat hele kerstgebeuren was niet meer dan een droom die nooit verwezenlijkt zou worden.
Er was geen vrede op aarde en normaal gesproken zouden al die mensen op het plaatje nooit samen zo vriendelijk lachend en vredig rond een kribbe staan.

Als de afzender niet eens de moeite nam om zijn naam onder de kaart te schrijven was het misschien toch een reclamestunt van het een of andere bedrijf.
Maar ze zette die gedachte meteen weer uit haar hoofd.
Daar was die kaart veel te mooi voor.
Iemand die nieuwe klanten probeerde te werven zou de naam van het bedrijf vast en zeker met gouden letters voorop de kaart gezet hebben.
Zo’n kaart mocht niet zomaar naar de papierbak.
Dus bleef het mysterie onopgelost. 

Ook dit jaar kwam hij weer op de schoorsteenmantel terecht en iedere keer dat ze er langs liep keek ze er even naar.
Er was dus toch iemand die aan haar dacht, al was het klaarblijkelijk alleen maar met kerstmis.

Veel vrienden had ze niet.
Zeker met kerstmis zag je die ook niet.
Eigenlijk had ze er niet zo veel meer mee.
Het was altijd wel gezellig, met lichtjes en lekker eten, maar sinds ze haar man verloren was na een lang ziekbed was de lol er wel af.
Kerstmis was in wezen een kerkelijk feest en in de kerk kwam ze niet graag.
Vroeger waren zij en Evert er nog wel geweest.
Hij wilde dat graag, en op kerstavond gunde ze hem dat plezier.
Verder kwam ze er nooit, want aan God had je niets.
Dat was ook zo’n kennis, waar je over gehoord had.
Zo iemand die goede dingen deed voor brave mensen.
En dat gevoel was na de dood van Evert alleen maar sterker geworden.

Het kerstfeest werd voor haar een saaie bedoening.
Op eerste kerstdag kon ze terecht bij haar broer in Wageningen en op tweede kerstdag bleef ze lekker thuis en deed ze voor niets of niemand de deur open.
Dan keek ze naar de buis, at ze niets bijzonders en keek ze zo nu en dan even naar de kaart op de schoorsteenmantel.

“Je bent niet alleen, Prettig Kerstfeest.”

Vreemd toch, hoe zo’n stukje karton met wat inkt zo mooi kon stralen dat het je een goed gevoel gaf en het idee dat er toch hoop was.
Als ze toch eens te weten kon komen van wie hij kwam …

En toen, tussen Oud en Nieuw viel er een andere envelop bij haar op de deurmat.
Dit was geen kerstkaart maar een handgeschreven brief.
Haar naam stond erop, met bibberige letters: Elara Broeckhuizen.
Ze draaide de brief om en las de afzender en haar ogen werden groter toen ze begreep wie hem geschreven had.
De brief kwam van haar oude buurvrouw uit de tijd dat zij en haar man nog in Leeuwarden woonden.
Direct na zijn dood was ze er weggegaan en ze had al in geen tien jaar meer aan die vrouw gedacht.
Zo, die was dus ook nog in leven.

Ze scheurde de brief open en schoof het velletje voorzichtig uit de envelop.
‘Lieve Elara
Je zult je wel afvragen waarom je een brief krijgt van mij, jullie oude buurvrouw uit Leeuwarden. Wij hebben tenslotte nooit meer met elkaar gesproken, maar ik heb je elk jaar een kerstkaart gestuurd…’
Elara voelde haar hart bonken in haar keel.
Dus … de oude buurvrouw had die kaart verstuurd.
Ze las haastig verder.
'Vlak voordat Evert stierf, belde hij me. Hij vroeg me om jou elk jaar met kerst een kaart te sturen.
Op die kaart moest één zin staan: je bent niet alleen. Hij wilde dat je zou weten dat zijn liefde niet ophoudt bij de grens van dit leven. Dat er iets blijft, iets zachts, dat nog steeds bij je is.
Hij vroeg me ook om aan je te denken, om een gebed voor je te fluisteren, telkens als het kerst werd. En dat heb ik gedaan. Elk jaar heb ik jouw naam zachtjes neergelegd bij het Kind in de kribbe, omdat liefde nooit echt verdwijnt.'

Er rolde een traan uit haar ogen die pardoes op de brief viel die ze met trillende vingers vasthield. Opeens was het alsof Evert naast haar stond.
Voor een kortstondig hemels moment omringde een gelukzalige warmte haar dorre hart.
Maar toen ze verder las kon ze haar tranen niet langer bedwingen.
‘Ik schrijf je nu, omdat ik zelf bij de poort sta en weet dat ik je geen kerstkaart meer zal kunnen sturen.
Maar ik wilde je nog één ding zeggen, iets wat Evert altijd al wist: je bent nooit alleen. Liefs en zegen van je oude buurvrouw’

Er brak iets open in Elara’s hart.
Die dag huilde ze alsof alle opgespaarde jaren van stilte eindelijk loskwamen.
Ergens tussen de tranen door voelde ze het: ze was nooit alleen geweest, ze had het echter niet begrepen.
Het was tijd om een nieuwe weg in te slaan.
Over een paar uur zou het nieuwe jaar beginnen, en dit keer voelde het ook nieuw.
Ze was niet alleen.
Met dat besef kon ze de wereld aan.

Door: J.K.Stenger
Uit de laatste Oppepper:
👉 Haardstee – ActiefNederland

zondag 24 december 2023

Hoop in donkere dagen ...


'Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft,
opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.'
Johannes 3:16 


Door de speakertjes van mijn laptop klinkt vanaf begin december heerlijk 'kerst'muziek, met name van Future of Forestry; de afgelopen dagen echter alleen nog bovenstaand nummer.
Maar echt onbevangen kan ik deze dagen dit jaar niet beleven.
Steeds meer lees, en hoor ik, dat mensen geen Kerst meer vieren, en het stemt mij tot nadenken.
Nu moet ik zeggen dat met wat er tegenwoordig van wordt gemaakt, het mij ook wel aardig tegen gaat staan, maar, helemaal niet meer ...?

Nee, ik heb helemaal niets (meer) met kerstbomen, noch de vele versieringen, -al vind ik al die lichtjes bij ons in de straat wel heel erg leuk.
Ook heb ik niets met al die uitgebreide kerstdiners, noch met uitgebreid familiebezoek en dergelijke verplichtingen deze dagen, noch met de steeds extremer wordende Kerstvieringen, al geniet ik wel van mooie kerstmuziek op mijn laptop, want wat is er veel prachtige 'Kerst'muziek.
Al wil ik erbij zeggen dat ik deze muziek ook rustig op een ander tijdstip van het jaar luister, immers het gaat toch om het feit dat de Here Jezus ooit kwam naar deze aarde; en de precieze dag of tijd weten we nu eenmaal niet.
Ach, ik geloof ook niet dat een datum of een dag er echt toe doet; dankbaarheid en vreugde om het feit dat God Zijn Zoon zond, -ongeacht wanneer dat precies was, daar gaat het om. 
Hierbij blijven Rom. 14:1-12 en Kol. 2:16-3:4 ook in mijn gedachten komen.
Om deze en andere redenen blijf ik toch de geboorte van onze Here Jezus in deze tijd herdenken -vieren-.
Ik wil je dan ook even meenemen naar de redenen waarom wel, redenen die voor mij belangrijker zijn dan wat ik hier en daar lees en hoor over het waarom niet meer.


God werd mens; een BABY!
In de eerste plaats omdat ik het onvoorstelbaar bijzonder vind, -en blijf vinden, dat de Here Jezus de plaats die Hij in de hemel bij God had, heeft willen opgegeven om als baby in deze wereld geboren te worden om ons mensen te kunnen redden en het eeuwige leven te geven.

'Hij is het Beeld van de onzichtbare God, de Eerstgeborene van heel de schepping.'
Kol. 1:15

'Hij, Die de afstraling van Gods heerlijkheid is en de afdruk van Zijn zelfstandigheid (Zijn wezen NBG), ...'
Hebr. 1:3

'Die, terwijl Hij in de gestalte van God was, het niet als roof beschouwd heeft aan God gelijk te zijn, maar Zichzelf ontledigd heeft door de gestalte van een slaaf aan te nemen en aan de mensen gelijk te worden. En in gedaante als een mens bevonden, heeft Hij Zichzelf vernederd en is gehoorzaam geworden, tot de dood, ja, tot de kruisdood. Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam, opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie van hen die in de hemel, en die op de aarde, en die onder de aarde zijn, en elke tong zou belijden dat Jezus Christus de Heere is, tot heerlijkheid van God de Vader.'
Filippenzen 2:6-11

'En de engel zei tegen hen: Wees niet bevreesd, want zie, ik verkondig u grote blijdschap, die voor heel het volk wezen zal, namelijk dat heden voor u geboren is de Zaligmaker, in de stad van David; Hij is Christus, de Heere. En dit zal voor u het teken zijn: u zult het Kindje vinden in doeken gewikkeld en liggend in de kribbe. En plotseling was er bij de engel een menigte van de hemelse legermacht, die God loofde en zei: Eer zij aan God in de hoogste hemelen, en vrede op aarde, in mensen een welbehagen.'
Lukas 2:10-14

Het maakt mij stil te beseffen, dat Hij alles wat Hij bij Zijn Vader in de hemel had, heeft opgegeven voor mij, voor de gehele mensheid, omdat Hij, net als Zijn Vader, zoveel van ons hield, dat Hij niet wilde dat ook maar iemand van ons verloren zou hoeven gaan.
En het vult mijn hart met diep ontzag, dankbaarheid en vreugde, waardoor ik Hem, net als de herders en de wijzen, de eer en aanbidding wil geven die Hem toekomt.
En één van de manieren waarop ik dit kan doen, is door er met mijn schrijven in deze tijd aandacht aan te geven en Hem te eren met mijn schrijven.

Liefde, zo immens groot,
zo onvoorstelbaar
en ontzagwekkend,
ik kan niet anders
dan neerbuigen
en Hem aanbidden.

Liefde, zo immens groot,
zo onbegrijpelijk
en wonderbaarlijk,
ik kan niet anders
dan hierbij stilstaan
en het doorvertellen.


Overschaduwd, ondergesneeuwd, bedolven ...
Steeds meer raakt de Boodschap overschaduwd en bedolven onder alles wat de mens fijn vindt en waar de mens plezier aan heeft.
Eten, drinken en vrolijk zijn.
En ook in kerken/gemeenten wordt er steeds meer uitgepakt, tot hele shows om het Kind in de kribbe heen.
Wat blijft er nog over van de Boodschap van de engelen aan de herders in het veld: '..., u zult het Kindje vinden in doeken gewikkeld en liggend in de kribbe'; van God, Die mens werd; van Hem, Die de afstraling was van Gods heerlijkheid en de afdruk van Zijn wezen, bereid was om aan ons mensen gelijk te worden, van Hem, Die alle heerlijkheid en glorie aflegde om aan ons gelijk te worden, echter zonder te zondigen?
Overvloed en overdaad lijkt ieder jaar meer en meer deze boodschap te overschaduwen, onder te sneeuwen, te bedelven.
De Here Jezus werd niet geboren in een koninklijk paleis, Hij had geen gouden wieg, noch de duurste kleertjes.
Er was niet eens een fatsoenlijke plaats waar Maria haar Kindje ter wereld kon brengen; geen plaats, geen plaats, geen plaats ...
Niet welkom, afwijzing; zoveel onwetendheid.
Hoe zouden onze 'Kerstdagen' eruitzien als wij het gingen vieren zonder al die toeters en bellen, maar door gewoon samen te komen en Hem te aanbidden!
Ons hart aan Hem als geschenk zouden geven, voor het eerst of opnieuw; ons opnieuw zouden toewijden aan Hem, of ons opnieuw zouden uitstrekken naar die onderlinge liefde en eenheid, die voor Hem zo belangrijk is.
Hoe graag zou ik al die grote podiums eens zien met alleen stro op de vloer, een lege voerbak en een kruis daarachter, en alle spotlights alleen daar op gericht ...

God, Die mens werd,
zo onvoorstelbaar
en wonderlijk.
Het mag niet
overschaduwd worden,
noch ondergesneeuwd raken.

God, Die mens werd,
zo verbijsterend
en onbegrijpelijk.
De boodschap 
moet blijven klinken,
doorverteld blijven worden.


Het kan nog ...
Ik wil het ook nog blijven herdenken, ervan schrijven en zo getuigen, simpelweg omdat het nu nog kan.
Nog leven wij in vrijheid, nog kunnen wij deze Boodschap van Hoop, van Genade, liefde en vergeving, van eeuwig Leven, doorgeven.
HOOP in donkere dagen ...
Nee, dan bedoel ik niet de donkere dagen voor kerst, maar de donkere dagen waar de Bijbel over spreekt; de donkere dagen, die steeds donkerder worden naar mate de dag nadert dat de Here Jezus terugkomt.
Donkere dagen, omdat de onderlinge liefde verkilt -zoals de Bijbel zegt, mensen meer en meer tegen elkaar opstaan, zelfs in families, ja, zelfs in gezinnen.
Donkere dagen, omdat de boze rondgaat als een brullende leeuw, op zoek naar wie hij nog kan verslinden, naar wie hij nog weg kan halen, of houden, van Hem, Jezus Christus, Gods eniggeboren Zoon.

Hoe mooi is dan het lied waarmee ik dit blogje ben begonnen!
'Hope awakes in Bethlehem!'
Er is HOOP in deze donkere dagen!

Hoop ontwaakte in Bethlehem,
zo onvoorstelbaar wonderbaar:
God, Die mens werd.

Hoop ontwaakte in Bethlehem,
zo onbegrijpelijk ontzagwekkend:
Christus, de beloofde Verlosser.

Hoop ontwaakte in Bethlehem,
de grootste schat van de hemel;
Geschenk van Liefde en Genade.


Focus ...
Wat zien wij nog deze dagen? 
Wat zie jij?
Nee, er is zeker niets mis met gezelligheid, met samenkomen, met herdenken, met vieren, maar waarop ligt onze focus deze dagen?
Meer nog, wáár zijn we deze dagen vol van?
Zijn onze magen vol van al het eten en lekkers, en onze dagen vol met familiebezoek en wat al niet meer?
Of is ons hart vol; vol van dankbaarheid, omdat we deze dagen terugdenken aan het feit dat God Zijn belofte heeft vervuld, en eren en aanbidden wij Hem daarvoor?


Hoop in donkere dagen ...

Het Licht is gekomen
en schijnt in onze duisternis;
geeft Hoop en uitzicht daar,
waar het donker en eenzaam is.

Het Levende Woord is gekomen,
om te helen de gebrokenen van hart;
om te spreken van genade en vergeving,
te komen in elke nood en elke smart.

Hoop is ontwaakt in Bethlehem;
het Licht, het Levende Woord.
Uit liefde voor jou werden later
Zijn handen en voeten doorboord.

Hoop ontwaakte in Bethlehem,
voor eenieder die vermoeid is en verward.
Hoop ontwaakte in Bethlehem,
maar is het ook ontwaakt in jouw hart?

'Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven.
Neem Mijn juk op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en u zult rust vinden voor uw ziel; want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht.'
Mattheüs 11:28-30

Zegen en een liefdevolle groet,
Rita




(Ook de uitvoering van Laura en Estera Bretan >>Hope awakes in Bethlehem<< is prachtig) 

donderdag 17 december 2020

The Christmas Shoes

Uit het archief van mijn eerste Blog.
Het was in december 2010 dat ik het filmpje 'the Christmas Shoes' van New Song tegenkwam.
Het ontroerde mij zeer, en de boodschap raakte me diep.


Het gaat over een jongetje die een paar schoenen wil kopen voor zijn moeder en de schoenen in zijn handen zijn precies haar maat.
Hij vraagt de verkoper om op te schieten, want zijn vader had gezegd dat ze niet zoveel tijd meer hebben omdat zijn moeder erg ziek is, maar hij weet dat deze schoenen haar zullen laten glimlachen.
En ... hij wil gewoon dat zijn moeder er mooi uitziet als ze vanavond Jezus zou ontmoeten.

Iedere keer als ik dit hoor, nu ook zo neerschrijf en lees, dan krijg ik een brok in mijn keel.
De liefde die doorklinkt in deze woorden, in deze daad.
Het belangrijk vinden dat zijn mama er mooi uit ziet voor de Here Jezus als zij Hem ontmoet.
De laatste centjes die het jongetje daar voor over had.
Maar ook de liefde van de vader die zijn zoontje de mogelijkheid geeft om dit te doen, terwijl hij weet dat zijn vrouw nimmer op die schoenen zal lopen.
Op het oog misschien een zinloos cadeau, maar er is geen kostbaarder en waardevoller geschenk denkbaar dan wat dit mannetje zijn moeder had kunnen geven.
Alles wat hij had, had hij over om zijn moeder nog één keer te kunnen zien glimlachen.
Alles wat hij had, had hij over om er voor te zorgen dat zijn moeder er mooi uitzag als zij de Here Jezus zou ontmoeten.

Van dit kind krijgt de Here Jezus de plaats die Hem toekomt.
Door dit kind worden lessen van liefde, onbaatzuchtigheid, van wat belangrijk is, zichtbaar.
Door dit kind heen zien we een stukje van de hemel, van Gods liefde, door een mensenkind heen,;de boodschap van waar het met Kerst om draait.
Jezus, Gods liefde, de oproep om in Zijn voetsporen te treden.
De herinnering aan het feit dat, zoals het jongetje alles over had voor zijn moeder om haar gelukkig te zien en te maken, Jezus alles over had om ons gelukkig te maken.

De boodschap van Kerst is de boodschap van een Koning die alles opgaf, Zijn koninkrijk, Zijn leven, om ons, om jou en mij gelukkig te maken, te redden en eeuwig leven te geven.
Hij heeft er alles voor over gehad om ons gelukkig te maken, gelukkig te zien.
Willen wij Hem geven wat Hem het gelukkigst maak, ons hart?

>> The Christmas Shoes



maandag 2 december 2019

Moed en gehoorzaamheid

Nu het einde van het jaar nadert,  zwierven mijn gedachten afgelopen week van mijn OneWord naar Advent en de Kerstdagen.
Hoewel de boodschap van Kerst belangrijk voor mij blijft, staat de  rest mij steeds meer tegen.
Toch -misschien wel doordat alles dit jaar zo heel anders is, ervaar ik het verlangen om er weer eens schrijvend mee bezig te zijn in combinatie met mijn OneWord.

En zo gingen mijn gedachten van Maria naar mijn OneWord ‘Moed’, en daar vandaan weer terug naar Maria, en vervolgens naar haar ontmoeting met de engel Gabriël, en dan naar het moment dat Maria tegen hem zegt: ‘Zie, de dienares van de Heere, laat met mij geschieden overeenkomstig uw woord.’
(>> Mattheüs 1:38)


Ik heb bewondering voor deze jonge vrouw, voor dit jonge meisje, en wat kan ik ontzettend veel van haar leren!
Iedere keer als ik het lees, verbaas ik mij over haar reactie en denkwijze.
Waar ik geschokt zou zijn over de verschijning van de engel, was zij in verwarring over wat hij zei en vroeg zij zich af wat hij toch bedoelde.
Waar ik waarschijnlijk gezegd zou hebben ‘ho eens even, begin eens opnieuw en leg me allemaal eens haarfijn uit wat je bedoel’, vroeg zij maar alleen hoe het allemaal zou kunnen, omdat ze niet getrouwd is.
En waar ik bijna zeker gevraagd zou hebben om tijd om er eens goed over na te denken of ik dit wel zie zitten en wil, zegt zij:  ‘Zie, de dienares van de Heere, laat met mij geschieden overeenkomstig uw woord.’

En zo word ik stilgezet bij haar gehoorzaamheid.
Ze gaat niet met de engel in discussie, ze komt niet met allerlei bezwaren, ze legt hem niet de problemen en de ellende die hier uit voort kunnen komen voor.
Nee, ze heeft alleen een praktisch vraag, en als deze is beantwoord, onderwerpt zij zich zondermeer aan wat de engel haar zegt.
En zo verandert dit jonge meisje voor mijn ogen in een moedige vrouw, die bereid is om te doen wat God van haar vraagt ongeacht de gevolgen die dit voor haar kan hebben.


Soms vraagt gehoorzaamheid om moed.
Moed om uit te stappen.
Moed om misschien ergens mee te stoppen.
Moed om misschien ergens heen te gaan, of moed om een bepaalde taak op je te nemen.
Moed om ergens aan te beginnen zonder dat je weet waar het zal eindigen.
Moed om misschien voor je gezin te kiezen in plaats van meer werken om vaker op vakantie te kunnen.
Of misschien wel moed om juist iets niet te doen terwijl alle anderen het wel doen.
Of moed om ergens niet heen te gaan, terwijl al je collega’s wel gaan.
Moed om …
Moed om gehoorzaam te zijn omdat God het zegt in Zijn woord, of van je vraagt.


Maria’s antwoord getuigde van een flink porti moed.
Moed, die voortkwam uit haar geloof en vertrouwen in God.
Moed om gehoorzaam te zijn ondanks wat het haar waarschijnlijk zou gaan kosten.
Moed om niet te kijken naar wat de gevolgen zouden zijn, maar om te blijven zien op Hem Die dit van haar vroeg.
Moed om haar hoofd te buigen en te zeggen: ‘Uw wil geschiede!’


Moed en gehoorzaamheid,
onlosmakend met elkaar verbonden.
Wordt gehoorzaamheid immers niet geleerd
door lijden heen, door dingen die ons verwonden?

Moed en gehoorzaamheid,
op één lijn met geloof en vertrouwen.
Met een hart dat bereid is ‘ja’ te zeggen tegen
welk plan de hemelse Vader ook zal ontvouwen.




vrijdag 25 december 2015

Ik gaf wat Mij het dierbaarst is!



Heer,
Uw woord klinkt:
‘Want een Kind is ons geboren,
een Zoon is  ons gegeven,
en de heerschappij rust
op Zijn schouder.
En men noemt Zijn Naam
Wonderlijk,  Raadsman,
Sterke God,
Eeuwige Vader,
Vredevorst.’


Mijn kind,
vandaag herdenk en vier je
de geboortedag van Mijn Zoon,
die Ik naar de wereld gezonden heb
tot redding en verlossing,
ja, tot verzoening tussen jou en Mij.
Daartoe heb Ik Hem alle macht gegeven,
in de hemel en op de aarde.
Alles heb Ik aan Hem onderworpen
en Ik heb Hem boven alles verheven
en tot hoofd van de gemeente gesteld.

Alle namen die Hij heeft,
en die staan op getekend in Mijn woord,
zeggen iets over Hem,
over wie Hij is en waarvoor Hij kwam.
Laat alles diep doordringen in je hart;
overdenk het en bewaar het!

Zijn Naam is wonderlijk,
want Hij was mens en God.
Wonderlijk; zie eens naar Zijn werken
en daden!

Ook Raadsman is Zijn Naam,
want Mijn Geest rust op Hem,
de Geest van wijsheid en inzicht,
de Geest van raad en sterkte,
van Mijn kennis.

Hij is één met Mij en draagt zo ook
Mijn Naam: sterke God.
Uit Zichzelf kon Hij niets doen,
maar Hij deed wat Hij Mij heeft zien doen.

Hij is altijd Dezelfde,
gisteren, vandaag en tot in alle eeuwigheid.
Hij is het eeuwige leven
dat Ik aan jullie heb laten zien.
Eeuwige Vader is zo ook Zijn Naam,
en daarom mag jij je veilig
en geborgen weten
elke dag van je leven.

Hij is de ook de Vredevorst;
Hij is Degene die vrede is komen brengen.
Een vrede, die alle verstand te boven gaat.
Hij zegt het je Zelf:
‘Vrede laat Ik bij jullie achter;
Mijn vrede geef Ik jullie,
een andere vrede dan de wereld geeft.
Maak je niet ongerust
en wees niet bang.’

Mijn kind,
laat vandaag zo de betekenis
achter wat je vier deze dag
diep tot je doordringen
en met je meegaan.
Vandaag, en alle dagen
die Ik je schenk.
Put kracht uit Zijn namen
om vol te houden
en verheug je
in wat op je wacht.

En zo, Mijn kind,
herdenk en vier,
want niet de dag doet er toe,
noch de datum,
zolang je het maar doet
tot eer en glorie van Mij!

Naar: Jesaja 9:5; Lucas 2:10,11; Mattheüs 28:18; Jesaja 11:12; Johannes 10:30; Johannes 5:19,20; Hebreeën 13:8; 1 Johannes 1:2; Filippenzen 4:7; Johannes 14:27; Romeinen 14:5,6

donderdag 25 december 2014

I believe - Ik geloof!

Al enkele weken geleden kwam ik terecht bij het nummer van 'I believe' van Nathalie Grant en het raakte mijn hart diep en ik bewaarde het nummer speciaal voor vandaag, als we de geboortedag van de Here Jezus herdenken en vieren.

Voor veel mensen is Kerst niet meer dan een paar heerlijke vrije dagen, of een vakantie, die gekenmerkt wordt door gezelligheid, lekker eten en samenzijn met familie en/of vrienden.
De geboorte van Jezus -waardoor dit immers Kerst heet- is vaak niet meer dan een leuk verhaaltje; als ze het nog weten.
En zo begint dit nummer ook eigenlijk een beetje, als een verhaaltje ...

...
'Lang, lang geleden, in een land hier ver vandaan, stond de tijd even stil.
Er waren herders in het veld, een vrouw met een baby, en geen plaats in de herberg.
Een geboorte in een kribbe, die ook was voorspeld.
Tenminste, zo gaat het verhaal ...'
...

Maar dan gaat de tekst een heel andere kant op: '
Maar dit verhaal is meer dan een fabel, het is meer dan een sprookje, en meer dan mijn verstand kan bevatten.
Ik geloof  dat ...

Ik geloof, dat de Wijze mannen de baby zagen; de baby, die de engelen de Zoon van God noemden.
Het kind dat de hemel gaf, de grote 'Ik ben'.
Geboren om mijn zonden weg te nemen door middel van doorboorde handen.
Immanuel - God met ons- is gekomen.

Ik geloof ...
Tweeduizend jaar geleden ...
Een verhaal dat voortleeft ...
Een geschenk van God in mensengedaante verpakt ...
De simpele waarheid die mij vrijmaakt ...'


Ik geloof ...
De tekst bepaalde mij hoe alles aankomt op het maken van een keuze: geloven of niet.
Geloven dat God Zijn enig geboren Zoon naar de aarde zond om voor mijn zonden te lijden en te sterven, of het verwerpen.
Geloven, dat Jezus voor mijn zonden stierf aan het vloekhout, aan een kruis, om mij te redden, of dit te verwerpen.
Geloven, dat Hij, Jezus, Zijn handen liet doorboren uit liefde voor mij, of het verwerpen.

Ik geloof ...
Geloven, dat Hij wilde komen voor iemand zoals ik, of het verwerpen.
Geloven, dat Hij, ondanks alles, Zijn leven wilde geven voor mij, of het verwerpen.
Geloven, dat Hij kwam voor ons allemaal, voor een ieder van ons persoonlijk, of dit verwerpen.

Ik geloof ...
Ja, ik geloof, maar het nummer deed mij dit jaar opnieuw even stilstaan en nadenken over mijn lang geleden gemaakte keuze en de betekenis van waarom Hij naar deze aarde kwam.
Naar het 'waarom Kerst', en welke betekenis alles nog heeft voor mij.
Als 'Toewijding' het woord is dat vanaf november een belangrijke plaats in mijn leven inneemt,  dan voelt het goed om met dit nummer, met de tekst van dit lied als het ware opnieuw overeind te komen, mijn blik te richten op de hemel en te het uit te spreken:

Heer, ik geloof!
Ik geloof, al is het een verhaal van tweeduizend jaar geleden.
Ik geloof, dat het Uw genadegeschenk is vanuit de hemel voor mij, en ik neem het aan.
Ik geloof, dat Uw doorboorde handen, Heer Jezus, mijn zonden droegen aan het kruis op Golgotha.
Ik geloof, dat U Uw leven gaf om het mijne te redden.
Ik geloof, dat U mij hebt vrijgemaakt.
Ik geloof, ja, ik geloof, dat U dit deed voor iemand zoals ik ...
Ik geloof, ja, ik geloof!


Hoewel er dit jaar geen enkele kerstversiering in ons huis is; niet meer dan de gewone waxinelichtjes branden, schijn meer dan ooit het Licht van de Ster van Bethlehem in mijn hart.

Ik geloof.
Jij ook?




zaterdag 21 december 2013

Dienen en geven

Bedenk hoe groot en indrukwekkend de HEER is ...    (98)

… zoals ook de Zoon des mensen niet gekomen is om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn ziel te geven tot een losprijs voor velen.

Mattheüs 20:28


Nog slechts een paar dagen en bijna wereldwijd wordt het kerstfeest gevierd.
De etalages, de huizen, zowel binnen als buiten, zijn rijkelijk, soms zeer rijkelijk, versierd.
In vele huizen staat de kerstboom al een paar weken en de tuincentra’s doen goede zaken met weer nieuwe en nog mooiere kerstversieringen.
Je kunt het zo gek nog niet bedenken of het is er.
De folders die je in deze dagen door de deur krijgt, staan overvol met delicatessen, het één nog luxer dan het ander.
En menig recept komt ook voorbij deze dagen; je hoeft je haast niet af te vragen wat je wilt gaan eten, want ideeën zijn er genoeg.
Mensen nodigen elkaar uit, want laten we eerlijk zijn, kerst is immers ook een ‘familiefeest’.

Tja, …
Ook dit jaar vraag ik me af wat de Here Jezus hier Zelf nu van zal denken als Hij dit allemaal zo aanziet.
Hoe schril is het contrast met de stal en de kribbe!
Er was voor Hem geen plaats in de herberg, iemand had alleen nog een lege stal over, die mochten zijn ‘vader’ en moeder wel gebruiken.
Geen mooie, luxe wieg, maar een voerbak voor de dieren werd Zijn eerste bed.
En slechts een paar doeken werden Zijn eerste kleren.

Hoe vreemd is het eigenlijk ook dat dit zo uitbundig wordt gevierd, en dat het Paasfeest niet meer is dan een paar vrije dagen?
Velen weten immers niet eens meer wat het Paasfeest eigenlijk inhoudt.
Al vraag ik me af, als ik zo om me heen kijk, of mensen ook nog wel weten waar het met Kerst om draait.

Want het is meer dan het kindje in de kribbe.
Het is meer dan de herders in het veld, het engelenkoor in de lucht, en het snel naar Bethlehem gaan om te knielen bij de kribbe.
Het is meer dan de ster, die de wijzen uit het Oosten vertelde van de Koning die was geboren.
Het is meer, omdat wij weten mogen, dat dit Kindje in de kribbe, kwam om te dienen en Zijn leven te geven om ons te redden.
Hij verruilde de heerlijkheid die Hij had bij Zijn Vader, voor een wereld die verloren is in schuld.

Hij kwam niet om als een vorst op aarde te leven, Hij kwam om aan ons mensen gelijk te worden.
Ja, nog meer, Hij nam de gestalte van een dienstknecht aan.
Hij waste de voeten van Zijn discipelen, een karweitje van de laagste bediende.
Hij stierf aan het vloekhout zodat wij gered kunnen worden en voor eeuwig met Hem kunnen leven in een wereld waar geen pijn en verdriet meer zal zijn, geen rouw, geen tranen, geen dood.

Achter de kribbe staat levensgroot het kruis.
Hij kwam om Zijn leven, Zijn ziel te geven voor jou en mij.
Wat blijft er over van onze Kerst, als we alles van deze tijd weghalen?
Wat houden we nog over als we de lampjes, de kaarsen, het lekkere eten, de versieringen, alle entourage, weghalen.


Wat doet het ons, als alleen nog de kribbe overblijft?
Zien we dan pas weer het kruis, of konden het kruis toch nog zien ondanks alle bergen versiering en eten?

En zien we hierin nog hoe indrukwekkend groot onze God is, dat Hij dit allemaal, tot in de puntjes, ja, tot in perfectie heeft geregeld.
Elk onderdeel, elk detail.
Van Adam en Eva tot Abraham en Sarah, van koning David tot Ruth en Boaz, van Zacharias, Elisabeth en Johannes tot Jozef en Maria.

Hoe groot is God voor ons deze kerst?

donderdag 19 december 2013

donderdag 12 december 2013

Kerstavond voor Vrouwen 2013 - Verwachten

Na een paar maanden van intensieve voorbereiding was het gisteravond dan zover: de Kerstavond voor Vrouwen 2013.
Het thema voor deze avond was ‘Verwachten’, en gezien alle tegenslagen die we dit keer hadden in de voorbereidingen, konden wij als organisatieteam het thema zelf als eerste in praktijk (leren) brengen, daar we in meer dingen dan ooit echt afhankelijk waren van Hem, dat Hij dingen zou leiden, de juiste mensen zou geven voor …, het allemaal toch nog op tijd klaar zou zijn, enzovoort, enzovoort.
Wat een bemoediging werd het dan ook weer voor ons, dat God opnieuw Zijn  trouw betoonde en wij, in ons verwachten van Zijn hulp, niet werden beschaamd.
Hij leidde, gaf en zorgde.
Opnieuw een bewijs van Zijn liefde en trouw, van Zijn nimmer aflatende zorg, ook in deze dingen.

Ik vond het ook best wel spannend; vorig jaar was immers zo’n uitbundige avond vol bijzondere details; een avond met een hoog ‘whauwfactor gehalte‘ en dit jaar zou het een ingetogen avond worden, zo totaal anders dan vorig jaar.
Soms gingen dan ook mijn gedachten met me op de loop en kon het me aanvliegen: ‘ik hoop niet dat ze teleurgesteld zullen zijn; er veel meer van verwacht hadden na vorig jaar.’
Het heeft me zelfs aardig wat slapeloze uren bezorgd; maar ook die waren uiteindelijk toch vaak weer ergens goed voor.

 
Toch was ik wel heel erg blij, dat, toen ik gisteravond de laatste dingen aan het regelen was, het gevoel kwam van ‘Ja! Het is goed! Dit is zoals het moet zijn!’, en vreugde en dankbaarheid bezit namen van mijn hart.
 
 
En dan komen de eerste dames weer binnen.
Als vanouds werden zij door onze mannen aan de arm meegenomen via de koffietafel naar een plekje in de prachtig aangeklede zaal, die dit jaar ook een ingetogen karakter had gekregen, tegelijk hoop en verwachting weerspiegelde.
Als de klok richting 20.00 uur gaat, verschijnen de woorden van het lied ‘Verwachten’ van Sela op de beamer, terwijl de muziek door de luidsprekers klinkt.

‘En het geschiedde in die dagen dat er een gebod uitging van keizer Augustus dat heel de wereld ingeschreven moest worden …
En ze gingen allen op weg om ingeschreven te worden, ieder naar zijn eigen stad.
Ook Jozef ging op weg, van Galilea uit de stad Nazareth naar Judea, naar de stad van David, die Bethlehem heet, omdat hij uit het huis en het geslacht van David was, om ingeschreven te worden met Maria, zijn ondertrouwde vrouw, die zwanger was.
En het geschiedde, toen zij daar waren, dat de dagen vervuld werden dat zij baren zou,  en zij baarde haar eerstgeboren Zoon, wikkelde Hem in doeken en legde Hem in de kribbe, omdat er voor hen geen plaats was in de herberg …'


De overbekende woorden uit het Lucasevangelie worden voorgelezen.
De vervulling van de verwachting van de komst van de Messias.
‘Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij rust
op Zijn schouder.
En men noemt Zijn Naam Wonderlijk, Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst.’

(Jesaja 9:5)

Als de proclamatie is uitgesproken verschijnt op de beamer het ‘kerstverhaal’ in de vorm van
Sand-art onder de klanken van Silent Night.

Met de woorden uit Jesaja 35 (vers 3-6, 10) gaan we van de vervulde verwachting, naar wat nog komen gaat.
We kunnen immers niet stil blijven staan bij het kindje in de kribbe.
Het kindje werd de Man van smarten, de Man, die Zijn leven gaf voor ons, voor onze zonden en terug naar Zijn Vader in de hemel is gegaan om voor ons een plaats te bereiden en om op de door Zijn Vader bepaalde tijd, terug te komen om ons te halen.

 
‘Maak sterk de slappe handen, strek de knikkende knieën.
Spreek de radelozen moed in: ‘Wees niet bang, jullie God is in aantocht.
Wraak en vergelding vergezellen Hem, Hij komt jullie bevrijden.’
Blinden zullen weer zien, doven weer horen.
Wie kreupel loopt, springt als een hert, wie stom is, zingt het uit.
Water borrelt op in de steppe, beken ontspringen in het dorre land.
Wie door de Heer zijn bevrijd, keren juichend naar Sion terug.
Zij stralen van vreugde, voor altijd; zij zijn vervuld van uitzinnige vreugde.
Alle leed is geleden, alle zorgen zijn verdwenen.

Wat een vooruitzicht!
Wat een hoop!
Maar ook wat een aansporing!
Hoop door het vooruitzicht; aansporing om in actie te komen en niet bij de pakken neer te gaan/blijven zitten.

Met deze woorden werd iedereen welkom geheten en ook deze avond legden we  in de handen van de Heer, die we ook dankten voor dit heerlijke vooruitzicht.

 
Samen zingen mag op zo’n avond natuurlijk niet ontbreken; hoe heerlijk is het immers om ook Zijn Naam groot te maken door middel van liederen.
'Licht in de nacht' en 'Jezus, Gods heerlijkheid verschijnt'.      
Ondertussen werd de collecte opgehaald, deze keer bestemd voor Christenen voor Israël en voor Demi en Marije, twee jonge meiden uit onze gemeente die met school naar Zuid-Afrika gaan om daar op verschillende manieren en plaatsen ondersteuning te bieden en te bemoedigen.

Het wordt weer stil.
Met drie kleine toneelstukjes wordt een andere  kant van ‘Verwachten’ uitgebeeld.
Want, op weg naar de vervulling van onze verwachting naar de terugkomst van de Here Jezus, mogen we ook van Hem onze hulp ‘verwachten’.
Mag ik je ook even meenemen op deze weg van verwachting?

 
Een vrouw zit alleen in de kamer.
Voor haar op tafel ligt, naast haar kopje koffie, een Bijbeltje.
Ze kijkt een beetje zuchtend om zich heen.
Eigenlijk voelt ze zich een beetje eenzaam en alleen, en ze begint hardop te denken:

‘Tja, daar zit ik dan.
Voor het eerst helemaal alleen.


Ja, ziet u, we hebben afgelopen weekend net de laatste van onze kinderen verhuisd; hij woont nu ook op kamers.
En dit is de eerste dag dat ik helemaal alleen thuis ben.
Ach, natuurlijk was mijn zoon overdag ook weg, maar toch, ik zag hem ’s morgens nog even en vaak dronken we dan nog snel een kopje koffie.
Hij liet ook altijd een spoor van rommel achter zich als hij wegging, maar nu is alles netjes en opgeruimd en mijn man is niet zo’n rommelmaker.
Ik heb nooit gedacht dat ik dat nog eens zou missen.
Wat moet ik nu toch gaan doen?


Weet u, mijn gezin was mijn alles, daar leefde ik voor.
Ik vond het ook zo gezellig als hij zijn vrienden meenam; dan zorgde ik voor iets lekkers en meestal voor ze naar boven gingen, bleven ze eerst nog even gezellig zitten en kletsen.
En ik, ikzelf?
Och, dat zou ik wel zien als de kinderen de deur uitwaren, dat duurde immers nog zo lang.
We hebben drie kinderen, dus … 
Ja, dat dacht ik.
Maar nu is het al zover, en wat moet ik nu?


Ze neemt haar laatste slokje koffie.
‘Bah, zelfs de koffie smaakt me vandaag niet.’

Ze slaakt een diepe zucht en vervolgt:
‘Och, laat ik eerst maar eens mijn Bijbeltje pakken en lezen, misschien heeft de Heer wel een woord voor me.’
Hmm, Psalm 62:6-9:


‘Waarlijk, mijn ziel, keer u stil tot God, want van Hem is mijn verwachting;
waarlijk, Hij is mijn rots en mijn heil, mijn burcht, ik zal niet wankelen.
Op God rust mijn heil en mijn eer, mijn sterke rots, mijn schuilplaats is in God.
Vertrouwt op Hem te allen tijde, o volk, stort uw hart uit voor zijn aangezicht;
God is ons een schuilplaats.’


Ze kijkt voor zich uit en zegt nadenkend:
‘Want van Hem is mijn verwachting …
Vertrouw op  Hem te allen tijde …
Stort uw hart uit voor Hem ...'


‘Dan gaat ze bidden:

‘Heer, ik wil U danken voor mijn kinderen, mijn gezin.
U weet, Heer, dat hoeveel moeite ik er mee heb nu al mijn kinderen de deur uit zijn.
Ik mis ze; ik mis een bepaald ritme.
Ik heb nu zoveel meer tijd en hoe ik dit nu in vullen?
Vader, help mij om de juiste keuzes te maken.
In Jezus’ Naam. 
Amen’


Ze staat op en pak de spullen die op tafel liggen om op te ruimen.
Ook de krant ligt erbij en met het opnemen van de krant ziet ze een advertentie.

‘Hé, wat is dat?
Een vrouwenochtend; thema ‘Verwachten’.
Dat is toevallig.
O nee, toeval bestaat niet.
Zou dit wat voor mij zijn?
Eigenlijk best wel heel eng om zo alleen te gaan, maar aan de andere kant  ...'


Nog even blijft ze nadenkend staan en dan loopt ze weg om de spulletjes op te ruimen.


De tweede vrouw komt het podium op.
In haar hand heeft ze wat bladen, een krant en een kopje koffie.
Ze gooit de bladen op het tafeltje, en ook het kopje belandt ietwat hardhandig op hetzelfde tafeltje.
De koffie gaat er nog net niet overheen.
Ze ploft op de stoel en slaakt een hele diep zucht  terwijl ze verveeld om zich heen kijkt.

 
Hebben jullie nog werk?’
Ze gooit de vraag de zaal in.

‘Nou, ik niet meer, ze hadden mij niet meer nodig.
Bah.
Ik had toch zo’n leuke baan, joh.
Leuke collega’s, leuke sfeer, gezellig.
En we deden ook best nog weleens iets leuks samen.
Lunchen, kopje koffie ..
Maar ja, dat was voor ze de boel gingen reorganiseren.
En u snapt het natuurlijk al, ik was degene die eruit moest en nu zit ik me hier thuis stierlijk te vervelen.


Iedereen werkt.
Al mijn vriendinnen hebben hun werk nog, behalve ik.
En het huishouden stelt ook niet zo veel voor.
Mijn man en ik zijn maar met z’n tweetjes, dus zoveel maken we niet vuil.


En wat heb ik hem nu nog te vertellen ’s avonds als hij thuiskomt.
Hoe ik de was heb gedaan of hoeveel overhemden ik heb gestreken?
Nou, interessant zeg!’


Ze zucht nog eens, pakt de krant en terwijl ze heem doorkijkt neemt ze een slokje van haar koffie.
‘Hm, een vrouwenochtend …
Thema: ‘Verwachten’.


Dat is lachen; verwachten.
Lieve help, wat heb ik nu nog te verwachten.
Een nieuwe baan?
Nou, dat zal er snel in zitten zeg, …  maar niet heus.
Er staan er al zoveel op straat.’


Ach,’ ze gooit de krant weer opzij, ‘eigenlijk is dit toch ook niets voor mij.
Alleen maar vrouwen …
Poeh hé.
Krijg je zeker ook al die verhalen over kinderen en luiers en hoe je het beste grasvlekken uit de kleren van je kids kunt krijgen.
Nee, echt niet, dat is niks voor mij.’


Toch pakt ze haar agenda …

‘Leeg …
Ja, natuurlijk is die leeg …
Ik heb eigenlijk ook niets te doen, zal ik dan toch  …’


En ze loopt weg.


De derde vrouw komt met haar jas in de handen het podium op.
Ze gooit haar jas op de stoel en zegt:

‘Zo, die zijn weer op school.’

Ze zucht eens diep en kijkt een beetje rond.

‘Wat nu?
Ja, weet u, we zijn net verhuisd, ja, niet zomaar verhuisd, maar van het ene land naar het andere.
Ik kom namelijk uit Brazilië, maar dat had u misschien al wel gehoord.


Ik vind het best moeilijk.
Mijn man is een Nederlander en door hem spreek ik al wel een wat Nederlands maar toch …


Echt veel contacten heb ik hier nog niet.
Ik moet de taal nog beter leren, we moeten nog een eigen gemeente vinden en ..
Ach, eigenlijk mis ik gewoon iedereen zo verschrikkelijk …
Mijn familie, onze vrienden, mijn vriendinnen.’


Ze gaat aan het tafeltje achter de laptop zitten; legt haar hand op de laptop en kijkt een beetje verdrietig voor zich uit.
Ze slaakt een diepe zucht en schenkt zichzelf een kopje koffie in; neemt een slok en doet langzaam haar laptop open.

‘Eigenlijk zit ik veel te veel achter dit ding, maar wat moet ik anders?
Alles is zo nieuw.
Ik ken nog bijna niemand.
Ja, de kinderen heb ik net wel naar school gebracht, maar al die vrouwen daar kennen elkaar al en die kletsen met elkaar, daar durf ik me niet zo goed in te mengen.


En de kinderen hebben ook nog niet echt vriendjes of vriendinnetjes.
Hè, bah, wat mis ik iedereen.


O, mam, kon ik maar even naar je toe, kon ik maar even met jou kletsen …’

Ze veert overeind.

‘Eens kijken of ze alweer een mailtje heeft gestuurd.
En dan even op facebook kijken, misschien heeft iemand wel wat leuks gepost, of Fabiënne  een nieuw recept, of …’


Nee, niets.
He, wat is dat?
Een mailtje van Willie Thomassen, dat is leuk.
‘Er is een Vrouwenochtend, thema ‘Verwachten’.


O, dat misschien is dat wel wat.
Andere vrouwen ontmoeten, nieuwe mensen leren kennen, en misschien, misschien …


Even omhoog kijkend.

‘O Heer, dank U wel, dit is misschien wel precies wat ik nodig heb.’

Haar gezicht leeft op,  ze gaat staan en legt de bladen op het tafeltje recht en pakt haar jas van de stoel.

‘Wie weet, misschien is dit wel ook een gemeente waar we ons thuis zullen voelen.’

En met een blij gezicht loopt ze weg om haar jas op te hangen.

 
Met de liederen ‘Stille nacht, heilige nacht’ en ‘Kom, laten wij aanbidden’, keren we weer even terug naar het kind in de kribbe, die het tenslotte allemaal mogelijk maakte, dat wij met al onze noden naar God toe mogen gaan en onze hulp van Hem mogen verwachten.

In het gedicht dat volgt, komen alle aspecten van  het verwachten, die deze avond centraal staan, voorbij.

Adam, Eva,
wat waren jullie verwachtingen
toen jullie leefden zo dicht
in Gods nabijheid.
Hadden jullie verwacht te zullen vallen
en verder te moeten gaan
in pijn  en strijd?


Abraham,
toen God jou een zoon beloofde,
had je toen verwacht
dat je zo lang zou moeten wachten?
En toen God van je vroeg
je zoon te offeren,
wat, wat ging er toen
om in  jouw gedachten?


En jij, David, man naar Gods hart.
Als jongen ben je tot koning gekroond,
maar pas na jaren van moeite en strijd
nam je plaats op de aan jouw beloofde  troon.
Had je verwacht, toen je nog op de schapen paste
en zo dicht leefde in de tegenwoordigheid van de Heer,
dat je leven zo moeilijk en zwaar zou zijn;
vol ups en downs, bergen en dalen, lof en hoon?


En jij, Maria, begenadigde,
gezegende vrouw onder de vrouwen,
wat was jouw verwachting
toen je Gods Zoon ter wereld bracht?
Hij zou de wereld redden,
maar dat Hij daarvoor
aan een kruis moest sterven,
had je dat ooit verwacht?

En wij? Wat verwachten wij?
Of hebben we geen verwachtingen meer?
Zijn we zo teleurgesteld, in God en mensen,
dat we niet meer durven hopen, durven geloven
in de liefde van de Heer?


Zie toch naar de wolk van getuigen
die God ons heeft gegeven;
zie hoe Hij deed wat Hij had beloofd.
Zie hoe Hij dwars door alles heen
tot Zijn doel kwam met hun leven.


Zijn wegen zijn hoger dan onze wegen
en Zijn gedachten hoger dan die van ons.
Vertrouw daarom, ook als je Zijn wegen niet verstaat.
Hij is betrouwbaar en rechtvaardig,
liefdevol, genadig en trouw.
Hij is het, die op alle wegen met ons gaat.


Laat Zijn kracht jouw sterkte zijn;
laat Zijn liefde en vrede
dagelijks je hart doorstromen.
En zie daarbij uit naar de dag
dat Jezus weer terug zal komen.


Dan genieten we tot aan de pauze van twee prachtige kerstliederen gezongen door Peter Lengams.
O, Holy night’ en ‘Face to face’.

Het is tijd voor de pauze en iedereen kan even de benen strekken.
 
 
In de hal is een uitgebreide tafel met allemaal producten uit Israël, en ook Marianne Glashouwer, onze spreekster van vanavond, had wat boeken meegenomen.
Onder het genot van een lekkere drankjes en allerlei verschillende hapjes kon men zo even rondkijken en gezellig kletsen.
De tijd gaat echter snel, en al gauw is het tijd om verder te gaan met de 2e helft van het programma.

Na het doorgeven van de opbrengst van de collecte, sprak Marianne Glashouwer over het ‘Chanoekafeest’, het feest van het licht.


Ze vertelde over het ontstaan van het feest en legde de link naar ons kerstfeest, wat ook een feest van het licht is, omdat de Here Jezus is geboren en Hij het Licht van de wereld is.
(Johannes 8:12)
In haar woord klonk opnieuw de boodschap door van hoop en verwachting, van uitzien naar wat komen gaat.
En ook, dat we in deze hoop niet beschaamd zullen worden.

De dag komt dat God onze tranen zal drogen; er zal geen dood meer zijn, geen rouw, geen verdriet, geen geween, geen moeite.
Daar mogen we naar uitzien.
Dat mogen we verwachten.

Als antwoord zongen we:

Jezus leeft in eeuwigheid,
zijn Shalom wordt werkelijkheid.
Alle dingen maakt Hij nieuw.
Hij is de Heer van mijn leven.

(Opwekking 71)

Vervolgens nam Peter ons hart mee in de hoopvolle verwachting die wij als Zijn kinderen mogen hebben met het lied ‘Er komt een dag’.  

Dan komen de vrouwen terug.
Eén voor één worden ze welkom geheten door de gastvrouw van de vrouwenochtend en ze nemen alle drie plaats aan hetzelfde tafeltje.
Ze schenken een kopje koffie in en pakken er een koekje bij.
Een beetje onwennig zitten ze bij elkaar.
Ze glimlachen een beetje naar elkaar en slaken af en toe een lichte zucht terwijl ze rondkijken.
Je ziet ze denken: wat doe ik hier eigenlijk?
De één neemt een slokje van haar koffie, de ander neemt een hap van haar koekje en ineens klinken er twee stemmen tegelijk:

‘Bent u hier al eerder geweest?’

Ze schieten beiden in de lach.

‘U eerst,’ zegt de ene vrouw tegen de andere.

‘Ik ben hier voor het eerst,’ zegt de vrouw.
Ik ben namelijk werkeloos.
Na vijf jaar trouwe dienst hebben ze me op straat gezet en ik zag deze advertentie en had toch niets beters te d…, eh, niets te doen.
Echt verwachtingen heb ik niet maar, maar ja, je weet maar nooit, hè.
En u?’


 ‘O, zeg maar jij hoor.
Ik kom hier niet vandaan; ik kom uit Brazilië.
Daar hebben we nog een tijdje gewoond, maar voor het werk van mijn man moesten we toen naar Nederland.
Ik woon hier dus nog niet zo lang en ken eigenlijk niemand.
En ik zag net als jullie de advertentie en dacht; misschien …


De vrouw kijkt naar da andere kant van de tafel, waar nog een vrouw zit.
‘En u?’, vraagt ze.

‘Tja, voor mij is het weer heel anders, hoor.
Ik ben mijn hele leven moeder en huisvrouw geweest en nu zijn mijn kinderen allemaal de deur uit; de laatste hebben we net vorig weekend verhuisd en eigenlijk loop ik een beetje met mijn ziel onder de arm.
Ik heb nooit gewerkt, tenminste, ja, voor ik ging trouwen natuurlijk wel, maar daarna nooit meer; buitenshuis hè,, bedoel ik.
En nu, nu weet ik eigenlijk niet zo goed wat ik moet.
Mijn kinderen wonen ver weg …’


De vrouwen kijken elkaar aan en dan zegt één van de vrouwen:

‘God heeft hier vast een bedoeling mee.
Eigenlijk kun je wel zeggen, dat we allemaal met een bepaalde verwachting hier naar toe gekomen zijn en moet je nu eens kijken.’
‘Het thema vanmorgen is ‘Verwachten’, maar volgens mij heeft God al een beetje laten zien wat er kan gebeuren als we het van Hem verwachten.
Laat we na deze ochtend met elkaar in contact blijven!


Verwachten.
De geboorte van de Messias.
Zijn hulp, leiding, trouw, liefde en zorg terwijl wij hier nog op aarde leven.
De wederkomst van de Here Jezus.
 

Bij de één zal het uitzien, het verwachten van de wederkomst van de Here Jezus meer leven dan bij de ander, maar bij het kleine meisje, dat inmiddels een oudere dame is geworden, leefde deze verwachting duidelijk in hoge mate.


 
Sipke vertelt:
‘Ik was nog een klein meisje en zat op school.
De lampen waren aan, want het was vrij donker  door het slechte weer.
Buiten waren donkere wolken, maar opeens was daar een kleine opening in de bewolking en een heldere, schitterende lichtstraal scheen door deze opening.
Het kleine meisje pakte haar spulletjes bij elkaar en legde het netjes haar tafeltje en ging vervolgens met haar armen over elkaar zitten wachten.
De juf begrijpt er niets van; ‘waarom ga je niet verder, meisje?’ vraagt ze.
‘Maar juf,’ was haar antwoord, ‘als de Here Jezus terugkomt, dan moet je toch klaar staan.’


Met de plotselinge lichtstraal door de donkere lucht, dacht Sipke als klein meisje dat de Here Jezus eraan kwam.
Nu ze oud is, weet zich niet meer te herinneren of ze teleurgesteld was dat het niet zo was, maar ze verwachtte Hem toen en ze verwacht Hem nu nog steeds.

‘Kom en ontsteek in ons een machtig vuur,
dat zal branden tot het laatste uur.
Zie, hoe uw schepping U verwacht;
maak ons gereed voor uw komst in de nacht.

Laat ons een volk zijn, dat U vreest,
vol van uw liefde, die wonden geneest.
Maak ons een leger, sterk in de strijd,
dat als een eenheid uw komst voorbereidt.

Kom, Jezus, kom wij verwachten U
Kom, Jezus, kom.
Kom, Jezus, kom wij verwachten U
Kom, Jezus, kom.

KOM, JEZUS, KOM!

Deze woorden zongen we aansluitend aan haar getuigenis;  is het ook werkelijk het lied van ons hart?
Verwachten wij Hem ook?

Het einde van het programma naderde.
Met een gouden en een rode vlag getuige Inge  al vlaggend van wie Jezus is op het lied ‘Mijn Jezus, mijn Redder’.
(Opwekking 461)

 
Ja, zonder Hem zouden we geen vooruitzicht hebben, geen hoop, geen verwachting.

Na het afsluitend gebed en een woord van dank aan een ieder die heeft meegewerkt, zingen we staande Hem de eer toe met het lied  ‘Ere zij God’.

Nog een laatste zegenbede klinkt:

Dat Zijn Licht mag schijnen
in je huis en in je hart.

Dat Zijn vrede neer mag dalen
in vreugde en in smart.

Dat Zijn Hoop je vooruitzicht mag zijn
in toekomst die wacht.

Dat Zijn Liefde mag zijn
je Bron van kracht.

En de zaal loopt langzaam weer leeg …

O, dat toch hoop en verwachting door deze avond (weer) mag zijn aangewakkerd.
Hoop op de toekomst die ons wacht, en Zijn hulp voor onderweg daar naar toe.
In Jezus ‘Naam.
In Jezus ‘naam.


 
Aan wie overwint, zal Ik van het verborgen manna te eten geven, en Ik zal hem een witte steen geven met op die steen een nieuwe naam geschreven, die niemand kent dan wie hem ontvangt.
Openbaring 2:17
(Eén van de teksten die op de presentjes stond)
 
 
Foto's: Evelien van Kempen
 




zondag 17 november 2013

Kerstavond voor Vrouwen 2013


D.V. dinsdagavond 10 december is er weer een Kerstavond voor Vrouwen in de Kandelaargemeente in Voorthuizen.
Woon je in de buurt, of heb je er wel een eindje rijden voor over, wees van Harte Welkom op deze mooie en speciale avond.

dinsdag 25 december 2012

His birth - Zijn geboorte



Klik voor het filmpje op de afbeelding
 
 
Zijn geboorte...
 voorzegd in oude geschriften

 Zijn geboorte ...
 een wonder dat een rijk zou bedreigen

 Zijn geboorte ...
 zou voortbrengen een revolutie van nieuw leven
en licht brengen in een wereld die gevuld is met duisternis

 Zijn geboorte ...
 veranderde de wereld voorgoed

 Zijn geboorte ...
 zou het grootste geschenk worden
 dat God ooit gegeven heeft

 Dat het wonderbaarlijke geschenk van Christus
je huis zal vullen met geloof
je hart met hoop
 en je leven met liefde
 
 
Jezus
Het kind in de kribbe
geboren in een stal;
de mens geworden Koning
die de wereld redden zal.

Jezus
Zijn leven was een leven
in alle eenvoud en dienstbaarheid;
Zijn liefde delend en gevend
vanuit een hart vol bewogenheid.

Jezus
Zoals Hij Zijn leven leefde,
is Hij en voorbeeld voor jou en mij,
opdat wij in Zijn voetsporen zullen treden
en leven zoals Hij.

Jezus
Het kind in de kribbe
werd de man aan het kruis;
zodat er voor jou en mij
een plaats is in het Vaderhuis.

Jezus
Hem volgen betekent
je leven neerleggen voor Hem;
Hem in alles gehoorzaam zijn,
luisteren naar Zijn stem.

Jezus
Het kind in de kribbe,
geboren in een stal.
Ja, Hij is de Koning der Koningen
die deze wereld verlossen zal.
 

maandag 24 december 2012

Heb je nog even tijd?

Nog even een klein vraagje voor het Kerst is en wij de geboorte van de Here Jezus herdenken.
 
 
Mag ik op deze avond
nog even gebruik maken
van de mogelijkheid
om je te vertellen
van de Here Jezus?
Misschien weet je het nog wel
van heel vroeger,
dat kindje in de kribbe,
geboren in een stal.

Weet je,
je hebt waarschijnlijk
alles al mooi versierd;
kaarsjes, kerstboom, slingers
en wat allemaal nog niet meer.
Je hebt je vast ook al uitgesloofd
in de keuken
en je bent reuze benieuwd
hoe iedereen het vinden zal.

Maar, wil je misschien heel even meekomen,
even bij dit alles vandaan?
Loop je even met me mee
dan gaan we samen naar die stal.
Dit kindje in de kribbe
is niet zomaar een baby,
maar is de Zoon van God,
die naar de wereld kwam
en haar redden zal.

Heb je nog heel even?
Ga je nog verder met me mee?
Dan lopen we door van de stal in Bethlehem
naar een tuin genaamd Gethsemané.
De man die je ziet, is het kindje uit de kribbe in die stal.
Hoor je de angst in Zijn stem,
zie je de bloeddruppels op Zijn gezicht?
“Vader! Mag dit aan Mij voorbij gaan?!
Het is Uw wil die geschieden zal!!”

Ik weet het, je wilt dit nu vast niet zien.
De geuren uit je keuken,
de stemmen in de kamer lokken;
maar toch, pak mijn hand
en ga nog even verder met me mee.
Deze worsteling doorstaat Hij voor jou en mij,
Hij weet welk lijden Hem te wachten staat,
dat Hij straks onschuldig wordt veroordeeld
en de kruisdood sterven zal.

Kom, we gaan nog even verder
van Gethsemané naar Golgotha.
Daar aan het kruis hangt De Man,
die eens was het kindje uit de kribbe in die stal.
Zie je Zijn doorboorde handen en voeten,
de wond in Zijn zij.
Misschien moeilijk voor je om te geloven,
maar Hij is werkelijk de Schepper en Koning van het gans heelal.

En deze Schepper van hemel en aarde,
deze Koning van het gans heelal
bleef niet dood, bleef niet in het graf.
Kom maar mee en zie hoe de steen is weggerold;
kom en zie, het graf is leeg.
Zie hoe Hij verschijnt aan de vrouwen,
hoe Hij Zijn littekens aan Thomas laat zien.
Zo ging in vervulling de profetie door God gegeven,
dat er Iemand zou komen die de wereld redden zal.

En jij?

Jij bent door Zijn hand geschapen,
Hij blies jou Zijn levensadem in.
Je bent voor Hem zo kostbaar, Hij heef jou zo lief,
je wordt door Hem zo bemind,
Hij wil niets liever,
dan dat jij gered wordt
en de weg tot de Vader vind.

Kijk deze kerst eens voorbij de lichtjes,
de versieringen, het eten, het gezellig samenzijn.
Ga deze Kerst ook eens de weg
van de kribbe naar het kruis.
Hij wacht daar in liefde en ontferming,
vol genade op een ontmoeting met jou.
Hij wil jouw naam schrijven in het Boek des Levens,
je een plaats bereiden in het eeuwig Vaderhuis.

donderdag 13 december 2012

Kerstavond voor Vrouwen 2012 - 'Sta op en schitter!'


Terwijl de muziekgroep nog wat aan het oefenen was, komen de eerste gasten binnen.
Werden ze vorig jaar opgewacht door een paar Romeinse soldaten, dit jaar stonden er weer een flink aantal mannen voor hen klaar om hen mee te nemen naar de koffietafel en vervolgens naar de zaal om een plaatsje te vinden.
Het is een prachtig gezicht om zo al die vrouwen te zien aan de armen van deze mannen.
Het begin van de avond krijgt op deze wijze al een heel bijzonder tintje.
De zaal loopt vol en dan is het 20.00 uur, de avond kan beginnen.


Ontmoedigd en hongerig zwerven er mensen in het rond.
De één kijkt omhoog, de ander staart onafgebroken naar de grond.
De wereld hult zich in een steeds dieper wordende duisternis;
steeds meer wordt vergeten, dat er Een Licht in dit duister is.

Kerst komt weer dichterbij.
Nog slechts hier en daar klinkt de boodschap,
van het Kind dat is geboren
en de Zoon die ons is gegeven.
Hij is de Vredevorst
en Brenger van nieuw leven!

Jezus, Licht van de wereld, Immanuël!
Zijn  Licht schijnt over onze aarde.
Hoor hoe Zijn woord nog klinkt:
‘Sta op en Schitter;
je bent kostbaar en van onnoemelijke waarde!
Ik ben voor jou gekomen
legde over jou Mijn luister
en Mijn heerlijkheid.
Hoe donker ook de wolken ook zijn,
hoe duister alles om je heen,
in Mij en door Mij,
wordt nieuw leven werkelijkheid.

Jezus, Licht van de wereld, Immanuël.
Het Kind dat is geboren,
de Zoon Die aan ons is gegeven.
Door Hem kunnen wij opstaan en schitteren,
want Hij geeft ons een nieuw leven.

Met de bovenstaande woorden werd de avond geopend, waarna we de gehele avond in de handen van de Heer legden.
Als daarna de muziek begint te spelen, zingen we samen twee heerlijke kerstliederen; ‘Licht in de nacht’ en ‘Immanuël’.
Ja, Het Licht kwam in de nacht, Immanuël kwam; God, in mensengedaante, het Licht van de wereld.
Dan wordt het stil.

Ineens komen er overal uit de zaal vrouwen aangelopen met dozen waarop allerlei woorden staan in hun handen.
Ze lopen naar het podium en zetten de dozen daar op de tafel neer.
De woorden ‘minderwaardig, echtscheiding, eenzaamheid, afwijzing, verdriet, ziekte, wanhoop, teleurstellingen onzekerheid, depressie, verlaten, financiële zorgen en onvervulde kinderwens,  staren ons aan.

Terwijl al die vrouwen de dozen naar het podium brachten, komt er van achteruit de zaal een jonge vrouw aangelopen.
Haar gezicht staat somber; verdriet ligt in haar ogen.
Op haar schouders ligt een juk met een paar dozen vol last eraan.
Langzaam loopt ze naar voren; ze kijkt naar al die woorden  en ze verschuift nog eens haar eigen juk.
Opeens klinkt er een Stem:
 
‘Sta op, mijn liefste, sta op!
Al te lang beweeg je je in de schaduw.
Te lang bleef je verborgen.
Twijfelend tussen waarheid en leugen,
tussen duister en licht.


Sta op, mijn liefste, sta op!
Als jij loslaat, houd Ik je vast.
Als jij loslaat, ben je werkelijk vrij.
Als jij laat gaan...
vind je Mij.’

De jonge vrouw luistert, maar schudt haar hoofd en loopt langzaam weer weg; het juk op haar schouders meetorsend.

De muziek begint weer te spelen: ‘Jezus, Gods heerlijkheid verschijnt, Eer zij God in onze dagen’.
Och, zo’n schril contrast, de Heerlijkheid van God die is verschenen, het loven van Zijn Naam en het beeld van de jonge vrouw met het juk op haar schouders nog op het netvlies.

‘In die tijd kondigde keizer augustus het besluit af dat iedereen in zijn wereldrijk zich moest laten inschrijven.’
De zo bekende woorden uit het Lucasevangelie worden voorgelezen.

‘Toen ze daar waren, was het de tijd dat het kind geboren moest worden.
Maria bracht een Zoon ter wereld, haar eerste.
Ze wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voederbak, want er was in de herberg geen plaats voor Hen.
… Vandaag is in de stad van David uw Redder geboren: Christus, de Heer.
En ineens was er bij de engel een hele menigte andere engelen uit de hemel, die allemaal God loofden:
      ‘Eer aan God in de hoge hemel en vrede op aarde voor de mensen die Hem lief zijn.

Want een Kind is ons geboren,
een Zoon is ons gegeven,
en de heerschappij rust
op Zijn schouder.
En men noemt Zijn Naam
Wonderlijk,Raadsman,
Sterke God,
Eeuwige Vader,
Vredevorst.’

De woorden van de proclamatie uit Jesaja 9:5 klinken nog na in onze oren als we opnieuw een aantal liederen zingen.
‘Stille nacht, heilige nacht.
Hoor, de engelen zingen d’ eer!
Komt, laten we aanbidden, die Koning!’

De jonge vrouw komt opnieuw de zaal binnen.
Een duister figuur achtervolgt haar als een schaduw die aan haar vastgeketend zit.
De boze, die ons het leven zo graag nog moeilijker maakt.
Opnieuw bekijkt de vrouw de woorden, terwijl de boze om haar heen sluipt en haar als een kille wind omgeeft.

Opnieuw is daar De Stem:

‘Zo lang geleden heb Ik je gemaakt, en bestemd.
Ik heb in jou een bestemming gelegd.
Gaven en talenten, zoveel prachtigs, zoveel moois.
Maar weet je, Mijn kind,
er is er één, die niet wil dat jij zo mooi bent.
Er is er één, die niet wil dat jij bloeit.
Vol van jaloezie,
van haat en venijn,
weerstaat hij Mijn grote liefde.’

‘Slaap, kindje, slaap,
daar buiten loopt een schaap.’

Heel zachtjes zingt de boze en wil de jonge vrouw slapende houden; doof maken voor de woorden van God.
Het is hem er alles aan gelegen dat zij niet wakker wordt.

Nee, Mijn kind, Ik roep je wakker,
Ik roep je wakker.
Maar zeg je Mij:
Laat mij maar slapen, van mij hoeft het niet meer.
Als ik slaap hoef ik even niet te voelen, hoef ik even niet te zijn …

En zoals het zo vaak in ons leven is, worden Gods woorden opnieuw verdrongen door de boze met zijn: ‘Slaap, kindje, slaap'.
Maar God laat ons niet zomaar gaan, laat ons niet zomaar los.
Hij gaat verder:

… en langzaam is het gedoofd.
   In slaap gevallen lijkt het voorgoed geroofd.
  Even wordt je wakker en schreeuw je het uit in je pijn:

De jonge vrouw wordt als het ware even wakker uit haar verdoofde houding en schreeuwt het uit:

‘Heer, wat er ooit was in mij is gestorven!
Als U er was geweest, dan, dan was het niet gestorven!

‘Maar, lief kind,
 Ik laat jou niet slapen.
Mijn liefde voor jou is zo sterk,
sterker dan de dood.
Mijn hand strek Ik naar je uit,
het is niet werkelijk dood;
het ligt slechts te slapen.

Maar de jonge vrouw ziet de hand van God niet, en loopt opnieuw moedeloos en met haar zware juk weg.

De liefde, die God de Vader voor ons allemaal heeft, komt diep binnen als het lied ‘My Beloved – Mijn Geliefde’ van Kari Jobe klinkt.
Op de beamer worden de belangrijkste woorden uit het lied in het Nederlands geprojecteerd.
Als het ware getrokken door de klanken van de muziek en de liefdevolle woorden, komt de jonge vrouw toch weer te voorschijn.
Weer kijkt ze naar de woorden en hulpeloos kijkt ze in het rond.
En opnieuw klinkt daar De Sem:

Ik heb wat je nodig hebt;
jij blijft maar zoeken.
Ik heb met Mijn leven betaald;
jij blijft maar werken.
Was Mijn bloed niet genoeg?
Je hart voelt leeg en je ziel gewond
en je vraagt je nog steeds af: waarom?

Kom aan de voet van Mijn kruis en kijk omhoog.
Het is Mijn liefde voor jou die Mij hier bracht.
Ik kom van zo ver om jou te vinden.
Geef Mij je hart,
het geeft niet hoe gebroken het is.
Mijn sterven geeft jou leven;
verlies je leven nu, aan Mij.

Als God zegt; ‘Kom aan de voet van Mijn Kruis en kijk omhoog’, gaat haar blik omhoog naar het Kruis wat boven de dozen met woorden hangt.


De wanhoop ligt in haar ogen, maar nog, nog kan zij het niet pakken en hoofdschuddend en een hart vol pijn en verdriet, loopt ze opnieuw weg, bij het kruis vandaan.

Het leven gaat door, de wereld draait door.
De collecte en de pauze komen.
En gaan …
Een prachtig bedrag mochten we ophalen en gaan weggeven aan evangelisatiedoeleinden als Alpha Nederland en de Stichting ‘Stands 4 ever’.

Dan verhuisd het hele tafereel weer.
Van collecte en pauze zitten we ineens bij de kapper.
Een boerenvrouw komt binnen en ploft neer op de stoel.
Haar verschijning is hilarisch en iedereen ligt dubbel van het lachen.

Ach, is het in het leven niet ook zo; een lach en een traan?
Staat voor de één de wereld niet stil, terwijl het verder allemaal gewoon doordraait?

De boerenvrouw komt voor de feestdagen nog snel even haar haar laten doen en verteld ondertussen honderduit over haar man en drie zonen: Sjors, Sjoerd en Sjimmy.
Naar haar man waren ze vernoemd, naar Sjefke.
Al gauw blijkt dat ook zij toch ook wel met vragen en dingen zit.
Ze verteld de kapster dat ze naar een Kerstavond voor Vrouwen is geweest, maar dat ze eigenlijk met dat thema “Sta op en Schitter’ toch niet veel kon.
Moest je maar eens naar haar kijken, hoe ze eruit zag.
Haar lijf leek wel de kerstboom en haar haar de piek, en eigenlijk kon ze toch ook niet bijzonders.
Ja, alleen koken, dat kon ze als de beste.
Ze beantwoorde de vraag van de kapster of ze in God gelooft, bevestigend, waarop de kapster zegt , dat ze daarmee wel een koningskind is en dus heel waardevol; dat het voor God helemaal niet uit maakt wie of wat je bent.
En dat zij met haar kookkunst juist weer wat kan betekenen.
De vrouw is blij verrast en veert helemaal op.
Tjonge dat is toch wat.
‘Een Koningskind, zegt ze.
Oh, zegt ze, dan ga ik met kerst voor heel mijn gezinnetje een heerlijke prachtige maaltijd maken.
‘Hi, hi’, zegt ze, ‘dan ben ik niet alleen een koningskind, maar ook nog een keukenprinses.’
Inmiddels is de kapster klaar met haar haar en met opgeheven hoofd gaat de vrouw naar huis.
 

Nog nagenietend van deze bijzondere vrouw gaan we weer verder en zijn we weer terug bij de dozen met al die woorden.
Terug bij de eenzaamheid, afwijzing, verdriet, echtscheiding en noem maar op.

Maar de spreekster neemt ons weer bij de hand en leidt ons bij die woorden vandaan en brengt ons terug bij het opstaan en schitteren.

‘Je mag gezien worden!
Sta op en schitter en laat je licht schijnen zodat iedereen het ziet.
Je mag gezien worden!
Want de heerlijkheid van de Heer is over jullie allen!
Je hebt alle reden om op te staan; je hebt alle reden om te voorschijn te komen.
Je hoeft je niet langer te verbergen.
Je mag er zijn!
 
Van Adam, die zijn van God gekregen glorie verspeelde door zijn ongehoorzaamheid en daarmee zijn licht verloor, komen we via het woord glorie bij Jezus.
Glorie, wat in het Hebreeuws een beeld is Zijn rustende, zegende hand op de deur van een huis, maar ook herstel.
God, die in Zijn Zoon Jezus naar deze wereld kwam om de mens te herstellen en Hij geeft iedereen de mogelijkheid om tot herstel te komen.
God geeft de  mogelijkheid en het is aan een ieder van ons om daarop te reageren met een bewuste keuze van het wel of niet aanvaarden van Zijn verlossing.  

Velen van Zijn eigen volk wilden Hem niet geloven en de Farizeeën waren woedend op Hem.
Maar Jezus kwam om een blijde boodschap te brengen onder Zijn volk; om gebroken harten van verdriet en ellende te genezen en gevangenen vrij te zetten en niets kon Hem daarvan weerhouden.

De vrouw uit Lucas 13 werd door Hem bevrijd.
18 jaar lang was zij ziek, kon zij niet rechtop lopen, omdat de satan haar gevangen hield.
Hoewel zij een gelovige vrouw was, was dit mogelijk omdat zij nog niet wederom geboren was.
Jezus had Zijn werk op Golgotha nog niet volbracht.
Maar God had haar op het oog, niets is immers voor Hem verborgen!
Hij riep haar bij Zich en zei: ‘Vrouw, u bent van uw ziekte verlost!’

Hij legde Zijn handen op haar en Zijn glorie, Zijn herstel, Zijn heerlijkheid kwam over haar!
En meteen begon ze God te loven en te prijzen.
Ze opende haar hart, reageerde op Zijn woorden.

Hij wil Zijn zegende handen op de deur van ons leggen, maar wij moeten opendoen.

Er kunnen vele oorzaken zijn waardoor wij gebukt gaan door het leven – drugs, alcohol, internet, echtscheiding etc. – waardoor de duisternis lijkt te winnen.

Sta op, mijn kind:
De duisternis is om te gaan liggen,
maar wanneer het Licht over je komt
is het tijd om op te staan.
De duisternis is om te slapen,
maar licht om te schijnen.

Maar mijn licht is uitgegaan,
ik schitter niet meer.
Al mijn sterren zijn gedoofd,
mijn vrede en blijdschap zijn weg geroofd.
De moed ontbreekt mij om op te staan
en ik roep het uit naar de Heer,
want de Heer ziet al mijn pijn en verdriet
en mijzelf verlossen kan ik niet.

Nee, onszelf verlossen kunnen we niet.
Maar Jezus wel en Hij wilt ons verlossen!
Open de deur van je hart en laat Hem binnen.
Laat je huis verlicht worden door Zijn aanwezigheid.
Laat je opnieuw bekleden met Zijn heerlijkheid.
Hij wil je herstellen.

Sta op en schitter, want Zijn heerlijkheid is over je!

En we zongen het uit: ‘Geef ons een lofgewaad, Heer’ en ‘U gaf aan mij Uw vreugdeolie’.

Als de klanken van deze liederen wegebben komt er een prachtige vrouw het podium op.
Zij straalt Zijn glorie uit; het kleed, Zijn lofgewaad ligt over haar schouders.
Ze geeft haar getuigenis en vertelt hoe Hij haar leven heeft hersteld.
‘Sta op en schitter’ staat voor haar voor groei.


Groei, ik ben geboren voor groei.
Voluit sprankelend, als een levendig kind.
Met stralende ogen, en zo liefdevol bemind.
Passie voor Jezus kleurt mijn karakter rood.
Leidend lijden uit de dood.
En ik Sta op!
Uitbundig nieuw leven, mij gegeven.

Als 5-jarig meisje had ze besloten niet te bestaan; als tiener nooit meer te huilen, maar groei in relatie tot haar hemelse Vader kwam daarvoor in de plaats.
Door Zijn Zoon raakte God haar aan, waardoor zij weer tot leven kwam en stralende ogen kreeg, omdat zij Zijn liefde kon ontvangen en ook Hem lief kan hebben.
Daar waar zij niet meer wilde leven, gaf Hij haar de keus; het is duidelijk welke keus het is geworden.

‘Sta op!
Uitbundig nieuw Leven,
mij gegeven,
tot Zijn eer en glorie!!

Dan wordt het licht gedimd en de eerste zachte klanken van het lied ‘In Jezus’ Naam’ komen op.
 

En terwijl we luisteren naar het lied, danst zij de woorden uit met de stralende ogen van een kind dat zich zo liefdevol door Hem weet bemind.

Als de klanken van het lied weggestorven zijn, geeft een korte stilte ons even de tijd om alles tot ons door te laten dringen.
Gewoon even een kort moment van stilte die vervolgens weer wordt verbroken door het de muziek van het lied ‘King of Kings’.


En met de muziek komen er van achteruit de zaal een hele groep mannen aan die als een golvende zee baldakijnen dragen.
Voor in de zaal blijven zij staan terwijl de muziek doorspeelt.

Dan verschijnt daar de jonge vrouw.
Het juk draagt zij niet meer op haar schouders en haar kleding is ook niet meer grauw en kleurloos, maar veranderd in een prachtig bruidsgewaad.
Als een prachtige, stralende bruid schrijdt zij naar voren onder de baldakijnen door tot aan de dozen met al die negatieve woorden met daarboven het kruis.
  
  
Onder het lied heft zij het juk op en op het moment dat de woorden ‘I lay my all before You now’ gezongen worden, legt zij haar juk neer voor het kruis en haar gebogen houding is verdwenen.
Rechtop en fier, stralend en schitterend, staat zij voor het kruis.
‘Your Majesty, I can but bow’ en ze knielt neer.

Als het weer stil geworden is klinkt opnieuw de stem:

Wees nu vrij!
Sta op en schitter!

De vrouw staat op en de stem gaat verder:


Deel van het Licht dat Ik wil zijn in jou.
Deel van Mijn liefde, deel van Mij!
Sta op en schitter, kind van het Licht
en Mijn Naam zal verheerlijkt worden
door wie jij bent
in Mij.

De jonge vrouw loopt op de dozen toe en terwijl we met elkaar zingen ‘Amazing Grace – my chains are gone’ draait zii alle dozen om en andere woorden verschijnen.
Ze scheurt ook ‘de last’ van de dozen van het juk af

‘Liefde, Begrip, Kostbaar, Geliefd, Overvloed, Gezien, Genade, Vergeving, Hoop, Vrede, Vreugde, Blijdschap, Genezing, zijn de woorden die ons nu tegemoet komen.

Nee, het is niet zo dat als wij God nu maar leren kennen, Jezus aannemen als onze verlosser en Heiland, dat alle problemen weg zijn en al onze omstandigheden anders.
Nee, maar wij zijn wel veranderd en kijken nu anders tegen de dingen aan en we hoeven het ook niet meer alleen te doen.

Dan is de avond voorbij, maar de boodschap blijft!
Met een dankbaar en vreugdevol hart mogen we de avond afsluiten en verdergaan onder het schijnsel van Zijn Licht, Zijn heerlijkheid.

‘Sta op en Schitter!
Zijn Licht is gekomen.
Over jou
schijnt de luister
en de heerlijkheid
van de Heer.

Schudt het stof
van je af.
Laat Zijn Licht schijnen
door jou heen
tot Zijn glorie en eer.

- Amen –

Wat kunnen we dan nog anders doen dan vol eerbied en heilig ontzag, staande zingen:

Ere zij God!
 

 

Kerstavond voor Vrouwen 2012
‘Sta op en Schitter’
Gemeente ‘De Kandelaar’
Voorthuizen

Mijn (onze) dank is naast, allen die op de één of andere manier hebben meegewerkt, ook aan Renate Groenevelt en Yvonne van ‘Only Words’
Van hen zijn de gedichtjes die (met medeweten van hen) door het programma heen gebruikt zijn.

Renate Groenevelt:
Sta op!
Sleeping Beauty

Yvonne:
‘Sta op en Schitter!’

Tjitske Meijer – His word stands 4 ever

Carolina Lanting - b-expressive
* ‘In Jezus naam’

** King of Kings

**Amazing Grace/My chains are gone

De gedichtjes bij aanvang en afsluiting van het programma zijn van mijn eigen hand en binnenkort ook terug te vinden op mijn gedichtensite ‘Words of my heart’.

(Helaas kan ik niets doen aan de reclamefilmpjes die vooraf gekeken moeten worden, dat is even doorbijten en overheen kijken)