Posts tonen met het label ouder-worden.... Alle posts tonen
Posts tonen met het label ouder-worden.... Alle posts tonen

maandag 10 maart 2025

Alleen ...

Gedachten bij Hoofdstuk 8 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.


Het is bijna een jaar geleden dat ik wat schreef n.a.v. dit boekje.
En opnieuw moet ik bekennen dat ik het wel een paar keer in mijn handen heb gehad, maar dat ik niet wist wat ik toch met het volgende hoofdstukje aan moest, en ja, dan blijft het liggen.
Soms bekroop me ook het gevoel dat ik misschien maar beter niet met dit boekje had kunnen beginnen, zo oud was en ben ik immers nog niet, en toch …
Ik vind het gewoon fijn om dingen te lezen en er al schrijvend over na te denken.
En, laten we eerlijk zijn, wat nu niet is, kan nog wel altijd komen, en dan is het nooit verkeerd om alvast eens over bepaalde dingen nagedacht te hebben.

Het hoofdstukje voor deze keer gaat namelijk over alleen zijn; hetzij doordat je geliefde is overleden, of omdat je nooit getrouwd bent geweest.
En ja, daar liep ik nu tegenaan.
Ik ben geen weduwe, noch weet ik wat het is om alleen ouder te worden zonder ooit getrouwd te zijn geweest.
Dus hoe zou ik hier ooit iets over kunnen zeggen?
En zo kan ik dus ook op de vragen en de te overdenken gedachten en ideeën geen antwoord geven.
Toch besluit ik om er niet meer voor weg te lopen, want al kan ik niet schrijven vanuit ervaring, ik kan wel in eigen woorden iets delen van wat de schrijfster zegt in dit hoofdstukje, als ook enkele Bijbelteksten die zij geeft, en een mooi citaat,
En misschien kan één van mijn gedichten, ook al zijn ze niet geschreven vanuit ervaring, toch tot troost en bemoediging zijn. 


Jesaja 46:4 
‘Tot uw ouderdom toe zal Ik Dezelfde zijn, 
ja, tot uw grijsheid toe zal Ík u dragen;
 Ík heb het gedaan en Ík zal u opnemen,
Ík zal dragen en redden.’


Van de schrijfster (beknopt en in eigen bewoordingen):
‘Alleen zijn; degene die je lief en dierbaar was is er niet meer, voorbij is het samenzijn en alles wat daarbij hoort.
Nooit getrouwd; maar met het ouder worden, het minder kunnen, het wegvallen van mensen om je heen …, kunnen leegte en stilte je aangrijpen, en je doe afvragen naar de zin van het leven.
En ze wijst op de zegen van het door de jaren geleerd hebben van je openstellen voor wie God op je pad bracht en gesloten en onderhouden vriendschappen.
Hoezeer heeft een mens dit vooral niet nodig als je alleen komt te staan.
Maar ze wijst er ook op dat het nooit te laat is om er anders als nog mee te beginnen als je er voor die tijd geen kans toe hebt gehad.
De mooiste bemoediging vind ik in het laatste dat ze schrijft:
‘Maar blijf bovenal de God van de weduwen en de wezen zoeken, Die jouw lege handen vult met Zijn genade en volheid.’

Psalm 68:5-7
‘Zingt Gode, psalmzingt Zijn naam … Hij is de vader der wezen en de rechter der weduwen,
God in zijn heilige woning; God, die eenzamen in een huisgezin doet wonen, …’

Psalm 37:25 
‘Ik ben jong geweest, ik ben ook oud geworden, maar ik heb de rechtvaardige nooit verlaten gezien, of zijn nageslacht op zoek naar brood. De hele dag ontfermt hij zich en leent uit, en zijn nageslacht is tot zegen.’


Wees maar niet bang!

Nu ben ik alleen.
Mijn huis is leeg.
Geen stem weerklinkt.

Voelbaar is de stilte.
Tastbaar de leegte.
Kwetsbaar de eenzaamheid.

Geen luisterend oor.
Geen arm om mij heen.
Geen warm kloppend hart.

O Heer, het valt mij zo zwaar.
Het alleen zijn, de eenzaamheid.
Het drukt zo op mij neer.
Ik mis zijn stem,
zijn gelach en zijn gemopper.
Alles, alles is nooit meer.

Nooit meer.
Nooit meer.
Wat doen deze woorden pijn.
Nooit meer.
Nooit meer.
Niets zal ooit nog hetzelfde zijn.

Lieve Vader in de hemel,
neem mij toch in Uw armen.
Draag mij waar ik niet kan staan.
Vul mijn hart
met Uw erbarmen.
Zonder u kan ik
alleen niet verder gaan.

‘Mijn lieve kind,
wees maar niet bang.
Want Ik ben altijd bij je.
Kijk maar niet angstig rond,
want Ik ben jouw God.
Ik zal je sterk maken.
Ik zal je helpen.
Ik zal je ondersteunen.
Ik ben je behoud.
Want IK, de Heer,
ben jouw God,
Ik sta jou terzijde.’


Jesaja 41:10,13
'Wees niet bevreesd, want Ik ben met u, wees niet verschrikt, want Ik ben uw God.
Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met Mijn rechterhand, die gerechtigheid werkt.
...
Want Ik ben de HEERE, uw God, Die uw rechterhand vastgrijpt
en tegen u zegt: Wees niet bevreesd, Ik help u.'

vrijdag 15 maart 2024

De kracht van vergeving ...

Gedachten bij Hoofdstuk 7 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.







‘Bij vergeven gaat het niet over de ander maar over jou.
Het is loslaten van de last die je met je meedraagt.’

Dalai Lama
(citaat uit het boekje)

Een hoofdstukje over vergeven; over de kracht van vergeving.
Al meerdere keren heb ik het boekje met dit hoofdstukje in handen gehad, en steeds weer legde ik het weg, want ja, wat moest ik hier nog over schrijven?
Wat ik tot nu toe er over te ‘zeggen’ had, heb ik reeds gezegd, dus … wat moet ik dan nog, vroeg ik me af.
Tot ik voor mezelf besloot dat ik het dan ook mag houden bij wat ik er reeds over geschreven heb.
En zo beperk ik mij bij dit hoofdstukje tot een paar hoofdlijnen uit de stukjes en geef onderaan de linken naar de stukjes/gedichten waar de hoofdlijnen uit voortkomt.
Dat ze jou net zo tot nadenken mogen stemmen als ze mij deden, als ook helpen in het vaak zo moeilijke proces van vergeven.

‘… maar wees ten opzichte van elkaar vriendelijk en barmhartig, en vergeef elkaar, zoals ook God in Christus u vergeven heeft.’
Ef. 4:32

‘En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij onze schuldenaren vergeven.’
Matth. 6:12

Vergeven
Vergeven is vaak niet één van de makkelijkste dingen.
En hoewel de woorden ‘Vergeven en Vergeten’ veelal in één adem worden genoemd, is het zoals met de meeste dingen makkelijker gezegd dan gedaan.
En toch is vergeven één van de belangrijk(st)e dingen die we hebben te leren.
Het is inmiddels jaren geleden dat ik deze belangrijke les heb geleerd.
Nee, niet dat vergeven voor mij nu iets makkelijks is, beslist niet, het is nog steeds vaak een (soms lang) proces, maar ik heb wél geleerd hoe belangrijk het is om te doen.

Loslaten
Tineke haalt in dit hoofdstukje Lucas 6:37 aan, waar in sommige vertalingen vergeven anders wordt verwoord, namelijk met ‘Laat los, en u zult losgelaten worden'.
En dat is wat vergeven voor mij persoonlijk ook eigenlijk inhoudt; het 'wat mij is aangedaan, -hetzij in woorden of in daden', loslaten in Zijn handen, zodat Hij ermee kan doen wat er mee gedaan moet worden, en dat zet mij vrij.
‘Heer, ik vergeef …; ik leg het -laat het los, in Uw handen.’
Steeds weer opnieuw, zo vaak als het nodig is.
Voor mijzelf betekent dit tot ik ervaar dat de angel eruit is; niet allerlei gevoelens van scherpe pijn en boosheid in mij opkomen.

Ik ben meer vergeven dan …
Maar wat mij bovenal geholpen heeft in het leren vergeven, is het lied 'Mercy' van Laura Woodley Osman, en dan met name de eerste twee zinnen van het refrein:
Because …   
‘I’ve been forgiven of more
Than I could ever be angry for

Instead of judgement
I choose mercy.’

Oftewel:
God heeft mij meer vergeven dan
dat ik ooit ergens boos over kan zijn.

In plaats van veroordelen
kies ik voor genade.

Het nadenken over deze woorden, als ook het gedicht dat ik erover schreef, hebben mij echt geholpen, en helpen mij nog steeds bij en in elk proces van ‘Vergeven’. 


Citaat
In het boekje staat ook nog een citaat waarvan de schrijver onbekend is, maar dat denk ik alles zegt waarom vergeven zo belangrijk is, namelijk:
‘Als ik iemand vergeef, wordt de ander daardoor niet gerechtvaardigd, maar word ik er wel door bevrijd.’
En is dat is wat met vergeven om gaat, wat het belangrijkste is, dat ik er door word bevrijd.
Nee, het praat niet goed wat de ander zei of deed, maar het zet mij vrij.
Want met niet vergeven hebben we uiteindelijk alleen onszelf.
Voor mijzelf kan ik het het beste omschrijven als 'iets dat mij van binnen opeet, en mij van mijn vrede en vreugde beroofd'. 
En dat brengt mij bij het laatste puntje.

Bolwerken
Ik moest ook nog ergens anders aan denken, namelijk aan onvergevingsgezindheid als een bolwerk.
Even wat gedachten ...
Als ik niet wil vergeven, dan woekert mijn onvergevingsgezindheid in mijn hart en gedachten voort, het gaat mij meer en meer beheersen, en alle gevoelens van boosheid en verdriet worden groter en sterker, en uiteindelijk ontstaat er bitterheid, en als we dat zijn gang laten gaan, ontneemt het ons alle levensvreugde en vrede.
En dit is de manier waarop bolwerken ontstaan.
Het begint vaak ‘klein’, maar het groeit uit tot iets groots als we er niets aan doen.

Een klein zaadje viel onopgemerkt
ergens neer in mijn tuin.
Het ontkiemde, groeide
en kwam voorzichtig tevoorschijn.

Al denkend dat het geen kwaad kon,
liet ik het kleine plantje staan.
Zo groeide het verder en het leek
een leuk boompje te zijn.

Toch, met het verstrijken van de jaren
ontnam het meer en meer datgene
wat de andere plantjes nodig hadden
en zij verdwenen volledig uit het zicht.

Ik vroeg mij af: moest het boompje soms weg?
Ach, dacht ik, het kan nog wel.
Gewoon even wat nieuwe plantjes
en tevreden keek ik naar wat ik had verricht.

Maar op een dag
bleef het donker in mijn huis.
Het boompje was nu een boom
en had al het licht in mijn huis ontnomen.

Nu moest de boom toch echt verdwijnen
en dat had heel wat voeten in de aarde.
Beetje bij beetje werd hij in stukken gezaagd
en door de tuinman meegenomen.

Verdrietig bedacht ik mij dat ik het boompje
eerder weg had moeten halen.
Maar ik heb een nieuwe kans,
dacht ik, bij het naar binnengaan.

Weer terug in mijn huis werd ik begroet
door een zee van licht en warmte.
Ik keek naar buiten
en zag de zon weer aan de hemel staan.                         

Een bolwerk begint maar klein
en je denk misschien;
ach, hoe erg kan dat zijn.
Maar voor je het weet
ontneemt het op Hem je zicht
en moet er voor het weg is
heel wat werk worden verricht.

God heeft ons
de juiste middelen gegeven
om bolwerken te beslechten
in ons leven.
Wees krachtig en sterk in de Heer;
trek Zijn wapenrusting aan.
Zo kun je als de boze komt,
met al zijn listen en bedrog,
fier en sterk blijven staan.

(Uit: Bolwerken van In rust met U - Zie link onderaan)


Zijn er nog mensen die we niet hebben vergeven, of zijn er nog dingen die we onszelf niet kunnen vergeven?
Best belangrijk om onze gedachten daar eens over te laten gaan.

👉 Gewoon doen!

👉 Bolwerken

donderdag 13 april 2023

Een krachtig voorbeeld

Weer een prachtig verhaal uit de Oppepper van deze week.

'Er was daar ook een vrouw die Anna heette. Nu was ze een oude vrouw van ongeveer 84 jaar. Ze was alle dagen in de tempel. Ze diende God dag en nacht en bad zonder ophouden.'
Lukas 2:36-37

Een dominee had onder de meest regelmatige bezoekers van zijn kerk een oude vrouw opgemerkt.
Ze was er altijd, kwam altijd op de juiste tijd, en was er dan met haar hele hart bij.
Toch zei ze nooit wat en niemand wist eigenlijk wie ze was.
En dus besloot de voorganger haar eens op te zoeken.
Wie schetst zijn verbazing toen hij uitvond dat het arme vrouwtje zo doof was als een kwartel en geen enkel woord kon horen?
Door middel van een notitieblokje kon hij met haar communiceren en zijn eerste vraag was: "Waarom bent u altijd in de kerkdienst, terwijl u er niets van kunt horen?”

"O, mijnheer," antwoordde zij vol warme genegenheid, “Dit is toch zeker het huis van mijn Vader?
Ik ben er zo graag want Hij is zo blij om me daar te zien.
Hij ontmoet mij in Zijn eigen heiligdom, en in de geest kan ik deelnemen aan het gebed en de lofprijzing.
Het is waar dat ik uw woorden of die van anderen niet hoor, maar Jezus fluistert mij voortdurend van alles toe.
Ik hoor Zijn liefdevolle stem, ik voel Zijn armen om mij heen, en mijn hart is zo blij en gelukkig omdat ik Hem daar mag ontmoeten en Hem samen met u kan eren.
Ik kan nog maar weinig doen voor het koninkrijk van mijn Verlosser, maar ik kan nog steeds proberen om anderen te beïnvloeden en het goede voorbeeld te geven door de kracht van een nederig en ernstig leven.
Zelfs dit zal spoedig voorbij zijn, maar wat heb ik te verliezen?
Mijn Meester vergat ons arme zondaars niet in Zijn laatste uur van diepste lijdensweg; en zullen wij moe worden van een juk zo licht als het mijne en zou ik het opstandig afwerpen voordat mijn laatste uur gekomen is?"

De dominee was diep onder de indruk van haar oprechte en warme geloof.
Wat een krachtig voorbeeld was deze oude vrouw, die ondanks haar gebreken in de vreugde van God leefde en God zo vurig diende met haar gebeden en liefde.


Copyright >> 'Haardstee'
(Met toestemming overgenomen)

donderdag 1 juli 2021

Pluspunt in de kerk ...

Gedachten bij Hoofdstuk 6 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.



 




Het is al een aardig poosje geleden dat ik n.a.v. dit boekje iets heb geschreven.
Enkele weken geleden had ik al wel weer even gekeken en gelezen, maar door omstandigheden kon ik toen niet schrijven, daarnaast is het ook een hoofdstukje wat nog niet zozeer van toepassing is op mijn leven.
Maar vanmorgen moest ik met mijn Stille Tijd ineens weer aan dit boekje en het hoofdstuk waar ik was gekomen denken.
En zo ben ik er toch maar even voor gaan zitten; ik kan toch moeilijk wachten tot …

In dit hoofdstukje heeft Tineke het over de groep senioren in de kerk, die soms het gevoel kunnen hebben dat zij ook daar met pensioen worden gestuurd, of naar de zijlijn worden verbannen, omdat de jeugd gaandeweg taken overneemt.
Ze wijst erop dat leeftijd voor God geen verschil maakt, dat jong en oud Hem samen mogen loven, dat  Zijn Geestesgaven niet aan leeftijd zijn gebonden, en dat niemand meer of minder is, en dus ook niemand overbodig.
Dat het eigenlijk zo is, dat ‘senioren’ een bijzonder pluspunt hebben t.o.v. de jongeren, namelijk levenservaring en wijsheid, en mogelijk ook meer tijd.
En we met al deze dingen, dat ons eigen plekje in de gemeente kunnen zoeken waar we helemaal tot  ons recht komen, op een nieuwe plek, of met een taak die we al jaren verrichtten.
Als mooiste en belangrijkste taak noemt ze de taak van ‘Gebed’, dit, als we om wat voor reden dan ook geen tastbare bijdrage meer kunnen leveren.


Als eerste ging ik maar eens opzoeken hoe oud je ‘moet’ zijn om senior genoemd te worden.
Nu, dat blijkt niet helemaal vast te liggen, maar gemakshalve hanteert men de pensioengerechtigde leeftijd, en die is gemiddeld 67 jaar.
Wel, ik behoor nog niet bij de seniorengroep, maar met het toenemen van mijn grijze haren als ook mijn leeftijd, -ik hoop volgende maand 60 te worden, is ouder worden wel iets wat me af en toe stilzet en bezighoudt; immers, we worden niet allemaal even kwiek en vitaal oud.
Ook merk ik niet -al word ik bijna 60, dat mijn leeftijd een belemmering is voor bepaalde dingen, hooguit dat ik door mijn lichamelijk conditie niet alles kan doen, maar dat is wat anders.
Ik kan me wel voorstellen dat het niet overal zo is; al vraag ik me dan wel af of dit dan ook werkelijk zo is, of dat dit een persoonlijk gevoel is.
Wat we voelen of ervaren hoeft immers niet te betekenen dat het ook werkelijk zo is.

Wat mijzelf betreft kan ik me er nog geen voorstelling bij maken hoe dit zal zijn, maar ik ben het met Tineke eens als het gaat om het hebben van levenservaring en wijsheid als we ouder zijn en het nut daarvan voor de jongere generatie, als ook dat we echt niet afgedaan hebben, en dat als zelfs Gebed de enige taak is die we nog kunnen beoefenen, deze veel belangrijker is en ‘groter’ dan we misschien wel denken.

En dat brengt mij bij mijn Stille Tijd vanmorgen, wat ik daar las en van meekreeg om over na te denken.
Wiersbe legt twee indringende vragen neer, namelijk: ‘Welke erfenis laat je na aan de komende generaties?’, en ‘Zullen anderen hun vertrouwen op de Heere stellen door jouw leven en getuigenis?’
Misschien zijn dit wel de goede vragen om onszelf eerst te stellen als we onze weg in de gemeente een beetje aan het kwijtraken bent door onze leeftijd, en om dan vandaaruit samen met de Heer te gaan kijken wat we kunnen/mogen doen.
Wat wil ik nalaten?
Hoe, en waar, is mijn leven het beste een getuigenis voor anderen?

Psalm 71:18
‘Ja, ook nu de ouderdom en grijsheid gekomen is – verlaat mij niet, o God, totdat ik deze generatie Uw sterke arm verkondigd heb, alle nakomelingen Uw macht.’

Juist door het ouder zijn, en daarmee door alles wat we dan hebben meegemaakt, kunnen we getuigen van wie God is, getuigen van Zijn grote liefde, genade en trouw.
Van hoe Hij onze gebeden hoorde, en verhoorde, en dat dit niet altijd betekende dat dingen weggenomen werden, of van ons af, maar wel dat Hij er was en ons er doorheen hielp.
En dat we achteraf vaak pas konden zien dat Zijn weg de beste was.
Kunnen we anderen aansporen om toch vooral op Hem te blijven zien, en om op Hem te blijven vertrouwen; dat Hij het echt waard is, en dat dit zal blijken als je volhoudt.
Door te blijven bidden, Hem te blijven loven en prijzen, door op te blijven hopen.
Kunnen we laten zien dat we niet bang hoeven te zijn om ouder te worden, omdat de Heer met ons is, ook als we oud zijn en grijs. (Jes. 46:4)

Psalm 71:3
‘Wees mij tot een rots om daarin te wonen, om voortdurend daarin te gaan.’

Psalm 71:6
‘…  voortdurend zal mijn lof van U zijn.’

Psalm 71:14
‘Maar ík blijf voortdurend hopen en zal U nog meer loven.’

Wiersbe:
'Als wij voortdurend in het gebed de toevlucht nemen tot de Heere, als wij Hem voortdurend vol vreugde loven, en als wij voortdurend op Hem hopen en ons vasthouden aan Zijn beloften, als wij zeggen dat het beste nog moet komen en wij Hem steeds meer loven, dan kunnen we zonder angst oud en grijs worden. We zullen in staat zijn de Heere te verheerlijken en we zullen in staat zijn om de volgende generatie over Hem te vertellen.’

vrijdag 14 december 2018

Kleinkinderen ...

Gedachten bij Hoofdstuk 5 van het boekje 'Pluspunt' van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.











Zoals de Blogtitel al laat zien, gaat Hoofdstuk 5 van het boekje over ouder worden over kleinkinderen.
Inmiddels mag ik de oma zijn van vijf prachtige kleindochters.
Ja, allemaal meiden, en ik vind het GEWELDIG!
Er wordt mij namelijk nogal eens gevraagd of ik dat erg vind; nee dus.
Zelf kom ik uit een jongensgezin (ik had drie broers), en ook ons eigen gezin bestaat uit drie jongens en één meisje, dus al die kleindochters vind ik maar wat prachtig.
Op onze oudste kleindochter, Naomi, heb ik enige tijd één dag in de week gepast, en inmiddels ook alweer een paar jaar op haar zusje, Feline.
Vanwege omstandigheden pas ik nu met enige regelmaat op dezelfde dag ook op haar nichtje, Zoë, die een jaartje jonger is dan Feline.
Soms wordt ze gebracht, maar ik haal haar ook af en toe zelf op, en dan rijd ik terug naar huis met twee heerlijke meidjes -die het heel goed met elkaar kunnen vinden, op de achterbank en geniet ik van hun geklets.

Ik kan deze dames geen groter plezier doen dan door ze mee te nemen naar de Intratuin.
Vooral in deze maand december, want ja, dan staat daar een draaimolen - meest favoriet bij mijn meisjes, maar ook alle lampjes, de winterlandschappen met draaimolentjes, ijsbaantjes, treintjes etc. en nog veel meer, doen hun oogjes glinsteren van plezier.
Deze oma is dan ook bijna iedere week bij Intratuin te vinden.
Het verschil tussen de moeders en mezelf als oma wordt al snel zichtbaar.
Waar de moeders vaak al snel na twee rondjes draaimolen verder gaan, staat deze oma er rustig vijf rondjes te wachten en mogen de dames vaak na een rondje door het tuincentrum nog één of twee keer ter afsluiting erin.
Oma heeft immers geen haast, want deze dag is speciaal voor hen, en als zij dit leuk vinden ...

De komende tijd zal ik (omstandigheden) ook nog een halve dag in de week bij mijn dochter te vinden zijn om op te passen op onze Luna, een heerlijk vrolijk wijffie van net één jaar.
Hoewel ik dit eigenlijk nooit zo intensief van plan was, lopen de dingen soms nu eenmaal anders dan gedacht en ben ik vooral erg dankbaar dat ik in staat ben om dit te doen.
Waar ik als oma vooral van geniet, is de ontspannenheid waarin de dagen gehuld zijn.
Je trekt tijd uit voor ze en hoeft er niets bij of omheen te doen; alle aandacht en tijd is voor hen.
Oftewel, zoals Tineke zegt in dit hoofdstukje, ik mag ze 'onvoorwaardelijke liefde en aandacht geven, en intenser genieten dan destijds'.
Ja, ondanks al 'de niet van te voren bedachte hoeveelheid oppassen', voel ik me een bevoorrecht en gezegend mens, en ben ik blij en dankbaar met de titel 'oma'.


Als de vragen me terugbrengen in de tijd, naar mijn eigen opa's en oma's, dan zijn er gemengde gevoelens, zo groot waren de verschillen tussen de hen beiden.
Maar daar het altijd beter is om naar de positieve dingen te kijken, is dat wat ik dan ook doe en in gedachten beleef ik opnieuw de heerlijke zaterdagmiddagen en een gedeelte van de avond.
Iedere zaterdagmiddag gingen we naar de Rozenstraat waar ons een warm onthaal wachtte met allerlei lekkers waar we thuis geen geld voor hadden.
En niet te vergeten, deze opa en oma hadden een tv!
Gompie, Rikkie en Slingertje, stuif es in, ...
Met mijn broers raden hoeveel reclames er zouden zijn; ja, dat was toen nog te doen en ook leuk.
Wat een heerlijke en geweldige tijd!
We bleven er ook altijd een boterham eten, wit King Cornbrood, en oma drukte altijd nog even het o zo verse wittebrood aan.
En als extraatje was daar ook altijd de eigengemaakte bietensalade, en het 'vechten' om de zilveruitjes van het bord van mijn moeder.

Toen mijn opa overleed, hij was nog helemaal niet zo oud -67 jaar, bleef mijn oma achter met mijn grootoma, de moeder van mijn opa.
Zij liep inmiddels tegen de honderd en kon niet meer alleen zijn.
Dus al snel pasten mijn broer en ik om de beurt op zondagmorgen op, zodat oma naar de kerk kon.
En ook dan verwende oma ons weer.
Iedere zondagmorgen stond op het aanrecht een dienblaadje klaar met wat lekkers en de 'echte' Tweedrank, en als oma weer terugkwam ontvingen we een gulden voor het oppassen en soms zelfs een rijksdaalder.
We voelden ons de koning te rijk!
En zo heb ik nog vele fijne en goede herinneringen.

Toch spelen deze herinneringen niet echt een rol nu ik zelf oma ben, want alles is zo anders dan vroeger.
Wij gingen iedere week op bezoek bij onze oma's en opa's, terwijl ik iedere week op enkele van onze kleinkinderen oppas tot ze naar school gaan.
Onze schoondochters werken, terwijl mijn moeder en ik fulltime moeder en huisvrouw waren, daarnaast wonen geen van onze kinderen (met kinderen) in ons dorp.
Maar ik hoop wel dat onze kleinkinderen net zulke fijne herinneringen zullen overhouden aan het zijn bij opa en oma, als dat ik zelf heb.
En dat ze als ze aan mij denken, ze nooit zullen vergeten hoeveel ik van hen houdt.

Ik hoop en bid, dat ons huis altijd een rustplek voor ze zal zijn; een veilige plaats, waarvan ze weten dat ze er altijd terecht kunnen.

Welk een kostbaar geschenk, Heer,
heeft U ons gegeven;
vijf prachtige kleindochters
bracht U in ons leven.
Dank U, voor de vreugde
en de blijdschap die zij geven,
dank U voor de verrijking
die ze brengen in ons leven.

Ik breng elk van hen, dagelijks,
(samen met hun ouders) voor Uw troon.
Leid hen, behoed en bescherm hen
met het bloed van Uw Zoon.
Doe elk van hen uitgroeien tot
een vrouw naar Uw hart;
dat ze U zullen liefhebben
in vreugde en smart.

Laat hun harten van jongsaf aan
voor Uw liefde en genade openstaan.
Zegen hen op de wegen
die ze hebben te gaan.
En laat hen nooit vergeten dat U
ze in alles altijd bij zult staan.

Zo leg ik hen in Uw handen, Heer,
elke dag opnieuw, hoofd voor hoofd.
Vertrouwend op Uw trouw en goedertierenheid
omdat U altijd doet wat U belooft.









Heer, ontferm U over hen die nooit oma of opa zullen worden, of kunnen zijn.
U kent, Heer, de pijn en het verdriet om het gemis, welke reden of oorzaak er ook achter zit.
Ontferm U, Heer; dat Uw troost ervaren mag worden door elk van hen.
En waar herstel en genezing nodig is, bid U dat U het zult bewerken.
In Jezus 'Naam.


- Amen -

zaterdag 20 januari 2018

Afscheid ...

Gedachten bij Hoofdstuk 4 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.











Een hoofdstukje over afscheid; over het verliezen van dierbaren waar je bij het ouder worden zeker mee wordt geconfronteerd en de aanmoediging om een tijd van herinneren te nemen, hun namen op te schrijven en wat ze voor je hebben betekend.
Nu is die opdracht niet echt geschikt om hier op mijn blog te delen; niemand anders dan ik,  heeft daar wat aan.
Maar wat ik wel naar aanleiding van dit onderwerp wil delen, is iets dat mij enorm bemoedigd heeft en geholpen om dierbaren die mij ontvallen zijn los te laten.


Het was al meerdere jaren na het overlijden van mijn jongste broertje dat ik het Dagboek ‘Parels onder het stof’ van Joni Eareckson Tada kocht en er ’s avonds voor ik ging slapen er uit las.
En op een avond (ik heb het even opgezocht en het is op 29 april in dat boek), haalde zij een klein verhaaltje aan dat geschreven was naar een gedicht van een onbekende schrijver.
Ik vond het verhaaltje ook op Internet en wil het graag met jullie delen.


Ik sta op een strand.
Naast me hijst een schip z'n witte zeilen om in de ochtendbries weg te varen over de blauwe oceaan.
Het is een prachtig en sterk ding.
Ik kijk het na tot het niet meer is dan een vlek op de lijn waar zee en lucht elkaar ontmoeten.
Dan zegt iemand aan mijn zij: ‘Kijk! Het is weg.’
Helemaal weg?
Nee, het is weg uit het zicht - meer niet.
Het is nog even groot als altijd. 
Het vaart daar nog steeds met z'n vrachtje.
Het is in mijn ogen kleiner geworden, maar het is op zichzelf nog even groot als toen het vertrok.
En op hetzelfde moment dat hier gezegd wordt: ‘Kijk! Het is weg’, zijn er andere ogen die hem zien komen, en andere stemmen die blij roepen: ‘Kijk, daar komt het!’
En zo is het ook met sterven!


Aan de ene kant liet dit verhaaltje mij een beetje de vreugde van de hemel voelen om kinderen die thuis kwamen, maar het bracht me ook op andere gedachten.

Ieder jaar met de sterfdag van mijn jongste broertje keek ik naar hoeveel jaar het al was geleden dat hij verongelukte en dat getal werd steeds groter.
Het bracht altijd verdrietige gedachten boven, of het deed pijn omdat de herinneringen steeds minder levendig werden.
Maar het is bovenstaand verhaaltje waardoor ik anders ben gaan kijken naar de jaren dat iemand wegviel.

Ik keek er altijd naar als iemand vanaf het strand: de afstand, oftewel de jaren, werden (groter) meer en meer en meer.
Maar vanaf de andere kant gezien werd de afstand, oftewel de jaren alleen maar (kleiner) minder en minder en minder.
Dat besef verzacht verdriet.
Nee, het neemt de pijn van het gemis niet weg; vooral niet als het om je kind gaat, dat zie ik wel bij moeder, maar het maakt het wel dragelijker, het verzacht.
Ik hoop het nooit mee te hoeven maken, maar als … dan is het mijn gebed dat God het mij nog steeds zo laat zien; ieder jaar een jaar dichter bij het herenigd worden voor Zijn troon.


woensdag 19 juli 2017

Spiegelbeeld (2)

Gedachten bij Hoofdstuk 3 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.












‘Jij bent zo kostbaar in mijn ogen, zo waardevol, en Ik houd zoveel van je …’
Jesaja 43:4


Het schrijven van zondag was naast lastig en moeilijk ook heel bevrijdend.
Want, ook al weet en ervaar ik dat ik kostbaar en waardevol ben ik Zijn ogen, dat Hij van mij houdt (ook met of zonder alle extra kilo’s) dat stukje zat er tussen en moest eruit.
Eigenlijk kun je wel zeggen dat ik tegen mezelf aanliep en gefrustreerd was om mezelf, omdat ik het zover had laten komen en omdat ik maar niet bij machte was er iets tegen te doen.
Wat ben ik God dankbaar voor dit worstelen, wat ben ik Hem dankbaar dat dit kan en mag en dat Hij mij daar alle tijd en ruimte voor geeft.
Wat ben ik Hem dankbaar voor Zijn vergeving op de momenten dat het soms de spuigaten uitliep, en wat ben ik Hem dankbaar voor de triggerpunten die Hij me heeft gegeven om te komen waar ik nu ben.
Wat ben ik Hem dankbaar voor dit boekje, en wat ben ik Hem dankbaar voor mijn One-Word ‘Focus’.
Nee, ik ben er nog lang niet, en dat is denk ik misschien ook wel de belangrijkste reden dat ik de blogpost van zondag toch heb gepubliceerd, want nu is het of ik een extra stok achter de deur heb.
En dat is soms gewoon goed (en nodig).


Hoewel er nu, mede door het schrijven van zondag, weer ruimte is gekomen om verder te gaan met dit boekje, wil ik dit hoofdstukje nog niet verder laten voor wat het is.
Want mijn schrijven van zondag is natuurlijk maar een klein onderdeel als het gaat om ons zelfbeeld.
Het lijkt misschien een beetje haaks te staan op mijn schrijven van zondag, maar echt, ik ben ook weer heel blij met mezelf, blij en dankbaar voor wie ik ben en voor alles wat God in mij heeft gelegd aan gaven en talenten.
En het feit dat ik door Hem geliefd ben, dat ik kostbaar en waardevol ben in Zijn ogen, is wat mij steeds opnieuw diep ontroert, en mij heel stil kan maken van ontzag.
Het is ook iets wat ik heel graag aan anderen doorgeef.
Hoe dieper de betekenis van deze genadige liefde tot mij doordringt, hoe kleiner ik word.
Mijn strijd met mijn gewicht heeft dan ook niets te maken met me daardoor niet of minder geliefd en kostbaar weten,
Het is mijn wil die hier kruist met Zijn wil, namelijk dat Hij graag ziet dat ik goed voor mijzelf zorg, omdat ik Hem daarin ook wel of niet eer.
Dat was met het roken zo, maar ook met wat ik eet en drink.
Eigenlijk geldt dit met alles, want zoals de schrijfster ook aangeeft, voor God is ieder aspect van ons leven belangrijk; niet alleen wat we eten of drinken, maar ook hoe wij ons kleden, met wie we omgaan, waar we onze geest en ons verstand mee voeden, hoe we onze gaven en talenten gebruiken enz..

Ja, Hij houdt evenveel van mij toen ik rookte als nu ik niet rook.
En ja, Hij houdt evenveel van mij toen ik nog slank was, als nu ik wat voller ben (hm, toch netjes positief omschreven, dacht ik zo ;))
Niets van wat ik doe, of niet doe, zal Hem minder van mij doen houden, maar mijn leven is wel meer of minder tot Zijn eer en glorie.
En welk een gevecht kan dit soms opleveren tussen wat Hij wil en wat ik wil; welk een worstelingen zijn er daardoor soms niet.
Maar weet je, ik ben ook weer niet bang voor deze worstelingen, want ik ervaar dat Hij mij daar de ruimte voor geeft.
Al geloof ik zeker wel dat Hij (vergeef me als dit een beetje oneerbiedig klinkt) hoofdschuddend naar beneden kijkt en zegt: meisje, meisje, (ik geloof dat ik in Gods ogen altijd Zijn meisje zal zijn) wat maak jij het jezelf weer onnodig moeilijk.
En als ik dan door de worsteling heen ben en Zijn wil heb aangenomen,dan is daar Zijn hand om mij verder te leiden.
Als de schrijfster dan ook de vraag stelt over wat het voor mij betekent dat de Bijbel mij een tempel van Gods Geest noemt, dan denk ik dat dit weten ten grondslag ligt aan het willen stoppen met roken eertijds, en nu met het anders willen leren omgaan met eten en snoepen.
Wat mij ooit schokte, en misschien klinkt dit nog oneerbiediger, maar ooit, toen er gesproken werd over dat ons lichaam de tempel is van de Heilige Geest, kreeg ik het beeld voor ogen van een proestende, in rook gehulde Geest van God in mij, en ik vond het verschrikkelijk.
En dat is wat ook nu weer meespeelt, alleen nu dan met mijn gewicht.

Ik weet wie ik ben in Hem.
Ik weet hoe kostbaar en geliefd ik ben, hoe waardevol.
Maar ik besef ook dat ik Hem verdriet doe door verkeerd om te gaan met vermoeidheid –eten; met stress –eten; met pijn en verdriet –eten …
Juist omdat ik me zo geliefd weet, en dit besef steeds dieper wordt, wil ik ook heiliger leven; verlang ik ernaar dat mijn leven heiliger wordt; meer en meer tot Zijn eer.
En met regelmaat zijn daarin de woorden van Paulus mijn woorden –het goede dat ik doen wil, dat doe ik niet, maar het kwade dat ik niet wil …  ik ellendig mens … maar … Gode zij dank door onze Here Jezus Christus … (>> Rom. 7)
Maar dat is niet erg, zolang ik maar leer en groei, en niet blijf steken.

‘Het zelfbeeld dat we koesteren, bepaalt in wezen wat we worden.’
Maxwell Maltz
(Citaat uit dit hoofdstukje)



Zeg niet: ‘ik ben maar …,’
alsof je niet van waarde bent.
Je bent de kostbare parel,
door de Allerhoogste gekend.

Zeg niet: ‘ik ben maar …,’
alsof je niemand bent.
Zijn ogen zijn op jou gericht;
geen ogenblik zijn ze van jou afgewend.

Zeg niet: ‘ik ben maar …,’
alsof je voor niemand tot betekenis bent.
Hij ziet het kleinste wat je doet of hebt gedaan;
alles, ja, echt alles, is bij Hem bekend.

Zeg niet: ‘ik ben maar....’
haal toch jezelf niet zo naar beneden.
Je bent duur gekocht en betaald,
voor jou heeft Hij zo geleden.

Zeg niet: ‘ik ben maar ….’
Je bent namelijk een Koningskind!
Waardevol en hooggeschat,
door de Vader zeer bemind.

Zeg niet: ‘ik ben maar …,’
alsof  je niets kan.
Ook voor jouw leven
heeft Hij Zijn plan.

zondag 16 juli 2017

Spiegelbeeld ...

Gedachten bij Hoofdstuk 3 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.












De vorige keer dat ik n.a.v. dit boekje schreef was in februari van dit jaar met de gedachte om ook dit weer op te pakken, maar dit is niet bepaald gelukt.
En echt niet alleen omdat ik niet zoveel tijd had om te schrijven, of geen inspiratie had, maar omdat ik steeds opnieuw enorm met mezelf in conflict kwam.
Dit hoofdstuk gaat over uiterlijkheden, een eigen stijl hebben, en ons zelfbeeld.
Het is mooi om te lezen hoe dit voor de schrijfster was, en het was dan ook niet haar verhaal wat mij steeds in conflict bracht met mezelf, maar wel de eerste twee vragen die bij dit hoofdstukje zijn gegeven.
'Wat zie jij als je in de spiegel kijkt? Ben je blij met jezelf?'
En:
'Heb je de moed om aan te pakken wat verandering behoeft en dankbaar accepteren wat niet veranderd kan worden?'


Ik heb heel lang getwijfeld of ik deze Blogpost wel zou schrijven, en al schrijvende vraag ik me zelfs nog af of ik hem ook echt ga publiceren.
Maar ik kan nu eenmaal niet een hoofdstuk overslaan; zo steek ik nu eenmaal in elkaar, en dus ga ik er op deze stille zondagmiddag -mijn man is een middagje weg, maar eens voor zitten en kies ervoor om verder te gaan in dit boekje, dat me al zolang aan ligt te staren.
Opnieuw lees ik de woorden van Jesaja 61:10 en het verhaal van de schrijfster en sla opnieuw de bladzijde om naar de vragen.


'Wat zie jij als je in de spiegel kijkt? Ben je blij met jezelf?'
Mijn gevoelens en gedachten zijn dubbel.
Enerzijds kan ik in de spiegel kijken en mezelf mooi vinden en blij zijn met mezelf.
Anderzijds zijn er (vele) momenten dat ik van mezelf walg en alles behalve blij ben met mezelf, simpelweg omdat ik te dik ben, en ik weet, dat dit gewoon mijn eigen schuld is; ik heb het zelf zover laten komen.
O, natuurlijk, ik kan allerlei excuses aandragen, maar bij mij geldt in wezen simpelweg 'elk pondje gaat door het mondje'.
Ik ben niet alleen een stress-/emotie-eter, maar ik hou gewoon ook van lekker eten en lekkere dingen.
Alleen, alles zet gewoon heel makkelijk aan; het zit gewoon ook in mijn genen.
En als je dan zoals ik ook niet kunt sporten en ook in huis gedoseerd moet werken ...
De woorden van vroeger achtervolg(d)en mij dan ook nog steeds: 'Pas maar op, je wordt net zo dik als je ...'
En als ik dan op slechte dagen in de spiegel kijk, dan zou ik de spiegel wel stuk willen slaan, en terwijl de tranen rijkelijk over mijn wangen rollen, dendert het door mijn hoofd: 'Zie je wel, ze hebben gelijk gekregen!'
De woorden van de sticker die op mijn spiegel in de badkamer me tegemoet komen 'Je bent kostbaar' komen op zo'n moment echt niet binnen.
Ze maken me soms alleen nog bozer: 'Waarom hebt U ...'

Toen ik nog rookte was het lijnen makkelijker; roken stilt immers de trek of het hongergevoel.
En hoewel ik er meerdere keren aan gedacht heb om dan maar weer een sigaret te pakken, kon ik dat toch niet.
Het is me uiteindelijk met Gods hulp gelukt om te stoppen, dus dan moet er toch ook een mogelijkheid zijn om met Zijn hulp ook een x-aantal kilo's weer kwijt te raken?
Maar met roken stop je, met eten niet.
En nee, God nam mijn trek in een sigaret niet gelijk weg, ik heb er hard voor moeten knokken en er ieder dag weer een keuze voor moeten maken.

En dan dit hoofdstukje ...
Steeds weer in de afgelopen maanden zag ik het boekje liggen.
Steeds weer opende ik het, las en legde het soms weer huilend en gefrustreerd weg.
De kilo's die ik eraf had voordat ik mijn middenvoetsbeentje brak vorig jaar, zitten er immers nog dubbel en dwars aan.
Hoe frustrerend ...


'Heb je de moed om aan te pakken wat verandering behoeft en dankbaar accepteren wat niet veranderd kan worden?'
De moed ontbrak me en dankbaar accepteren was geen optie, want roken is niet goed voor een mens, maar te zwaar zijn ook niet.
Hoeveel lijnpogingen heb ik al wel weer niet gedaan ...
Maar hoe moeilijk is het wel niet als gezelligheid bijna altijd ook eten inhoudt?
En hoe moeilijk wordt het lijnen wel niet als je ook niet kunt sporten?
En toch ...

En toch is het dit hoofdstukje met deze vragen die me bezig blijven houden en er uiteindelijk voor zorgen dat bij stukje en beetje de moed terugkomt en ik schoorvoetend mijn eetgewoonten aanpak en langzaamaan verandert er iets in mijn denken en in mijn doen en laten.
Langzaamaan ervaar ik dat mijn moed toeneemt en met mijn moed ook de kracht om minder te eten en niet meer te snoepen.
Zelfs de verjaardagen die inmiddels achter mij liggen heb ik goed doorstaan.

Soms gaan mijn gedachten naar de gevolgen van een aardig aantal kilo's minder.
Aan de ene kant is dit natuurlijk iets goed en veel beter voor mijn lichaam, maar hoeveel huid ga ik overhouden?
Kan ik straks dankbaar accepteren dat mijn lichaam is zoals het is simpelweg omdat het me gelukt is met Gods hulp om af te vallen of ...
Soms vliegt het me aan en ben ik bang hoe het straks zal zijn; kan het me behoorlijk benauwen.
Maar aan de andere kant is daar ook het verlangen om op te staan om gewoon te zijn die ik ben en zoals ik ben.
En terwijl ik dit schrijf, vraag ik me af: 'Is dit Heer, de volgende (laatste?) stap naar mijn volledige identiteit in U? Is dit de volgende stap naar vrijheid, vrij-zijn in U?'

Ik moet denken aan een gedichtje dat ik eens heb geschreven over ouder worden; ik was toen nog net geen vijftig.

Hoe ouder ik word 
hoe meer 
mijn uiterlijke mens vergaat.
Rimpels worden zichtbaar;
ik zit niet meer zo strak in mijn vel
en in mijn haar loopt menig zilverdraad.

Maar …

Mijn innerlijke mens
wordt vernieuwd,
van dag tot dag.
Hoe meer ik leef vanuit Hem,
hoe meer ik 
in Zijn kracht vermag.

Zo wordt een andere schoonheid zichtbaar,
een schoonheid van binnenuit.
Zo wordt met het ouder worden
een nieuwe periode ingeluid.

Ja, dit is waar ik naar verlang, niet blijven kijken naar hoe mijn uiterlijke gestalte haar vorm verliest en daarin blijven steken, maar dankbaar accepteren wat ik niet veranderen kan en het nieuwe omarmen wat Hij geeft en dat uitleven en doorgeven.
En tegelijk gaat mijn smeekbede omhoog: 'Help mij, Heere, help mij daarbij, want van mijzelf kan ik dit niet. Hoe graag ik het ook wil, alleen met Uw kracht, door de kracht van Uw Geest kan ik de dingen dankbaar accepteren die ik niet veranderen kan en de nieuwe dingen die U geeft, omarmen. Laat toch Uw schoonheid meer en meer zichtbaar worden. En bescherm mijn mijn hart en geest tegen alles wat er vanuit de wereld op mij af komt, van wat de wereld geeft als schoonheid en idealen. '

Misschien is dat hetgeen dat ik gewoon voor ogen moet houden: Het verlangen dat meer van Hem zichtbaar wordt in en door mij.
Dat ik toch meer en meer zal gaan schitteren met ieder jaar dat ik ouder word, met iedere grijze haar die erbij komt, met iedere lijn en rimpel in mijn gezicht, en zelfs met slapper wordende, misschien zelfs overtollige, huid.


Schoorvoetend heb ik mijn eerste schreden gezet,
mezelf afvragend of ik het ooit wel red.
Maar ik ervaar een besluitvaardigheid
die mij sterkt en kracht geeft voor deze strijd.

Ik voel, ik ervaar: ik ben en ga deze weg niet alleen,
Hij is erbij en helpt mij hier doorheen.
Met vreugde richt ik mijn ogen naar boven
om Hem met een dankbaar hart te prijzen en te loven.

Ik ben aan het einde gekomen van deze Blogpost en zit te dubben wat ik ga doen.
Wel of niet publiceren ...

Allerlei gedachten besprongen me ... maar zoals je gemerkt hebt, heb ik toch besloten om het te publiceren.
Want ergens is daar het gevoel dat het goed is; voor mezelf en misschien ook wel voor iemand anders.


Ps. Stand: - 10 kg

zaterdag 4 februari 2017

Blij dat ik ouder ben …

Gedachten bij Hoofdstuk 2 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.











Het is alweer een hele tijd geleden dat ik geschreven heb nav. dit boekje, maar ook hier wil ik de draad weer oppakken.
(Focus 😊)


‘Ouderdom is geen gevangenis, maar een balkon van waaruit men op het leven kijkt.’
Darco Juresic

Afgelopen week reden mijn man en ik ’s avonds terug naar huis, en hoe we erop kwamen weet ik niet meer, maar ik weet nog wel dat ik tegen hem zei, dat ik blij was dat ik ouder was, en ik meen het ook echt.
Ook mijn man ervoer het precies zo; het is goed om ouder te zijn.
De tropenjaren die we hebben gehad, zullen daar ongetwijfeld ook mee te maken hebben, maar ook het feit dat ik gewoon blij ben met wie ik nu ben, blij met de plaats waar ik mag staan, blij met alles wat ik heb geleerd in de jaren die achter me liggen en blij met alles wat ik nog mag gaan leren.
En boven alles intens blij en dankbaar met wat ik in al die jaren heb geleerd en gezien van Hem, van wie Hij is en wie Hij wilt zijn.
Zijn liefde, Zijn goedheid, Zijn trouw, ja, dwars door alles heen.
Als alles voorspoedig zou zijn gegaan, zou ik nooit zoveel hebben geleerd. of van Hem hebben gezien.
En alles bij elkaar is het nog maar een schijntje van wat er werkelijk te leren en te zien valt, maar al wel zoveel, dat ik er daardoor wel voor een ander kan zijn.
En dat is eigenlijk ook hetgeen waar het in het tweede hoofdstuk van het boekje ‘Pluspunt’ om gaat.


De titel van Hoofdstuk 2 is ‘Jong van hart’ en het gaat over het niet meer achttien willen zijn, maar zich nog wel steeds jong van hart voelen.
Een lijf hebben dat ouder wordt, en een ziel die door het leven en alles wat er bij hoort, is gevormd en soms misvormd, maar waar wel een jong hart in huist.
Het belang van de levenswijsheid die met de jaren is gekomen, en waar jonge mensen wel behoefte aan hebben.
Oftewel: jong van hart zijn en blijven, maar met de wijsheid van je grijsheid.
De vragen die naar me toekomen zijn hoe ik naar de jongen mensen om me heen kijk, of ik nog iets voor ze denk te kunnen betekenen en of het helpt om terug te denken aan mijn eigen jeugd.


Jong van hart …
Ik vraag me af of ik ooit wel echt jong van hart ben geweest.
Terugdenkend aan mijn jeugd zie ik een meisje dat eigenlijk alleen maar serieus was; serieus met God bezig was, ook al kon ze niet pakken waarvan ze diep van binnen wist dat het anders was dan de boodschap van de kerk waar ze naar toe ging.
Een beetje anders dan de anderen doordat ze zo serieus was.

Terugdenkend aan mezelf als jonge vrouw, zie ik een heel onzekere, door afwijzing(werk) en pijn (rug, gewrichten), vrouw.
Een jonge vrouw, die worstelde met God, met zoveel waarom’s, met zelfmedelijden en bitterheid, maar die ook geen dag zonder Hem kon.
Een jonge vrouw, die na twee miskramen, toch 4 prachtige kinderen kreeg.
Een jonge vrouw, die door alle worstelingen steeds meer leerde van en over haar hemelse Vader.
Een jonge vrouw, die door de diepe dalen van alles waar haar gezin door ging, Gods liefde en trouw leerde zien en op Hem leerde vertrouwen.
Die door Hem bij de hand genomen is en door Hem geleid tot waar zij nu is, en die weet dat Hij ook daar voorbij er zal zijn en leiden.
En die nu een vrouw is, die beseft dat ze juist door alles wat zij heeft meegemaakt er voor een ander kan zijn en meer mee kan voelen in pijn en verdriet, omdat ze  er zelf doorheen is gegaan.

Die beseft, dat zij op haar beurt mag troosten met de troost waarmee God haar heeft getroost, en getuigen van Zijn onvoorwaardelijke en nimmer ophoudende liefde.
Die tegelijk ook nog steeds worstelt en vele vragen heeft, en weet dat dit mag, en dit haar dichter bij Hem brengt.


Jong van hart ben ik misschien dan wel niet, tenminste, zo voel ik het niet echt, wel jonger dan ik ben, omdat ik lichamelijk nu zoveel beter ben dan toen ik jong was.
Maar ik geloof dat God zo Zijn specifieke taak heeft voor een ieder van ons, afhankelijk van wie we zijn en van wat we meemaken, of waartoe Hij ons gewoon heeft bestemt en daarvoor dan ook toerust.

Hoe mooi vind ik dan ook het citaat uit het boekje dat ik bovenaan heb gezet.
‘Ouderdom is geen gevangenis, maar een balkon van waaruit men op het leven kijkt.’
Want God heeft mij met het ouder worden nieuwe wegen en taken gegeven; dingen waarvan ik nooit had kunnen bedenken dat ik ze ook maar zou kunnen.
En dat is voor mij tegelijk het bewijs dat ouderdom alleen een gevangenis is, als we er zelf een gevangenis van maken.
Als wij echter de rijkdom zien die het stijgen van de jaren met zich meebrengt, dan kunnen we een voorbeeld zijn voor de generaties na ons.
Laten we toch niet bang zijn voor een rimpeltje meer of minder; laten we toch niet bang zijn voor de grijze draden op ons hoofd, maar laten we het omarmen en God dankbaar zijn voor alles wat Hij ons belooft heeft met het oog op onze ouderdom en dat uitdragen.

Ik hoop, en dat is echt het verlangen van mijn hart, dat ik als ik echt een oud vrouwtje ben geworden, bekend zal staan om mijn geloof en vertrouwen in de Heer, en om haar vriendelijkheid en liefde voor een ieder om haar heen, en met gevouwen handen tevreden is op de plek waar God haar heeft gebracht.


vrijdag 15 april 2016

God draagt ons van begin tot het einde!

Gedachten bij Hoofdstuk 1 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.
Een schrijfboek over aantrekkelijk ouder worden.












En Ik blijf je dragen tot je oud en grijs bent.
Ik heb het gedaan en blijf het doen: 
Ik neem je op de schouders, 
Ik red je.
(GNB)

... tot in ouderdom ben ik dezelfde, 
tot in grijsheid zal ik u torsen,- 
zoals ik gedaan heb zo zal ik u dragen, 

ik zal u torsen en uitredden! 
(NB)

Jesaja 46:4


Jarig zijn als je ouder wordt.
Weer een jaartje erbij …
Het boekje spreekt van een mijlpaal (zo heet ook het 1e hoofdstuk) met ieder jaar dat erbij komt als je ouder wordt, maar ervaar ik dat ook zo?
Is het voor mij een moment van reflectie, van confrontatie of van keuzes?
Hoe ervaar ik het ouder worden?
Zie ik alleen maar deuren dichtgaan of gaan er ook nieuwe deuren open?
En welke rol speelt God in dit alles?
Allemaal vragen bij het eerste hoofdstuk van dit boekje.

Als ik hier mijn gedachten eens goed over laat gaan en alles wat er bij komt kijken eens op een rijtje zet, dan kan ik zeggen dat ik al met al erg blij met het ouder worden.
En het meest blij ben ik met wat ik allemaal heb mogen leren, de rijkdom die de moeilijke, ingrijpende en heftige jaren uiteindelijk toch heeft gebracht.
Verjaardagen zijn daarin voor mij niet zo zeer het moment van reflectie, van confrontatie , noch van keuzes; dat gaat bij mij eigenlijk meer geleidelijk door de tijd heen.
Ik ben een mens van bezinning, van nadenken, van overdenken, en het zijn voor mij meer de momenten als er iets gebeurt dat ik dat doe en niet specifiek met mijn verjaardag.

Eén ding is echter wel goed bij mij binnengekomen met dat ik richting de 50 jaar ging, namelijk dat God ons niet afschrijft als we ouder worden.
Hij geeft zelfs nieuwe dingen om te doen, dingen die we zelf misschien nooit (meer?) had verwacht, of er maar zelfs van had kunnen dromen.
Daarvan ben ik zelf het bewijs 
In het jaar dat ik 49 werd, bracht God Caroline van de Vate en mij bij elkaar en samen mochten we een prachtige Kunstdichtbundel uitgeven, en er ontstond een unieke samenwerking tussen ons.
Inmiddels zijn er meer producten van onze hand verschenen, en we verzorgen zelfs, in samenwerking met Martine Lage(muzikant) Vrouwen- en seniorenochtenden/-middagen/-avonden.
En dit is nog maar één ding van wat God in mijn ‘ouderwordende’ leven heeft gebracht en gedaan.

Zeker, bepaalde deuren sluiten als we ouder worden, maar het mooie is, dat er ook nieuwe deuren opengaan.
Nee, niet zomaar vanzelf, maar als we alles bij God brengen, het van Hem verwachten en doen wat Hij ons te doen geeft, dan kan er een wereld voor ons opengaan en ontdekken we misschien gaven en talenten waar we het bestaan niet van wisten.
Als dan ook de vraag uit dit boekje naar mij toekomt van: ‘Welke rol speelt je geloof in God daarbij’, dan kan ik niet anders zeggen dan: de Hoofdrol.
En dit zeg ik niet omdat het zo mooi klinkt, of vroom wil doen, nee, het is gewoon een feit.
En het is ook niet omdat ik zo christelijk en vroom ben, nee, het is simpelweg voortgekomen uit mijn nood en wanhoop.

Weet je, we hebben allemaal een keuze.
Niet als het gaat wat er in ons leven gebeurt, maar wel wat we er (vroeg of laat) mee doen.
Ik kon niets doen aan het feit dat ik jaren aan huis gekluisterd was door onze gezinsomstandigheden; ik kon er niet veel aan doen dat ik hierdoor praktisch geen sociaal leven meer had en een stuk mensenvrees had ontwikkeld, maar toen er herstel begon te komen, had ik wel een keuze of ik thuis bleef zitten, of er mee aan de slag ging.
God reikte mij dingen aan, en aan mij was de keuze of ik er wat mee ging doen of niet.
Ik vond het doodeng, en soms had ik het gevoel dat ik er een hartkwaal aan over zou houden, zo verwrong alles soms van binnen, en toch …
Nog steeds klinkt de belofte die ik God gedaan heb in mijn gedachten: ‘Heer, wat U op mijn pad brengt, dat zal ik doen.’
Sinds die dag heeft God heel wat dingen op mijn pad gebracht.
In het begin wilde ik alleen maar zeggen ‘o, Heer, dat kan ik niet, dat kan ik nooit’, maar mijn belofte aan Hem zorgde ervoor dat ik het wel deed, en zo kwam ik er achter dat ik gaven en talenten had, waar ik het bestaan niet van wist.
Dingen die ik nooit zou kiezen, omdat ik dacht dat het niets voor mij zou zijn, of totaal ongeschikt voor zou zijn, of …
Nou ja, vul alle excuses die we kunnen verzinnen maar in.
Allerlei dingen die ik nu zelfs erg leuk vind om te doen.

Hoe anders is mijn leven geworden.
Rijker, voller, dieper.
En alles wat we hebben meegemaakt, waar ik persoonlijk doorheen ben gegaan, is weer bruikbaar in Zijn koninkrijk om een ander te kunnen helpen.
Het belangrijkste in dit alles om te weten en te blijven onthouden is, dat ik geen dag alleen ben gegaan en zal gaan.

De belangrijkste bemoediging die ik wil doorgeven bij het ouder worden, is de boodschap dat je door God nooit wordt afgeschreven en dat er altijd dingen zullen zijn, die we mogen en kunnen doen en Hij zal daarin voor ons uit en naast ons gaan, tot we Zijn heerlijkheid binnengaan.


Onbegrijpelijk is het te weten dat Hij
mij draagt vanaf mijn prilste begin.
Onvoorstelbaar dat ik mag weten,
dat Hij dat ook altijd zal blijven doen.
Onbeschrijflijk dat ik mag weten,
dat Hij mij zo bemint!

(Naar: Jesaja 46:3b,4)

vrijdag 19 februari 2016

Een luisterrijke kroon ...

Gedachten bij de tekst van Hoofdstuk 1 van het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder -Krause.












De luister van jongelingen is hun kracht,- 
de pracht van ouderen is grijs haar. 

Spreuken 20:29
NB
(Daar ik niet echt gewend ben aan de NBV, kies ik voor een andere vertaling voor de Bijbelteksten waar naar verwezen wordt)


Grappig is om te ontdekken dat verschillende dingen waar Tineke het over heeft in het eerste hoofdstuk, al menigmaal in mijn gedachten is geweest.
Maar laat ik bij het begin beginnen, namelijk de Bijbeltekst die aan de andere kant is afgedrukt op een foto.
‘De pracht van ouderen is grijs haar.’

Ik zou eigenlijk best eens willen weten wat er in jou omgaat als je deze Bijbeltekst leest.
Zelf vind ik het een prachtige tekst, al moet ik eerlijk bekennen dat ik dan bij het woord ouderen, wel mensen in gedachten heb die toch wel zestig  jaar en ouder zijn.
Terwijl ik ook wel besef, dat ook ik aan het ouder worden ben, nog wel geen zestig maar  toch …

Grijs haar vind ik echter vaak wel heel erg mooi.
Al hoor ik in gedachten dan wel mijn moeder, die het jaar en dag moest doen met een 'peper-en-zout' grijs, en dat helemaal niet zo leuk vond.
Grijs haar had ze helemaal geen problemen mee, maar dat 'peper-en-zoutkleurtje' …
En ja, daar kan ik wel inkomen.
Mijn beide schoonouders daarentegen zijn zilvergrijs tot wit, en mijn man heeft net als zij prachtig zilvergrijs haar.
En eigenlijk is dat het grijze haar dat ik dan in gedachten heb als we het hebben over grijs haar.

Net als bij ons op de VrouwenBijbelstudiegroep, daar  is een vrouw van net 50+ en zij heeft er voor gekozen om haar haar niet meer te verven, maar om het grijs te laten zijn, en weet je, ze heeft echt prachtig haar!
Een heel vlot en modern kapsel, en die kleur, donker en licht grijs … zo mooi!
En dan op de Women to Womendag, daar sprak iemand die ik nog kende van jaren geleden, ook zij verft haar haar niet meer en het is schitterend zilvergrijs, bijna wit en zo mooi!

Mijn eigen haar is nog lang niet grijs, al zijn er al wel bepaalde plekken die al aardig grijs/wit beginnen uit te slaan, en er loopt menig zilverdraad door mijn middenblonde haar.
Tot nu toe vind ik het helemaal niet erg, eigenlijk nog best wel leuk, en ik hoop dat deze instelling zo blijft.
Zeker als ik de woorden in de Bijbel lees over grijs haar.
Want weet je wat er nog meer staat?

Spreuken 16:31
‘Een luisterrijke kroon is grijsheid, …’
NB

Een luisterrijke kroon!
En toch, ondanks dat de Bijbel zulke bijzondere betekenis geeft aan het hebben van grijs haar, verft menig vrouw (en misschien ook wel man, wie zal het zeggen) haar grijze haar en bedekt zo deze ‘luisterrijke’ kroon.
Zelf ben ik er nog niet helemaal over uit al neig ik naar niet verven :)


Mijn dochter heeft de kappersopleiding gedaan, en in die tijd moest moeders natuurlijk regelmatig op komen draven om model te zijn en zo is mijn haar ook een enkele keer in de verf gezet.
Nauwelijks zichtbaar, één tintje donkerder met wat high- en lowlights, maar toch, mijn grijze haren die te voorschijn beginnen te komen waren voor een tijdje verdwenen.
Inmiddels is mijn eigen haarkleur weer helemaal terug en daarmee ook mijn grijze haren.
Zeg maar, een natuurlijke ‘coupe de soleil’, met een enkele uitschieter aan de voorkant.
Ik moet zeggen dat ik dit nog steeds wel erg leuk vind, die lichte plukken, en in het hoekje bij de scheiding, waar het bijna grijs/wit is, vind ik ook niet verkeerd.
Maar wat als het doorzet en ik steeds grijzer word, of wat ik eigenlijk veel erger vind en meer voor de hand ligt met mijn haarkleur, peper-en-zout grijs …
En toch …

De pracht van ouderen is grijs haar …
Een luisterrijke kroon is grijsheid …
Dit zijn wel Gods woorden tegen ons, tegen mij!
Hmm, op mijn leeftijd (dit jaar word ik 55)  nog niet zo erg, maar wat als je net dertig bent …

zaterdag 30 januari 2016

Yes! ik word een dagje ouder ...

Met vreugde ouder worden.


Al even heb ik het boekje ‘Pluspunt’ van Tineke Tuinder –Krause in mijn bezit, maar het was er nog steeds niet van gekomen om erin te beginnen.
Het is ook niet zomaar een leesboek, maar een lees-schrijfboek met gedachten over ouder worden; aantrekkelijk ouder worden, staat er zelfs op de voorkant.
Een boekje, dat je uitdaagt om niet alleen te lezen, te bekijken, te overdenken en van te genieten, maar ook om op te schrijven wat je bezighoudt.
Om je gedachten, vragen en antwoorden toe te vertrouwen aan het papier.

Aan de ene kant vraag ik me af of ik niet te jong ben voor dit boekje (ik ben 54 en wordt dit jaar 55), aan de andere kant … hoe je het ook wendt of keert, ik ben wel in de herfst van mijn leven gekomen.
Tenminste zo zie ik dat.
Zeg maar van 0 tot 25 jaar is de lente van je leven, van 26-50 de zomer, van 51-75 jaar de herfst en van 76 tot …  de winter.
Misschien slaat het nergens op, maar toch, zo ervaar ik het, en dat in ogenschouw genomen, schaar ik mijzelf toch maar bij de categorie ouder worden.
Want zeg nu zelf, ouder worden zegt immers niet gelijk dat je echt oud wordt, of oud bent.

Wat mij vooral aansprak aan dit boekje, was wat er óók op de voorkant staat, namelijk ‘aantrekkelijk ouder worden’.
Echter ook wat op de de achterkant staat, namelijk over de nieuwe fase van je leven die ook voordelen biedt, sprak mij aan, want ja, ik ben inmiddels, als oma van twee prachtige kleindochters en een derde, die iedere dag geboren kan worden, in een nieuwe fase van mijn leven gekomen,
Twee kinderen getrouwd, en nog wel twee ‘thuis’, al is dat ‘thuis-zijn’ meer op papier en vanwege een bed, dan wat anders, maar goed ..., ook dat is goed.


In ‘Blogger-land’ zijn veel Blogs over gezinnen, soms met alleen kleine/jonge kinderen, soms jong en wat ouder, maar er zijn maar weinig Blogs (misschien meer dan ik weet van heb, in dat geval: laat hier onder maar wat links achter – heel graag zelfs) over of rond het ouder worden.
Hmmm, misschien dat ik naar aanleiding van dit boekje wel enkele blogs ga schrijven.
Gewoon mijn gedachten delen (en hopelijk ook reacties daarop terug ontvangen) over de dingen die in het boekje naar voren komen.
En vooral, omdat er, zelfs op deze leeftijd, nieuwe dingen op mijn pad zijn komen die ik mag gaan doen.
Dingen, waarvan ik niet meer had gedacht dat dat nog zou gebeuren.
En mede daardoor ervaar ik dat ik met vreugde ouder word.
Daarnaast zou ik ook echt voor geen goud meer twintig willen zijn.
Eigenlijk kan en durf ik inderdaad wel te zeggen: Yes! ik word een dagje ouder!
En weet je, ik ben daarin zooo … benieuwd naar wat God nog allemaal gaat doen in- en met mijn leven.
Want, ik mag dan misschien een dagje ouder worden, maar ik ben nog vol verlangen, misschien nog wel meer dan toen ik jong was, om God te dienen en te eren in wat ik kan en mag doen.

Ben zo eigenlijk ook wel heel benieuwd wat en waar het boekje mij gaat brengen …