Posts tonen met het label pijn en verdriet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label pijn en verdriet. Alle posts tonen

dinsdag 6 oktober 2026

Vandaag zouden we ...

Het huis is stil en leeg …

De tafel inmiddels wat leger.
De bloemen zijn verdord, mijn laptop staat weer boven, de stapel paparassen is meer geordend en veel dingen zijn nu opgeborgen in mappen.
De stapel met boeken hebben inmiddels ook een andere plek gekregen.
Gelezen heb ik ze verder nog niet echt; eentje, en af en toe pak ik ook weer het boek waar ik in aan het lezen was in het ziekenhuis.
En ook mijn agenda heeft haar plaats op mijn bureau weer ingenomen, als ook het Dagboek van Murray en het schrift dat erbij hoort.
Nee, het lukt me nog steeds niet om er mee bezig te zijn, hoewel ik het vanmorgen wel voor het eerst weer even heb gelezen, dus misschien … wie weet.
De mand met kaarten staat er nog wel, als uiteraard ook je foto, de rouwkaart, en inmiddels een paar zeer mooie en bemoedigende kaarten.

Ik kijk door het raam vanuit mijn kamertje naar buiten.
De bomen hebben hun glans verloren en sommigen lijken al meer dood dan levend, en ik vraag me af of er nog wel eentje bij zal zijn die de prachtige gouden kleur krijgt die ze normaal hebben.
Een stille, trieste aanblik, eigenlijk wel een beetje zoals ik me vandaag voel.
Waar de eerste anderhalve maand na jouw heengaan er gewoon geen tijd en ruimte was voor gevoelens, voor rouw, door alle drukte en alles dat geregeld en gedaan moest worden, het bezig zijn met jouw kleren, je auto die weg moest, de scootmobiel … brengt me eindelijk bij de leegte, de stilte, het gemis en daarmee komen dan ook eindelijk de tranen.
In de garage staat nog je rollator, en die blijft daar nog even staan als een stille getuige van alles waar we samen doorheen zijn gegaan.
Het is een stukje van jou dat ik nog even langer vast wil houden.
Hij staat ook symbool voor de grote verandering in ons beider leven vrij aan het begin van dit jaar.
Ineens was je volledig thuis, en kon je helemaal niet meer werken.
Je stok, waarmee je je tot die tijd kon redden, verdween doelloos in de gang.
Met de tijd zal ook je rollator een goede bestemming krijgen, maar voor nu blijft hij nog even staan waar hij staat.

Het huis is stil en leeg …
Hoe anders was deze dag 43 jaar geleden.
Waar nu de lucht nog grauw is en grijs (ik schreef dit gedeelte vanmorgen), scheen toen de zon met haar vreugdevolle gouden stralen over onze dag.
Ja, onze dag, omdat we op die dag zijn getrouwd en ons leven samen zijn begonnen.
Wat was je trots op het feit dat het je gelukt was om lelietjes van dalen in mijn trouwboeket te krijgen, ik wilde dat zo graag.
Wat moesten we lachen op het gemeentehuis toen de stoel voor mij veel te hoog bleek voor mijn korte pootjes, en ze snel aankwamen lopen met verschillende telefoonboeken en een gouden gids, zodat mijn voeten niet hoefden te blijven bengelen.
Wat was het mooi en bijzonder om Gods zegen over ons huwelijk te ontvangen met de prachtige tekst uit Psalm 33:22: ‘Laat Uw goedertierenheid over ons zijn, HEERE, zoals wij op U hopen.’
Wat een heerlijke dag was het met iedereen die ons lief en dierbaar was.
En nu, nu moet ik verder zonder jou; de 43 jaar hebben we net samen niet mogen halen.

Vandaag is een dag van terugzien en terugdenken, van herinneringen; van een lach en een traan (tranen), van stilstaan en tegelijk ook doorgaan, van aanvaarden en Zijn liefdevolle troost en aanwezigheid in alles ervaren, vooral in die momenten als ik even breek.
En toch … en toch wil ik ook vandaag getuigen van Zijn goedheid, Zijn liefde en Zijn trouw.
Ja, het huis is stil en leeg, maar ik ben NOOIT alleen!
Ja, er klinkt geen andere stem meer in dit huis, alleen nog die van mij als ik hardop lees uit Zijn Woord of Dagboek, of zing van Zijn liefde en trouw, Zijn goedheid en genade, of praat tegen ons hondje.
Maar tegelijk ervaar ik: U bent bij mij, rondom mij, in mij.
Wat bent U goed voor mij, Heer!

En zo ga ik deze avond in terwijl de zon, die vanmiddag toch nog tevoorschijn kwam, langzaam achter de huizen verdwijnt. 
Het laatste beetje van dit zonlicht schijnt op mijn kamertje naar binnen en opnieuw moet ik denken aan Psalm 18:29 dat zegt: 'Want Ú doet mijn lamp schijnen, HEERE; mijn God doet mijn duisternis opklaren.'
Och, als we U kennen, kan er vreugde zijn ondanks verdriet, kunnen we huilen, en tegelijk vrede ervaren, kan er pijn zijn, en tegelijk troost.
Wat bent U goed, o Heer!


Wat bent U goed, o Heer,
wat zorgt U voor mij,
iedere dag opnieuw.
Wat troost U mij,
mag ik Uw nabijheid
daarin zo ervaren.

Wat bent U goed, o Heer,
wat ziet U naar mij om,
elke dag, ja, elk moment.
Wat sterkt U mij,
en mag ik Uw kracht
steeds weer ervaren.

Wat bent U goed, o Heer,
wat doet U Uw woord
gestand, alle dagen.
Wat bemoedigt U mij,
en mag ik de waarheid
van Wie U bent ervaren.

Wat bent U goed, o Heer;
geprezen zij Uw heilige,
en machtige Naam!
U zorgt, ziet en draagt,
ja, gaat met mij mee en zal
mij in Uw hand bewaren.


dinsdag 1 september 2026

Stil en leeg ...

Wat een rare zomer is het dit jaar geweest.
De scholen zijn nu allemaal weer begonnen en voor de meesten begint nu echt het gewone leven en het erbij horende ritme weer, maar voor mij ...
O ja, ik heb wel een bepaald ritme dat ik aanhoud, omdat zowel ik als ons hondje dat nu meer dan nodig hebben, maar het is verre van gewoon.
Niets is immers meer hetzelfde, en dat wordt het ook niet meer.
Het huis is stil en leeg.

Geen bed meer in de woonkamer.
Geen thuiszorg meer.
Geen rollator die ergens tegenaan stoot, of waar een hondje voor loopt.
Geen gezamenlijke agenda meer op de telefoon.
Geen afspraken meer waar ik je naar toe moet rijden.

Geen grote pannen meer om in te koken.
Het brood niet meer door de helft in de vriezer.
Geen geluid meer van films of muziek.
Ook het zachte geluid van een spelletje op de Ipad klinkt niet meer.

Een lege stoel tegenover mij aan tafel.
De lege stoel naast de mijne in de tv-kamer.
Maar ook geen harde nies meer waar ik vaak zó van schrok, zelfs na bijna 44 jaar samen zijn (waarvan net geen 43 jaar getrouwd)

Het huis is stil en leeg.
Mijn keukentafel ligt daarentegen vol.
Jouw foto, de rouwkaart, een mand met meer dan honderd kaartjes.
Een vaas met prachtige bloemen, gekregen uit de tuin van een lieve vriendin.
Een map van de Uitvaartzorg, van de natuurbegraafplaats waar je begraven bent, een condoleanceboek.

Een stapeltje boeken, die ik vorige maand nog voor mijn verjaardag heb gekregen.
Allerlei paperassen, dingen die geregeld moeten worden, of geregeld zijn.
Een beeldje van de Goede Herder Die een schaapje draagt; je had het ooit van mij gekregen en op je bureau in de zaak staan.
Jouw oude agenda, die je gebruikte voor de mobiele telefoons met een agenda.
Mijn papieren agenda ...


Het huis is stil en leeg zonder jou,
maar ik ben niet alleen.


Het huis is stil en leeg.
Mijn gedachten gaan naar de eerste keer dat we in het ziekenhuis spraken over wel of niet reanimeren, en jij toen nog duidelijk aangaf dat je dat echt wilde, want je had nog zoveel te zeggen, zoveel te doen. Zoveel te zeggen, zoveel te doen ...
Je woorden brachten een brok in mijn keel, je was immers geen prater, en je werd steeds beperkter in wat je nog kon.
Maar ondanks dat, wat ben ik dankbaar voor de tijd die we samen nog hebben gehad.


Wij mensen denken vaak dat we alle tijd hebben, als het vandaag niet komt, dan morgen wel; maar wat als morgen niet meer komt?

Zeg toch nu wat je hebt te zeggen,
tegen hen die je lief en dierbaar zijn.
Vertel toch nu wat je hebt te vertellen,
al is het nog zo weinig, kort of klein.

Doe toch nu dat wat belangrijk is,
in het bijzonder voor wie dierbaar zijn.
Doe het toch nu, nu het nog kan,
niet meer kunnen, te laat zijn, doet pijn.

Zeg, doe, stel toch niet uit.
Niemand kent zijn uur of tijd.
Het voorkomt pijn en verdriet,
wroeging en heel veel spijt.

zaterdag 30 mei 2026

Mijn Hoop is op U!

‘Ik heb U hartelijk lief, HEERE, mijn sterkte.
De HEERE is mijn rots en mijn burcht en mijn Bevrijder,
mijn God, mijn rots, tot Wie ik de toevlucht neem,
mijn schild en de hoorn van mijn heil, mijn veilige vesting.’
Psalm 18:2,3

De afgelopen weken kwam er niets van schrijven; omstandigheden en daardoor gebrek aan ruimte en rust zijn daar verantwoordelijk voor.
Samengevat: sinds begin maart staat ons leven behoorlijk op z’n kop en is niets meer hetzelfde.

Een heftige, hectische en intensieve tijd ligt achter ons, en een ‘onzekere, vage’ toekomst voor ons.
Een tijd, waarin ik met mijn man in één weekend van huisartsenpost, naar spoedeisende hulp eindigde in een zorgpension (wat overigens ook niet bepaald om de hoek lag); van weer thuiskomen, maar bijna niet meer kunnen lopen en dus ook niet meer werken.
Een tijd, waarin we vaak van het kastje naar de muur werden gestuurd, en waar we nu -ondanks de ziekenhuisbezoekjes, nog steeds niet veel wijzer zijn van wat er nu precies aan de hand is.
Een tijd, waarin revalidatie -fysio, ergo, maatschappelijk werk, nu is begonnen, als ook thuiszorg deel uit is gaan maken van ons leven.
Een tijd, van leren omgaan met alles; met een van de één op de andere dag totaal andere (thuis)situatie en een toekomst die op meerdere terreinen ‘onzeker en vaag is’.
Een tijd, waarbij mijn lichaam behoorlijk protesteert door alle extra’s, en ik ook daarin -met alles, een weg moet zien te vinden.
Een tijd, van zorg, van moeite, verdriet en pijn en waarin tranen rijkelijk stromen, als ook tussen alles door momenten zijn van dankbaarheid, van vreugde en vrede, van geloof en vertrouwen.
Een tijd waarin het één het ander afwisselt, op zoek naar een nieuwe weg en een nieuwe balans.

Het Dagboek van Murray ligt inmiddels al een aardig poosje stil op mijn bureau; ik kon -en kan er (nog) even niet mee verder door mijn vermoeide en worstelende ziel, en het gebrek aan rust en ruimte.
Maar het heeft er wel voor gezorgd dat ik een ander plekje boven heb gecreëerd (met hulp van één van mijn jongens) waar ik tot rust kan komen; een mooi klein hoekje van een kamer met een fauteuil tussen twee kastjes met mijn belangrijkste ‘spulletjes’.
En daar vertoef ik nu om mijn evenwicht te hervinden, om tot rust te komen, om bij de Heer te zijn, en waar ik mijn Stille Tijd houd.
Een plekje, veilig, beschut, geborgen, en waar ik heel dankbaar voor ben, omdat ik daar even niets moet, maar gewoon mag zijn met alles wat mij bezighoudt.

Vanmorgen zat ik daar weer maar met een onrustig en zwaar gemoed na (opnieuw) een confronterend gesprek gister.
Er is zoveel om over na te denken, zoveel keuzes om te maken, beslissingen om te nemen, en ook al hoeft niet alles niet à la minuut besloten te worden, toch heeft elke beslissing invloed op de volgende.
Het is moeilijk tot rust komen als het een op het andere volgt, en je tussen alle bedrijven door de gewone dingen ook nog moet doen.
Toch is dit plekje boven mijn rustplekje, want vroeg of laat komt mijn onrustige hart -en lichaam- daar dan toch, door Hem, tot rust en vind ik er nieuwe moed en hoop.
Zo ook vanmorgen door de woorden van Jezus in Johannes 4:34 en Psalm 39:8.
‘Jezus zei tegen hen: Mijn voedsel is dat Ik de wil doe van Hem Die Mij gezonden heeft en Zijn werk volbreng.’

‘En nu, wat verwacht ik, Heere?
Mijn hoop, die is op U!’

Er gaan allerlei gedachten door mij heen als ik ’s middags achter mijn bureau kruip.
Een wirwar van gedachten die uiteindelijk leiden tot dit schrijven en onderstaand gedicht.
En misschien hiermee ook weer tot wat orde in de chaos van de afgelopen tijd, en een begin in hervinden van rust en balans.
In Uw handen …

Mijn Hoop is op U!

‘Alles aanvaarden als uit Gods hand’,
zijn woorden die mij menigmaal
al op de goede weg hebben geleid;
alleen …,
het kost mij deze keer iets meer tijd.

Als het nu gaat om kleine dingen,
niet echt levensveranderend,
ach, dan is het zo moeilijk nog niet,
alleen …,
nu overheerst vaak nog pijn en verdriet.

Toch bid ik U, Heer,
leer mij om alles, ja, alles, ook dit,
te aanvaarden als uit Uw hand.
Alleen met U kan ik het aan,
alleen met U aan mij zij,
houd ik stand.

Ja, Heer, leer mij alles te aanvaarden,
- wat is, was en komt, als uit Uw hand;
U geeft niet meer dan ik dragen kan.
U ziet het geheel, het totale plaatje,
daardoor weet U ook wat het beste is,
wat past in Uw volmaakte plan.

Daarom proclameer ik Uw Woord:
‘En nu, wat verwacht ik, Heere?
Mijn hoop, die is op U!’
U bent immers mijn Heer en God,
mijn toevlucht, mijn rots, mijn Bevrijder;
en niemand, nee, niemand is als U!


>> Shalom <<

zondag 15 juni 2025

De Kracht van Gebed!

Een speciaal blogje voor op een speciale zondag.

Vandaag is het de Zondag voor de Vervolgde Kerk.
Een jaarlijks terugkerende dag voor alle kerken in Nederland en in Vlaanderen, georganiseerd door OpenDoors.
Deze dag is altijd de eerste zondag na Pinksteren, omdat toen, na de uitstorting van de Heilige Geest, de vervolging begon.
Ik hoop dat jouw gemeente er ook aan mee doet en zo niet, neem eens een kijkje op de website van Open Doors, lees er over en bespreek het in je gemeente om hier ook één zondag per jaar apart voor te zetten.
Hoe mooi is het om -al is het één dag per jaar, een dag te hebben dat alle verschillen en geschillen wegvallen, omdat we met elkaar maar één doel voor ogen hebben: namelijk samen biddend rond onze broers en zussen staan die vervolgd worden.
Immers, ‘Als één lid lijdt, lijden alle leden mee!’ (1 Kor. 12:26a)
En laat het vervolgens zo binnenkomen, je hart zo raken, dat je waar mogelijk, dagelijks de rugdekking wordt voor hen.


>> Opwekking 471 – Heer, raak mijn hart aan 

                       
Hoeveel jaar het inmiddels is, weet ik niet meer, maar al heel wat jaar komen we met een vast groepje vrouwen iedere laatste vrijdag van de maand bij elkaar om speciaal te bidden voor de Vervolgde Vrouwen.
Voorheen waren er vijf verhalen, tegenwoordig nog drie, en hoewel we er na zoveel jaar even aan moesten wennen, is het goed zo, want de ochtenden waren soms heel erg zwaar, zo schrijnend, afschuwelijk huiveringwekkend waren -en zijn, vaak de verhalen.
Er waren met vijf verhalen soms vrijdagen bij dat ik echt zo moe thuiskwam, dat er niets meer uit mijn handen kwam.
Maar ook de drie verhalen hebben soms nog genoeg impact om je de rest van de dag van slag te maken, zo schokkend is het soms.
De prijs die onze vervolgde zusters (en broers) betalen voor hun geloof is heel hoog; vooral als zij zich van de Islam bekeerd hebben tot een volgeling van Jezus.
Daarom bij deze ook een oproep om er eens over na te denken om je aan te sluiten bij één van de Gebedsgroepen voor de Vervolgde Vrouwen, of start er zelf één.
Via de hier onderstaande link kun je er alles over lezen:
>> VrouwenGebedsGroepen

De afgelopen week las ik het boek ‘Undercover voor God’ van Dick Langeveld en Ben Hobrink.
Het is goed om dit soort boeken, boeken over de Vervolgde Kerk/Vervolging te lezen, vooral gezien de tijd waarin we nu leven.
In de laatste jaren komen er steeds meer Kerken/Gemeenten bij waar lijden geen plaats heeft, soms zelfs niet mag zijn; waar men doet alsof ziekte niet hoeft te bestaan en dat iedereen maar genezen wordt.
Ooit heb ik zelfs een bekende buitenlandse voorganger met trots horen verkondigen dat hij nog nooit ziek was geweest; ja, op één keertje na dan, maar dat was zijn eigen schuld, hij had niet goed om zichzelf gedacht.
Ik vraag me werkelijk af hoe al deze kerken kijken en omgaan met de Vervolgde Kerk, met het lijden waarmee deze mensen hebben te maken; met de ziektes en trauma’s die zij oplopen doordat zij voor Jezus hebben gekozen en daarom gevangengenomen worden, gemarteld en ziek worden van de omstandigheden waar ze in verkeren.
Mijn hart huilt hierom, en niet alleen mijn hart, soms lopen de tranen om hun verhalen, om hun pijn en lijden over mijn gezicht, en kijk ik naar boven: ‘Oh God, hoe kunt U dit aanzien? Hoe … …’, om vervolgens mijn hoofd te buigen in verootmoediging en gebed voor hen.

Maar er is ook nog een andere kant, een ander gevaar aan deze kerken en gemeenten met wat ze verkondigen, namelijk dat als de vervolging hier komt, en die gaat zeker komen, is er al een klein beetje, vele mensen het spoor en hun houvast misschien wel kwijtraken, omdat ze niet weten hoe om te gaan met lijden.

In het boek ‘Undercover voor God’ vertelt Dick ook veel over zijn reizen naar Roemenië en Bulgarije nog voor dat ook daar een einde kwam aan het communisme.
Hij zegt het volgende: ‘Na de omwenteling ben ik nog menig keer in Roemenië en twee keer in Bulgarije geweest. In de jaren na de omwenteling kreeg de kerk in die landen te kampen met nieuwe uitdagingen en nieuwe verzoekingen. Veel christenen waren niet voorbereid en daardoor niet opgewassen tegen de verzoekingen die vrijheid met zich meebrengt.
Zijn wij voorbereid en opgewassen tegen de verzoekingen die vervolging met zich mee brengt?
…
We zullen de lessen van de Vervolgde Kerk hard nodig hebben om te kunnen standhouden als ook hier vervolging komt.’

Wat kunnen de verhalen van onze vervolgde broers en zusters ons helpen om onze ogen op God te richten, onze hulp van Hem te verwachten, zelfs in de moeilijkste omstandigheden.
Zelfs nu er hier nog nauwelijks vervolging is, kunnen hun verhalen en hun getuigenissen ons helpen en bemoedigen.
Laten we toch onze ogen niet sluiten voor de Vervolging die gaande is en die al vele mensenlevens heeft geëist!
Laten we onze ogen toch niet sluiten voor hen die onze broers en zusters in de Heer zijn!
Laten we opstaan en onze plaats naast hen -ook al is dit niet fysiek, innemen door hen te brengen bij de troon van Genade.

‘Denk aan de gevangenen alsof u zelf ook gevangen bent,
en denk aan hen die slecht behandeld worden,
alsof u ook zelf lichamelijk slecht behandeld wordt.’

Hebreeën 13:3

‘En de Koning zal hun antwoorden:
Voorwaar, Ik zeg u:
voor zover u dit voor een van deze geringste broeders
 van Mij gedaan hebt, hebt u dat voor Mij gedaan.’

Mattheüs 25:36,40

Vervolgde en Biddende Kerk

Laten wij die in vrijheid leven
een Biddende Kerk zijn,
die de rugdekking is
voor de Vervolgde Kerk.
Laten wij onze ogen niet sluiten,
dan alleen om te bidden,
opdat zij kunnen volharden,
standvastig zijn en sterk.

Laten wij doen wat Jezus gebood,
en omzien naar hen die lijden;
die vervolgd worden om hun
geloof in ónze Geliefde Heer.
Laten we niet vergeten dat alles
wat we voor hen hebben gedaan,
we vóór Hém hebben gedaan, en
dat dit alles strekt tot Zijn glorie en eer.

‘Hoe zwak is een regendruppel als die op de aarde valt.
Maar als vele druppels verenigd zijn in één stroom
en aldus één lichaam worden,
hoe snel wordt de kracht dan onweerstaanbaar!
Van dien aard is de Kracht van ware eenheid in Gebed.’

Andrew Murray

Mag de Heere ons zegenen met een hart dat hoort, ziet en meelijdt, dat net als het Zijne met ontferming bewogen raakt, en dat zich automatisch buigt en verootmoedigt voor Hem om te bidden voor hen in nood.
‘Heer, raak ons hart aan en maak ons bereid!’

Een gezegende week,
en een liefdevolle groet,
Rita


👉 Open Doors

Je kunt ook de speciale Petitie 'Breek de Stilte' tekenen om een stem te geven aan de miljoenen christenen die door bruut geweld uit Africa zijn verdreven.
Volg de link hieronder en bekijk het filmpje en lees er meer over.
👉 Teken de Petitie


Aanbevolen om te lezen:
👉 Gods smokkelaar
👉 Undercover voor God
👉 Een leven op het Altaar


Indrukwekkende romans om te lezen zijn ook o.a.:
👉 Oog in oog met Jezus
Samaa Habib (met Bodie Thoene)

En de boeken van:

👉 C. Hope Flinchbaugh

donderdag 3 december 2020

Verdriet ...

Verdriet,
- pijn van zorgen,
- van gemis,
- van ‘nooit meer’,
soms overval je me
in alle heftigheid.
Je doet mijn tranen stromen,
stromen en stromen,
zodanig, dat er geen einde
aan lijkt te komen.

Verdriet,
- pijn van zorgen,
- van gemis,
- van ‘nooit meer’,
soms overval je me
met zoveel intensiteit,
dat ik alleen maar kan huilen,
huilen en huilen.
En in gedachten leg ik dan
mijn hoofd maar tegen U aan,
om bij U te schuilen.

Verdriet,
- pijn van zorgen,
- van gemis,
- van ‘nooit meer’,
soms overval je me
in alle heftigheid.
En ik kan niet anders
dan je laten komen.
Want ik weet dat met elke traan,
Zijn genezing daar doorheen
zal stromen.

Verdriet,
- pijn van zorgen,
- van gemis,
- van nooit meer’,
eens ben je voorbij.
En elke traan
door jou ontstaan,
wordt behoedzaam door Hem
van mijn ogen gewist.
Voorbij is dan je lijden,
voorbij het strijden,
voor eens en altijd
is jouw bestaan
volledig uitgewist.



zaterdag 21 november 2020

Ter nagedachtenis aan onze lieve Shaila ...

Gistermiddag heb ik onze lieve Shaila, ruim zestien jaar oud, in laten slapen.
De laatste maanden ging ze ineens hard achteruit.
Schildklier- en hartproblemen, blaasontstekingen en in de afgelopen weken werd ze blind.
Medicatie kon daar niets meer aan veranderen.
Hoewel ze nog steeds ontzettend lief en aanhankelijk was, met smaak at wat ik voor haar neerzette (soms meerdere keren omdat ze het anders niet meer kon vinden), was ze daarnaast voornamelijk een zielig beestje geworden dat overal tegenaan liep en haar weg kwijt was.
Zo stond ze afgelopen week stond op de bank en wist ze niet eens meer hoe en waar ze er vanaf moest, en toen ik haar op de grond zette, liep ze van het één tegen het ander aan, zo zielig.
Haar wereldje was heel klein geworden, en ze lag eigenlijk alleen nog maar te liggen.
Zelfs de kattenbak leek ze niet altijd meer te kunnen vinden, wat resulteerde in regelmatig plassen in haar eigen mandje en op de plavuizen.

De keuze maken om haar in te laten slapen, vond ik heel moeilijk.
Doe ik er wel goed aan, is het niet te vroeg?
Maar als ik haar dan weer zag zitten, naar de grond starend, en vervolgens moest toekijken hoe ze schoorvoetend, met alle nageltjes uit, weer overal tegenaan liep en ook opnieuw haar eigen mandje had bevuild en er dan ook nog in sliep, dan ...
Maar och, het is en blijft moeilijk.

Toen ze bijna zes jaar was, heb ik een verhaal 'vanuit haar perspectief' geschreven; het stond op mijn allereerste Blog.
Vandaag plaats ik het hier als herinnering aan onze lieve poes.
  

                                            
                                                          (Shaila met haar favoriete thee)
Hallo, ik ben Shaila.
Een hele lieve poes van bijna zes jaar oud en dus in de bloei van mijn leven.
Mijn vrouwtje heeft er voor gezorgd, dat de baas deze foto's maakte; dat vond zij leuk om aan anderen te kunnen laten zien.
Nou, ik kan je vertellen, ik niet echt, maar ja, ik heb weinig in te brengen.
Maar laat ik je het hele verhaal vertellen.

De baas des huizes hield eigenlijk helemaal niet van katten; 'De mooiste kat was een platte kat,' zei hij altijd.
Puh, nou, dat was een vriendelijke opmerking, daar mocht ik dus in huis komen.
Gelukkig is mijn vrouwtje dol op katten en eindelijk na zoveel jaar, was de heer des huizes gezwicht voor haar smeekbeden en ik mocht komen.
Blijkbaar zag hij toch iets liefs in mij.

Toen ik hier kwam bleek ik niet het enige huisdier te zijn.
Ik was blij dat ik in mijn kooi zat, want er kwam me toch een reus op me af.
Kijk, nu was ik dat wel gewend, want waar ik vandaan kwam hadden ze ook zo'n groot ding rondlopen, maar deze was toch vreemd en dan moet je toch even uitkijken niet waar; maar we zijn goede maatjes geworden, hoor.
Af en toe daag ik haar eens lekker uit en dan stuift zij achter mij aan.
Vroeger gebeurde dat vaker dan nu, maar ja, dat krijg je als je wat ouder wordt, dan speel je toch minder en eigenlijk is mijn grote vriendin Shirah eigenlijk ook altijd wel een beetje heel erg lui geweest, als ik het even zeggen mag.
Vorig jaar oktober vierde zij haar tiende verjaardag en ja, dat is toch al behoorlijk oud voor een Berner Sennen hond.

Mijn baasjes hebben ook nog een paar vissen, maar die staan op de aanrecht en daar kan ik niet bij.
Ik moet je namelijk bekennen dat ik niet zo goed ergens op kan springen.
Ik kan wel heel erg goed in de lucht springen, wel anderhalve meter hoog, maar ergens op  of van naar..., nee, dat kan ik niet zo goed.
Dat gaat nog weleens mis en lig ik weer op de grond.
Ik doe dan maar altijd alsof er niets aan de hand is en loop gewoon maar gauw ergens anders heen, want ja, laten we eerlijk zijn, een blamage is het natuurlijk wel een beetje als je een kat bent en je kan niet goed springen.
Dat betekent dus ook dat het me niet lukt om op de aanrecht te springen, dus die vissen vallen buiten mijn bereik.
Het vrouwtje heeft me wel even kennis laten maken met ze, maar daarna werd ik weer op de grond gezet, ze waren dus duidelijk niet voor mij bestemd.

Ook hadden ze nog 4 kinderen rondlopen toen ik hier in huis kwam, maar daar zijn er inmiddels twee van weg, wat betekent dat ik wat meer rust heb gekregen.
Vooral die ene was soms echt erg, brr.
Ze komen natuurlijk wel regelmatig thuis, dan kroelen we even en dan is het wat mij betreft wel weer goed.
Tenslotte bepaal ik toch zelf wel een beetje wat ik wel en niet wil.

 Waar ik wel even aan moest wennen toen ik hier kwam, was dat riempje waar ik aan vast kwam te zitten.
De grote baas vond het dan wel goed dat ik kwam, maar dan moest ik buiten wel vast aan een riempje, want als hij ergens een hekel aan had, dan was het wel aan al die katten die in andermans tuin hun behoefte deden.
Nou, daar had mijn vrouwtje geen moeite mee; ze was al blij dat ik mocht komen.
Ik hoorde ook, dat zij al eens eerder een kat had gehad en dat die onder een auto was gekomen.
Hij was nog wel naar huis komen lopen en ze waren ook nog naar de dierenarts geweest, maar het mocht niet meer baten en hij ging dood.
Daar is mijn vrouwtje heel erg overstuur van geweest en ze heeft hem heel erg gemist; oud was hij ook niet geworden, maar anderhalf.
Tja, dat is ook best wel zielig en dan snap ik het ook wel, hoor, dat ze mij aan een riempje doet.
En daarbij, buiten de poort vind ik het ook best wel heel erg eng.

Ach, laten we eerlijk zijn, zo'n ramp is dat riempje nu ook niet.
Ik ben er inmiddels helemaal aan gewend.
Als het mooi weer is, lig ik prinsheerlijk buiten op mijn slaapzak; ja, het vrouwtje zorgt goed voor mij.
Ze zorgt ervoor dat dat de parasol mooi boven de slaapzak staat, de kattenbak binnen pootbereik en ook mijn brokjes en water in de buurt.
Meestal kruip ik heerlijk in de slaapzak, dat ligt zo lekker.
In de felle zon vind ik het niet lekker.
Mijn achterbuurman wel, die ligt bij een beetje zon al op het platte dak van de garage, maar ik hou niet van die felle zon.
Het voorjaarszonnetje vind ik wel lekker, maar die brandende zon ...
Hi, hi, ik lijk wel een beetje op mijn vrouwtje, die heeft dat precies zo.

Wat alleen af en toe wel erg lastig en soms zelfs heel erg vervelend is, is dat het riempje niet langer is.
Ik heb helemaal niet zoveel ruimte nodig hoor, maar er zijn situaties dat ik er ontzettend van baal dat dat ding niet langer is.
Mijn baasjes hebben namelijk twee vogelbadjes in hun tuin staan.
Eigenlijk is het heel gemeen dat zij die niet hebben weggehaald; ze houden wat dat betreft helemaal geen rekening met mijn poezengevoelens en katteninstinct.
Als ik dan zo buiten ben, hè, dan gebeurt het regelmatig, -vooral bij mooi weer, dat de vogels komen en die gaan dan heerlijk zitten badderen, pal voor mijn neus.
Vreselijk!
Ze zien er zó lekker uit en ik kan er niet bij!
Soms heb ik het gevoel dat ze me gewoon uitlachen: 'Ha, ha, je kan ons toch lekker niet pakken! Lekker puh!'
Oeh, op die momenten, dan baal ik echt van dat riempje.
Lijdzaam moet ik dan maar toezien hoe zij lekker poedelen in het water, terwijl bij mij het water uit mijn bekje loopt.

Mijn baasjes vinden het prachtig.
Zij vinden het 'bijzonder' dat die vogels toch komen ook al zit ik buiten.
Nou, ze kunnen me wat; 'bijzonder', poeh.

Zo ook afgelopen winter.
Het vrouwtje zet dan altijd een schaal met brood, pinda's en zaadjes op de tuintafel voor de vogels en dan zitten die dingen natuurlijk steeds op tafel.
Als ik dan binnen op de stoel bij het raam ga zitten dan kan ik ze heel goed zien en oh, dan loopt het water je in de bek.
Als ik er toch ooit één te pakken krijg ...

                 
Hoe frustrerend het is kun je zien op de foto's hier boven.
Die hebben zij gemaakt toen ik in de sneeuw even naar buiten mocht.
Niet te lang natuurlijk, want anders vat ik kou.
Als er sneeuw ligt blijf ik altijd dicht bij het huis, want daar ligt minder sneeuw en tegen het huis aan helemaal niet.
Al die sneeuw is immers niet goed voor mij en mijn pootjes.
Nou, en op een dag zat ik daar en ja hoor, daar kwam die vervelende vogel weer.
Hij ziet me en trekt zich niets van mij aan.
Van de stoel springt hij gewoon op tafel en gaat wat eten.
Nou ja, zeg ik je, wat blijft er dan nog over van de kattenreputatie!
Ja, mijn baasjes zijn daar verantwoordelijk voor; ik kan er niets aan doen dat mijn reputatie als roofdier een lachertje is geworden.
Ik had het ook wat dat betreft graag anders gezien.
Ik vind het helemaal niet erg om vast te zitten en doorgaans is het riempje lang genoeg, alleen zou het moeten kunnen uitschuiven als er een vogel in de buurt is.

Ik zou nog wel meer kunnen vertellen hoor, maar voor nu stop ik er maar mee.
Normaal staan hier toch andere dingen, maar dit mocht ik van mijn vrouwtje even vertellen omdat zij het op de één of andere manier toch heel bijzonder vind.
Nou ja, het zal wel, ik ben geen mens; daar zal het wel aan liggen dat ik dat niet begrijp.


Augustus 2012

Ps. De laatste 8 jaar van mijn leven had ik een nieuw vriendje, Jaylinn.
Dit was wel veel leuker dan die grote loebas van een Shirah, want dit was tenminste meer van mijn formaat.
Samen hebben we heel veel gespeeld, tot ik ziek werd, toen vond ik het spelen niet meer zo leuk.

De laatste foto van ons saampjes - 19-11-2020


Shaila, 19-11-2020

zondag 17 mei 2020

Op die dag in de hemel ...

Het is een vrij rustige zondag.
Naast enkele telefoontjes van mijn dochter die er een beetje doorheen zit, is het stil.
Buiten schijnt de zon, en een zacht windje doet de blaadjes aan de bomen ritselen.
Maar in mij is het nog onrustig door alles wat er afgelopen week door mij heen gegaan is na het intens verdrietige bericht, van het verongelukken van iemand uit onze gemeente, dat we maandag ontvingen.
Onrustig, omdat het zovele herinneringen opriep, en daarmee ook zoveel losmaakte in mij; meer dan ik voor mogelijk had gehouden na zoveel jaar.
Flashbacks, waarin opnieuw de wanhoop en angst mijn ziel raakt.

Leek het me van te voren heel zwaar de sleutel van de flat van mijn moeder in te leveren, toch werd dit overschaduwt door dit nieuws dat ons vlak daarvoor bereikte.
Het overschaduwde ook het feit dat het woensdag de 13e mei de verjaardag van mijn broertje zou zijn geweest -50 jaar zou hij zijn geworden; als ook dat vrijdag de 15e mei, toen de begrafenis was, mijn vader jarig zou zijn geweest.

En toch, hoe onrustig deze week ook was, en het nog binnenin mij is, toch is daar dat lied dat we vrijdag zongen: ‘Op die dag in de hemel, wat een dag, wat een vreugde zal dat zijn. Dan zijn wij bij Jezus, en klinkt het overwinningslied!’
Kon ik de eerste nachten na dit nieuws slecht slapen, wakker gehouden door het nieuws en de herinneringen die het opriep, vanaf dat ik dit lied hoorde (mijn man en ik waren gevraagd om te spelen en te zingen met de afscheidsdienst) is dit lied in mijn hart en op mijn lippen.
Welk een troost ligt in dit lied, welk een vooruitzicht en vreugde! en langzaam worden de herinneringen, als ook de pijn en het verdriet van het afsluiten van de flat van mijn moeder, begraven onder de troost en vreugde die van dit lied uitgaan.
Wat hoop en bid ik, dat dit ook zo zal zijn voor de familie van; mijn hart en gebeden gaan naar hen uit.
Dat God hen zal blijven dragen, ook de komende tijd als de pijn en het verdriet van het gemis voelbaarder en tastbaarder wordt.

Sommige dingen, Heer, 
zullen we nooit begrijpen.
noch een antwoord krijgen
op het waarom.
En waar wij afscheid
moeten nemen,
klinkt tegelijk Uw stem:
Wees welkom!

Uw woord zei het ons al
dat we het in dit leven
zwaar te verduren 
zouden krijgen.
Maar soms is het zo
moeilijk en onbegrijpelijk,
dat ons niets anders rest
dan te zwijgen.

Toch is daar Uw troost,
Uw aanwezigheid,
ja, Uw nabijheid
in alle pijn.
En richt U onze blik
op dat we eens
allemaal bij U
zullen zijn.

Geen dood meer,
en geen tranen,
geen pijn meer 
zo ook geen verdriet.
En tot die tijd
mogen we weten
dat U er bent en
alles van ons ziet.


Op die dag in de hemel ...

zaterdag 4 april 2015

Dag 47, 48 - In rouw gedompeld

De vrouw die niet van Zijn zijde week.
Vele vrouwen, die Jezus vanuit Galilea gevolgd waren om voor Hem te zorgen, stonden van een afstand toe te kijken..
Onder hen bevonden zich Maria uit Magdala …

Maria uit Magdala en de andere Maria bleven achter, ze waren bij het graf gaan zitten.

Mattheüs 27:55,56,61


Het is voorbij.
Vanuit de verte had ze toegekeken samen met nog een paar vrouwen.
Zij, Maria Magdalena, had Hem gediend vanaf het moment dat Hij haar had bevrijd van zeven demonen.
Hij had haar gered en haar het leven terug gegeven.
En nu …
Nu heeft ze moeten toezien hoe haar Redder en Heer stierf; hangend aan een kruis, strijdend en worstelend tot de dood.
Onbeschrijfelijke pijn was door haar ziel gesneden toen ze Hem daar had zien hangen en worstelen.
Nog nooit had ze zulke diepe, rauwe pijn gevoeld.
Hij, Die alleen maar goed had gedaan.
Hij, Die haar had gered en bevrijd.
Hij, Die het eigenlijk juist verdiende om op handen gedragen te worden, hadden ze vals beschuldigd, mishandeld en onschuldig veroordeeld en berecht.
Ze had het nauwelijks aan kunnen zien.
Hij was haar Heer!
Hij had haar van de duisternis in het licht gebracht; vanuit de dood in het leven.

En nu zat ze samen met de andere Maria bij het graf in diepe rouw gedompeld.
Haar geliefde Heer, was er niet meer.
Het voelt alsof de grond onder haar voeten is weggeslagen.
Nog nooit heeft ze zich zo eenzaam en alleen gevoeld.

De Sabbat komt eraan.
Er is nu geen tijd meer om Hem de laatste eer te bewijzen met kruiden en balsems, maar ze zal zo meteen nog snel, samen met Maria, alles klaar gaan leggen, zodat dit het eerste is dat ze kunnen doen als de Sabbat voorbij is.

Nog even zit ze stilletjes bij het graf waar haar Heer is neergelegd, terwijl de tranen over haar wangen stromen.
De stilte om haar heen voelt drukkend en haar hart is zwaarder dan ooit.
Voorbij.
Weg.
Nooit weer …

Van toen aan begon Jezus Zijn discipelen te laten zien dat Hij naar Jeruzalem moest gaan en veel zou moeten lijden van de kant van de oudsten en de overpriesters en de schriftgeleerden, en dat Hij gedood zou worden …

Zoals dus door één overtreding de veroordeling gekomen is over alle mensen tot verdoemenis, zo komt ook door één rechtvaardigheid de genade over alle mensen tot rechtvaardiging van het leven.
Want zoals door de ongehoorzaamheid van de ene mens velen als zondaars aangemerkt worden, zo zullen ook door de gehoorzaamheid van de Ene velen als rechtvaardigen aangemerkt worden.

… en op de derde dag zou worden opgewekt.

Mattheüs 16:21
Romeinen 5:18,19


Ze loopt naar huis, haar hoofd gebogen onder de zware last van het diepe en intense verdriet.
Is haar verdriet te groot, of is de woorden die Jezus eerder gesproken had, vergeten?
Of kon ze alles nog niet omvatten en begrijpen?
Nog even geduld, Maria, nog even geduld, dan zal je hart weer van vreugde zingen.

Deze Sabbat is een Sabbat die ze nooit meer zal vergeten …













Over de vrouw die niet van Zijn zijde week, kun je lezen in:
Mattheüs 27:33-61

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

dinsdag 24 maart 2015

Dag 35 - Pijn en verdriet ...

De vrouw die (naast dat zij altijd bezig was) Hem geloofde.
Jezus begon ook te huilen.
Johannes 11:35


Jezus wist allang dat Lazarus dood was; Hij had het immers zelf al aan Zijn discipelen verteld, en toen klonk daar geen enkele emotie in.
Maar nu, als Hij Maria zo ziet huilen en ook al die andere mensen die met haar meegekomen waren, raakt Zijn Geest bewogen en wordt Zijn hart in beroering gebracht.
En Hij huilt.

Hij huilt om wat Hij ziet.
Hij huilt om de pijn en het verdriet van mensen die Hem zo dierbaar zijn.
Hij huilt om …


‘En toen Hij dichterbij kwam en de stad zag, weende Hij over haar.’
Lucas 19:42

Jezus had er eerder over gesproken (Matt. 24:2) maar nu, nu Hij onder het hosanna geroep van al die mensen Jeruzalem nadert en de stad ziet liggen, raakt Zijn Geest bewogen en wordt Zijn hart diep in beroering gebracht.
En Hij huilt.

Hij huilt om wat Hij weet wat zal gebeuren; om wat Hij ziet in de Geest.
Om Zijn geliefde Jeruzalem, waar geen steen op de andere meer staat.
Waar dood en verderf de stad hebben overgenomen en geweeklaag klinkt.

Jezus ziet meer dan wij.
Jezus ziet voorbij dingen, Hij ziet wat achter dingen verborgen ligt.
De dood van Lazarus, de pijn en het verdriet die daar bij horen; gevolgen van de zonde.
Jeruzalem, geliefde stad, verwoest, met de grond gelijk gemaakt; gevolgen van de zonde.
De zonde, die dood en verderf zaait, verwoest en vernietigt.

Maar welk een vreugde is ons deel, Zijn liefde en bewogenheid deden Hem het graf in gaan om op te staan tot de volle overwinning over zonde en dood, over verwoesting en vernietiging, over pijn en verdriet.

Wat dood is, hoeft niet dood te blijven; Jezus leeft en wij mogen met Hem leven!
Halleluja, geprezen zij Zijn Naam!

Vanuit de hemel reikt een doorboorde hand over het graf naar  jou.













Over de vrouw die Hem geloofde kun  je lezen in:
Johannes 11:1-46

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

zondag 22 maart 2015

Dag 33 - Hij is en zal altijd bij ons zijn!

De vrouw die (naast dat zij altijd bezig was) Hem geloofde.
'Marta zei tegen Jezus: ‘Als U hier was geweest, Heer, zou mijn broer niet gestorven zijn.'
Johannes 11:21


Hun broer was dood, en intens groot was haar verdriet.
Was Jezus maar hier geweest, dan …
Ja, dat geloofde ze met heel haar hart, als Hij hier was geweest dan zou hij niet gestorven zijn.
Waarom was Hij er nu niet toen ze Hem zo nodig hadden?
Nu is Hij gekomen, maar nu is Lazarus dood.
‘O Heer, als U er nu maar eerder geweest was, dan …’
Een licht verwijt, maar ook geloof .

En toch …

‘Toen zei Jezus openlijk tegen  hen(Zijn discipelen): Lazarus is gestorven.’
Johannes 11:14

Jezus wist ervan.
Al was Hij er niet fysiek bij, toch wist Hij ervan.
Hij en Zijn Vader zijn één.

‘Heer, waar bent U? Heer, waar was U?’
Misschien branden deze vragen ook wel op onze lippen.
Wanhoop, pijn en verdriet, van alles klinkt in deze vragen door.
Maar net als bij Martha, Hij is, of Hij was er bij!
Hij weet.

Door onze gevoelens en gedachten kunnen we Hem soms niet zien, maar het zijn echter niet onze gevoelens en gedachten die bepalen of Hij er wel of niet bij is.
Hij is er bij, gewoon omdat Hij ons dat heeft beloofd!

‘En zie, Ik ben met u al de dagen tot de voleinding van de wereld.’
Mattheüs 28:20

















Heer, U bent er altijd;
in alles wat er ook gebeurt,
en in elke omstandigheid.
Leer Mij op U te vertrouwen;
nu leven we immers door geloof
en nog niet door aanschouwen.


Over de vrouw die Hem geloofde kun  je lezen in:
Johannes 11:1-46

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

vrijdag 13 maart 2015

Dag 24 – Innerlijk met ontferming bewogen

De vrouw die alleen verder moest.
Toen de Heer haar zag, werd Hij door medelijden bevangen …
Lucas 7:13


Jezus kwam en zag …
Hij zag haar pijn.
Hij zag haar verdriet.
Hij zag haar eenzaamheid.
Hij zag en … werd innerlijk met ontferming bewogen!
‘Huil maar niet,’ zei Hij.

Innerlijk met ontferming bewogen.
Hij trok Zich haar lot aan en ging voor haar zorgen.

Huil maar niet!
‘…: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde.’
Mattheüs 28:18

Huil maar niet!
‘…: De dingen die onmogelijk zijn bij de mensen, zijn mogelijk bij God.’
Lucas 18:27


‘Huil maar niet’ zegt Hij ook tegen ons als verdriet ons in de greep heeft.
Al ons leed heeft Hij op Zich genomen.’
Jesaja 53:4

‘Huil maar niet’ zegt Hij als verdriet ons aan banden legt.
‘Deze Hoop hebben wij als een anker voor de ziel, dat vast en onwrikbaar is en reikt tot in het binnenste heiligdom, achter het voorhangsel.’
Hebreeën 6:19

‘Huil maar niet’ zegt Hij als verdriet ons in zijn macht heeft.
‘En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde …’
‘En God zal alle tranen van hun ogen wissen, …’
Openbaringen 21:1a,4a


Huil maar niet;
zie omhoog, zie op MIJ!
Laat Mij je Trooster zijn
in je diepste verdriet.

Huil maar niet;
IK ben met jou begaan!
Laat MIJ je rouw omkeren
in een vreugdelied.













Je kunt het verhaal van deze weduwe lezen in:
Lucas 7:11-17

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

maandag 23 februari 2015

Dag 6. Voorgegaan

‘Vandaag sta ik stil bij hen die rouwen.’*
‘Uw dochter is gestorven.’
Lucas 8:49


Niets grijpt meer in, hakt er meer in, dan het verlies van een kind.
Een stuk van jezelf sterft mee.
Alsof je hart uit je lijf wordt gerukt.
Nooit, nee, nooit zul je meer dezelfde zijn.
Nooit, nee nooit, zal iets ooit weer hetzelfde zijn.

‘De dood is geen geringe vijand.’*

Boven in de hemel
ziet een Vader naar Zijn Zoon.
Zijn hart is vol pijn en verdriet;
leeg is de plaats naast Zijn troon.

Wie zal ooit kennen
de pijn van Zijn hart;
Hij, die Zijn enige Zoon
om ons te redden
aan de dood overgaf.

Twijfel je nu nog of Hij
ook maar weet heeft
van jouw verdriet en pijn,
als je staat aan de rand
van een graf?

‘De dood is geen geringe vijand.’*

Jezus zegt: ‘Wees niet bang!’
Wees niet bang, geloof, zij zal gered worden!

Jezus zegt het ook tegen ons, tegen jou en mij:
‘Wees niet bang, geloof, en je zult gered worden.













Geloof, geloof in Mij,
Ik ben de dood ingegaan.
Wees maar niet bang, weet,
Ik ben ook daarin voorgegaan.

Hoe je ziel nu ook door angst
en vrees worden doorboord,
door Mij heeft de dood
nimmermeer het laatste woord.

Vertrouw je leven aan Mij toe,
leg het in mijn hand.
Wees niet bang, laat Mij je leiden
naar het ‘Beloofde Land’.



Het verhaal van het dochtertje van Jaïrus kun je vinden in:
>> Mattheüs 9:18,19; 23-26
>> Marcus 5:21-24; 35-43
>> Lucas 8:40-42; 49-56

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'
* Citaat boekje

zaterdag 19 april 2014

Stille zaterdag

Als mijn man naar zijn werk vertrokken is, het enige kind dat dit weekend thuis is, nog op bed ligt, en ik in de voelbare stilte in mijn stoel bij het raam aan mijn kopje koffie zit, word ik opnieuw bepaald bij hoe dubbel de 'Stille Zaterdag' eigenlijk is.
Ik sluit mijn ogen en in gedachten probeer ik mij een voorstelling te maken van hoe dit toch voor de
discipelen en de vrouwen geweest moet zijn.
Wat in mijn gedachten komt, is het woord LEEGTE.
Wat moet er een gat gevallen zijn in hun leven.
Alles draaide om Hem, dag en nacht waren ze bij elkaar en nu, nu is het doel van hun leven weggevallen.
Wat een leegte moet er zijn geweest.
Zouden ze ontredderd zijn gewest?
Verdwaasd, van wat moeten we nu?
Later zien we dat de discipelen gewoon maar weer gingen doen wat ze altijd deden, namelijk vissen, maar die eerste dag, voor hen de Sabbat, hoe leeg zullen ze zich gevoeld hebben, ontredderd, verloren ...

Stille Zaterdag.
Ach, wij weten dat Hij is opgestaan, dus wij vieren Goede Vrijdag en vaak lijkt het wel alsof we de zaterdag gewoon even overslaan en van Goede Vrijdag gewoon Pasen vieren; van de Kruisiging gewoon overgaan naar de Opstanding.
Alsof Jezus nauwelijks dood is geweest, begraven, neergedaald in het dodenrijk.
Maar zij, Jezus' discipelen, de vrouwen die met Hem opliepen en voor Hem zorgden ...
Leegte ...
Verwachtingen die niet uitkwamen en die ook niet meer uit zullen komen.
Herinneringen aan hoe het was; ja, misschien haalden ook zij wel herinneringen op.
Doen wij immers ook als er iemand is overleden, dat gaat vanzelf ...

Stille Zaterdag.
Sommige hebben vrij, anderen zijn aan het werk.
Eigenlijk is er nooit echt een moment dat er wordt stilgestaan bij de impact die dit moet hebben gehad voor hen die met Hem opgetrokken zijn, 3 jaar lang of die zich bij Hem gevoegd hadden in die jaren.
Misschien is het ook helemaal niet belangrijk, ik weet het niet, maar vandaag wordt mijn hart naar hen toe getrokken.
Vanmorgen, in de stilte van het begin van deze nieuwe dag, gaan mijn gedachten naar Jezus, dood en begraven.
Weg.
Voorbij.

Stille Zaterdag.
Hoe zal het voor God, Zijn Vader zijn geweest?
O ja, natuurlijk, God wist de uitkomst, het waarom, waartoe, ... alles, dit alles was immers Zijn reddingsplan, maar toch, het was wel Zijn Zoon!
Zijn woord spreekt over hoe Hij in alles met ons mee kan voelen ...

Stille Zaterdag.
Hoe dubbel ...
En ik pakt het gedichtje dat ik een paar jaar geleden geschreven heb er opnieuw bij.


Stille Zaterdag

Vandaag noemt men het Stille Zaterdag;
de dag tussen Goede Vrijdag en Pasen,
de dag voor Jezus‘ opstanding.
Maar het is niet stil;
het is een dag als andere,
ik merk geen enkele verandering.

Het maakt me een beetje verdrietig
dat het slechts een naam is
die aan deze dag is gegeven.
De winkels zijn gewoon open,
iedereen gaat gewoon zijn gang
alles bruist van het gewone leven.

O, ik weet wel, morgen is het Pasen;
voor ons is het immers anders,
wij weten dat Hij is opgestaan.
En toch, het was deze Stille Zaterdag
dat Jezus verbleef in het graf
ver bij Zijn Vader vandaan.

Stille Zaterdag.
O Vader, wat moet het voor U 
ontzettend stil zijn geweest.
Uw Geliefde Zoon,
verborgen in het graf;
doodse stilte voor het feest.

Ik wil vandaag stilstaan, Vader,
bij de stilte die er was 
tussen Goede Vrijdag en Jezus‘ opstanding.
Meegaan in de gevoelens van gemis,
in de stilte tussen vrees en hoop,
voor het moment van volledige voleindiging.


zondag 29 september 2013

Zaad van Hoop

'Zaai zaad van hoop en ervaar optimisme.
 Zaai zaad van twijfel en verwacht onzekerheid.'
 
Max Lucado
 
Het spreekwoord zegt het eigenlijk al: 'Hoop doet leven.'
Een mens heeft hoop nodig in zijn leven, het vooruitzicht op betere tijden, op mogelijkheden.
Zolang dat er is, kunnen we volhouden, hebben we de moed om verder te gaan.
Ik denk dat je wel kunt zeggen, dat, als hoop uit ons leven verdwijnt, dat dan ook het licht uit ons leven verdwijnt en alles donker wordt en somber.
 
Persoonlijk ben ik niet één van de meest optimistische mensen; van nature ben ik wat zwaarmoediger, maar wat is er veel veranderd nadat ik ben begonnen met mijn blogs.
Ik ben begonnen met schrijven om alles wat in mij leeft een plekje te geven, maar al gauw werd mijn schrijven een strohalm waar ik mij aan vast kon houden, wat mij moed gaf in de zware en verdrietige omstandigheden waar we in kwamen.
Gedachten, gebeden en gedichten die op 'papier' kwamen door wat ik las in de Bijbel of in boeken, zelfs zinnen uit tv programma's, werden voor mijzelf Zaden van Hoop; als ook muzieknummers, verhalen en schrijfsels van anderen die ik mocht plaatsen.
Het schrijven zorgde ervoor dat dat de Hoop in mij niet doofde.
Het hield mij gericht op Degene bij wie het Zaad van Hoop te vinden is; Degene die Het Licht is.
 
Soms, op momenten als ik het niet meer zag zitten, dwong ik mijzelf om teksten uit de Psalmen uit te schrijven.
Alleen al door het uitschrijven van het woord van God werd er hoop in mijn binnenste gezaaid.
En ik bemerkte dat het soms ook voor anderen Zaden van Hoop werden als ik het op mijn Blog plaatste.
Gods woord is voor mij Het Zaad van Hoop; mijn houvast in elke omstandigheid.
Het geeft vreugde en blijdschap, vrede en moed, ook in moeilijke en verdrietige omstandigheden.
Soms is het eerst (even) vechten, maar ik weet nu, welk een kracht Gods woord heeft, en wat het met je doet als je je daarop richt.
Nog kan ik als het ware voelen welk een verandering er in mij plaatsvond op het moment dat ik temidden van ... Zijn woorden uitschreef, waardoor wie Hij was, wat Hij deed, wat Hij kon doen, etc., de overhand kreeg en mijn gevoelens om de omstandigheden bedekte.
Twijfel en wanhoop werden verdreven en hoop nam hun plaats in.
Dat is wat Gods woord doet.
Gods woord is levend en krachtig!
 
Zaad van Hoop
is zaad van leven.
Zaad van twijfel
zal wanhoop geven.
 
Zaai het Zaad van Hoop,
het Woord van God,
diep in je hart.
Het zal je vreugde geven,
kracht en sterkte,
en helen elke smart.

Zaai het ook
in het leven van
een ander;
strooi Hoop maar
rijkelijk om je heen.
 
Laten we zo
tot steun zijn
voor elkander;
troost brengen
aan een ieder
die weent.
 
Zaad van Hoop
is zaad van Leven.
Laten we delen
en geven.

dinsdag 13 augustus 2013

Kom maar bij Mij!

Afgelopen zaterdag had ik een  moeilijke dag.
Ons leven is de laatste jaren niet bepaald makkelijk; ons geloof en vertrouwen in onze hemelse Vader wordt behoorlijk getest.
Echter een telefoontje zaterdagmorgen sloeg mij behoorlijk uit het lood.
Wat kunnen woorden kwetsen; wat kunnen woorden je onderuit halen en je minderwaardig doen voelen.
Ook al zijn ze zo niet bedoel; zijn ze uitgesproken zonder eigenlijk iets verkeerds te bedoelen, gewoon ondoordacht uitgesproken, toch kunnen ze binnenkomen en  flink huishouden.
Een paar uur lang kon ik dan ook niets anders dan alleen maar huilen, huilen en nog eens huilen, zo diep ging de pijn.
Als ik dan op zoek ga naar troost, een lieve vriendin mijn verhaal mail en vraag om gebed voor mij, kom ik bij een gedicht dat ik ooit eens heb geschreven en het zijn deze woorden, naast de gebeden, die mij troosten en weer opbeuren.
Misschien een beetje vreemd om getroost worden door je de woorden van een door jezelf geschreven gedicht, maar zo werkt God soms ook.

Misschien ben jij ook wel verdrietig, of is er in jouw hart een diepe pijn; ben je moe van het huilen of van wat je is, of wordt aangedaan, dan hoop ik dat ook jij getroost en bemoedigd wordt door dit gedicht.












Mijn geliefde dochter,
wordt maar stil
en kom tot rust;
kom tot rust
dicht aan Mijn hart.
Wees maar niet bang;
wat er ook gebeurt,
waar je ook bent,
waar je ook doorheen gaat,
Ik ben erbij,
je bent niet alleen.

Wordt maar stil
en kom tot rust bij Mij.
Zoals een kind
tot rust komt bij zijn moeder,
zo mag jij tot rust komen
bij Mij.
Leg alles wat je bezighoudt,
alles waarover je je zorgen maakt
maar in Mijn handen
en vertrouw Mij.
Ik ga met jou
door elke situatie heen.

Wordt maar stil
en kom tot rust;
kom tot rust
dicht aan Mijn hart.
Rust uit
en ontvang nieuwe kracht.
Laat Mij je geest vernieuwen
en je sterk maken.
Immers,
wie moe is beur Ik op;
wie geen kracht meer heeft
maak Ik sterk.

Kom maar
en rust,
rust maar uit
dicht aan Mijn hart.
Ik laat je geen moment alleen.

zondag 4 augustus 2013

Zegeningen in regendruppels


Bovenstaand lied met zijn indringende tekst, raakte mij, inmiddels alweer even geleden, diep in mijn hart.
Zo herkenbaar en zo waar.
Vandaag moest ik er weer aan denken.
De vermoeidheid van de warmte en van de gebeurtenissen van de afgelopen dagen maken me kwetsbaar en emotioneel.
Dan is het goed om zo'n lied weer eens te luisteren, de woorden diep tot me door te laten dringen en de woorden die ik er eens bij schreef ook nog eens te herlezen.
Soms geeft God immers Zijn genade, Zijn barmhartigheid juist door de pijn en moeiten van het leven heen.
Dit lied spoorde, en spoort, mij aan om in moeilijke omstandigheden verder te kijken dan wat mijn ogen op dat moment zien.

Dat het niet alleen voor mij maar ook voor jou een eyeopener mag zijn, en tot zegen en bemoediging.


Misschien is het goed
om mezelf eens af en toe
bepaalde dingen af te vragen,
in plaats van boos of verdrietig te worden,
te twijfelen aan Zijn goedheid of liefde,
in plaats van te klagen.

Misschien zitten er wel zegeningen
in de regendruppels,
komt er genezing door tranen heen.
Misschien wil God mij wel leren
door de beproevingen van het leven:
je bent nooit, nee, nooit alleen.

Deze wereld is niet mijn thuis.
De steeds terugkerende pijn in mijn hart,
om alles wat er gebeurt,
getuigt daarvan.
Maar wat als de grootste teleurstellingen,
de pijn van het leven,
deel uitmaken van Gods grote plan?

Ik bid om zegeningen,
om voorspoed,
om bescherming voor mijn leven.
Maar wat als God
Zijn genade en barmhartigheden
nu eens door beproevingen heen wil geven? 
 
 

woensdag 7 november 2012

Woorden ...

Een 'blogje' van de tijd dat ik een Blog had op Punt.nl.


9-08-2011
De Bijbel spreekt over de tong als het sterkste wapen (Ps. 3:12); scherp als een mes (Ps. 52:4), als een zwaard en hun kwetsende woorden zijn als pijlen (Ps. 64:4).
Ik denk dat we vroeg of laat allemaal weleens te maken krijgen of te maken hebben gehad met de pijn en het verdriet die woorden kunnen veroorzaken.
Velen hebben misschien wel wonden opgelopen als gevolg daarvan.
Een aantal worstel misschien nog wel steeds met de gevolgen.

Woorden kunnen een gigantische impact hebben in een mensenleven; ze kunnen positief zijn en opbouwend, maar ze kunnen ook negatief zijn en je diep, heel diep kwetsen en grote wonden achterlaten.
Als je telkens, keer op keer met woorden wordt afgekraakt of uitgescholden, dan vroeg of laat doet het iets met je.
Je kunt het misschien lang tegenhouden, maar het moment van de bekende druppel komt, want het tast je aan, je persoonlijkheid, wie je bent, wat je doet.
Woorden kunnen leven brengen, maar ook dodelijk verwonden.


Voor sommigen echter komt het nog veel dichterbij.
Sommigen hebben een zoon of dochter met één of andere aandoening waardoor ze geen of nauwelijks controle hebben over hun emoties of wat ze zeggen en kwetsen en verwonden degene(n) die hen het dichtste bij staat.
Naderhand hebben ze vaak spijt van wat ze hebben gedaan en gezegd, maar ondertussen is het wel gebeurd.
En als ouder, krijg je het wel steeds opnieuw over je heen.
Buitenstaanders hebben vaak  'goede ideeën', weten vaak precies wat je zou moeten doen en hoe ze het beste er mee om kunt gaan of hoe je de situatie moet aanpakken, maar ze weten (vaak) niet waar ze het over hebben.
En de impact wordt op deze wijze alleen maar groter, doordat je als ouder het gevoel krijgt het allemaal verkeerd te doen.
Men bedoelt het niet zo, maar dit is de boodschap zoals die binnenkomt.

Het hart van de moeder, wat vaak het meest geraakt wordt omdat zij het meeste thuis is, wordt keer op keer verwond en zij vergeeft uit liefde keer op keer, omdat ze weet dat haar kind er niets aan kan doen en toch ...
Haar wanhoopskreet is soms alleen maat hoorbaar voor God de Vader, omdat alleen Hij haar altijd ziet, altijd hoort, altijd naar haar luistert ...

...
O God, mijn God en Vader,
ik kom zo bij U met mijn verwonde hart.
Alles in mij is verwrongen van de pijn.
Alles in mij voelt aan als opengereten.
In boosheid uitgesproken woorden
zijn als messen in mijn hart gestoken
en de onredelijkheid van elk woord
maakt dat het lijkt alsof de messen
daar nog eens worden rondgedraaid.
De pijn is diep en intens
en het ontneemt me de adem.
Pijn, een diepe en radeloze pijn dringt
tot diep in mijn binnenste
en baant zich een weg
naar buiten in een stille, rauwe schreeuw
die alleen hoorbaar is voor U,
mijn Vader.

Ik weet dat geen enkel woord terecht was,
geen enkel woord waarheid is,
geen enkel woord ergens op gebaseerd is.
Ik weet dat het een machteloze uiting is van iemand
die niet instaat is om op de juiste manier om te gaan
met haar emoties, gevoelens en gedachten;
met de dingen waar zij mee wordt geconfronteerd.
Ik weet dat het haar handicap is.
Ik weet, dat hoewel het op dat moment gemeend is,
het ook weer niet echt gemeend is,
maar een machteloze uiting
afgereageerd op degene die het dichts bij staat
en waarvan zij diep van binnen ervaart
dat er telkens weer vergeving is en liefde;
de liefde van een moeder voor haar kind.

Heer, U hebt alles gehoord wat er gezegd is.
U was er bij toen de woorden werden uitgesproken;
voor de zoveelste keer!
U hebt gezien hoe ze als dolken in mijn binnenste drongen
en grote wonden hebben veroorzaakt.
U zag hoe alles in mij verkrampte.

De hulpverlening zegt: Je moet het je niet persoonlijk aantrekken,
maar geen van hen heeft ooit ervaren wat het met je doet
als je keer op keer verrot gescholden wordt,
uitgemaakt wordt voor alles wat mooi en lelijk is;
de schuld krijgt van een ieder door henzelf veroorzaakte fout
of door iets wat niet mag, of …
Niemand anders dan zij die daar geweest zijn, weten,
dat er heel langzaam, met iedere keer dat het gebeurt
er als het ware een beschermlaagje van jezelf afgeschraapt wordt
totdat er niets meer over lijkt te zijn
en je het gevoel hebt, bij iedere keer dat het gebeurt,
dat je in elkaar geslagen wordt.

Ieder woord wordt een klap.
Ieder woord slaat je achteruit.
Ieder woord vernietigd stukje bij beetje iets van je persoonlijkheid
totdat er niets anders over lijkt te zijn
dan een schim van de persoon die je was.
Je loopt op je tenen door het huis.
Je weegt ieder woord op een gouden schaal.
Je ontwijk de confrontatie en telt de seconden af
tot de persoon in kwestie weer weggaat
en je weer even tot rust kan komen
en bij kan tanken, nieuwe krachten kan verzamelen.

Hemelse Vader,
ik begrijp het niet.
Ik kan niet meer!
Ik wil niet meer!
Hoelang nog?
Hoelang nog moet ik dit verdragen en verduren?
Hoelang nog voor U ingrijpt op de één of andere manier?
Hoelang?
O God, mijn Vader, hoelang nog?

Hoor toch mijn noodkreet om hulp!
Hoor toch naar mijn bidden en smeken!
Hoor en zie!
Mijn kussen is doorweekt van tranen.
Mijn ziel rauw van kapot geslagen emoties.
De zin van het leven dreigt me te ontglippen.

Schudgevoel en verwijten naar mezelf
knagen en klagen me aan.
Soms dreig ik weg te zinken
in een diepe poel van wanhoop en uitputting,
van zo niet meer verder willen of kunnen,
van waarom, van …

Al mijn ellende, Heer,
al mijn gevoelens van wanhoop,
van boosheid, van onbegrip, van machteloosheid,
van bitterheid, van pijn, van verdriet,
van …,
Och , Heer, zelfs de woorden ontbreken me
om uitdrukking te geven wat ik voel,
wat er gebeurt,
wat het met me doet.

Maar U kent mij,
U kent mijn gedachten en gevoelens,
U weet wat er ten diepste in mij leeft
en wat voor de mensen verborgen is.
Bij U, bij U alleen stort ik mijn hart uit,
omdat ik weet dat U naar mij luistert,
naar mij hoort,
mij begrijpt,
iedere keer weer en U stuurt mij nooit weg.
Laat toch mijn tranen Uw hart beroeren
en zie naar mij, Uw geliefde kind, om.


Moe en uitgeput
van alle emoties
verdrogen langzaam
mijn tranen
en stil wacht ik
op een teken
van mijn Heer.

Soms is het
als of de slaap
mij in haar armen
neemt en God mij zo
even ver weg houdt
van alle pijn en verdriet.

Soms is er
een zacht briesje
over mijn hoofd waait
en het is alsof
Hijzelf mij even
aanraakt
en vertroosting
geeft.

Soms wil ik niets
en zak ik weg
in de bodemloze put
van wanhoop
en zelfbeklag,
en groter en dieper
wordt mijn verdriet.

Soms ben ik boos
en opstandig;
bitterheid
sluipt zachtjes binnen
en ik merk dat het
alleen nog maar meer
ellende geeft.

Soms is er
een kaartje
of een belletje,
zo geheel
onverwacht
Een liefdevol,
bemoedigend woord:
Mijn Geliefde kind,
Ik zie je verdriet!

Soms is er
een lied
of een mooi
stukje muziek,
dat mij
met warme liefde
doorstroomt,
mij optilt,
nieuwe krachten
geeft.

Moe en uitgeput,
met de sporen
van mijn tranen
nog op mijn gezicht,
wacht
en rust ik uit,
dicht bij mijn Heer.


Dan komen Zijn woorden:

'Mijn kind,
vertrouw op Mij,
steun op Mij
ook nu je door het duister
moet gaan
en er geen lichtstraal
tot je doordring.
Bergen zullen wijken,
heuvels wankelen,
maar onwrikbaar
is Mijn liefde voor jou!
Onwankelbaar Mijn belofte
van vrede en vriendschap;
Ik ben met jou begaan!
Ik woon in de hemel,
in het heilige,
maar ook bij wie worden verdrukt,
en bij wie gering zijn.
Ik zal je opbeuren
en nieuwe moed schenken.
Wees maar niet bang,
want Ik ben bij je.
Kijk maar niet angstig om je heen,
want Ik ben je God.
Ik maak je sterk,
Ik zal je ook helpen,
Ik ondersteun je,
Ik ben jouw behoud.'*


Zijn woorden zijn als een warme balsem voor mijn verwonde hart.
Mijn tranen druppen opnieuw naar beneden
en Zijn liefdevolle woorden vermengen zich
met mijn tranen van pijn en verdriet.
En ik huil uit bij mijn hemelse Vader
tot ik geen tranen meer over heb.

Kwetsbaar kijk ik omhoog,
naar Hem van wie ik
mijn hulp verwacht.
Naar Hem die beloofde
bij mij te zijn, ook in
mijn donkerste nacht.

Kwetsbaar kijk ik omhoog,
ik wil het van
Hem verwachten.
Van Hem, de Enige,
die mijn pijn en verdriet
kan verzachten.

Kwetsbaar kijk ik omhoog,
naar Hem, van Wie ik
mijn hulp verwacht.
Ik neem Zijn woorden aan
en maak ze tot mijn
sterkte en kracht.


'Mijn kind,
Ik droeg je vanaf je prilste bestaan,
Ik nam je op de arm vanaf je geboorte.
En Ik blijf je dragen,
tot je oud bent en grijs.
Ik heb het gedaan
en Ik zal het blijven doen:
Ik neem je op de schouders,
Ik red je.
Ik bedek je met Mijn vleugelen,
onder Mijn hoede ben je veilig;
Mijn trouw is een schild, een pantser.
Wie vertwijfeld zijn, ben Ik nabij;
Ik red wie alle moed verloren hebben.

De last op je schouders,
draag hem maar over aan Mij,
Ik zal voor je zorgen;
wie Mij trouw is,
zal Ik nooit laten bezwijken.
Zoek je kracht in Mij,
in de sterkte van Mijn macht.
Doe Mijn wapenrusting aan
om stand te kunnen houden
tegen de krijgslisten van de boze;
zo kun je staande blijven
omdat je goed bent toegerust.

Houdt vast aan het geloof dat je belijdt.
Je hebt een verheven Hogepriester
die de hemel is binnengegaan,
- Jezus, Mijn Zoon.
Hij heeft alle beproevingen
net zo ondergaan als jij,
alleen, gezondigd heeft Hij niet.
Je mag dus vol vertrouwen naderen
tot Mijn troon van genade,
waar Ik je barmhartig en genadig zal behandelen
en je op de juiste tijd hulp zal geven.'*


Mijn God en Vader,
ik reken op Uw kracht,
want U bent een burcht voor mij.
Vanaf de vroege morgen,
Heere, mijn God,
zal ik zingen over Uw kracht
ja,  juichen over Uw liefde.
Voor U zal ik zingen, 
ja, want U geeft mij kracht.

Vader God,
U bent mijn burcht,
U bent de God die van mij houdt.*

 

* Jesaja 50:10; 54:10;b 57:15; 41:10
* Jesaja 46:3b,4; Psalm 91:4, 34:19; 55:23; Efeze 5:10-17; Hebreeën 4:14-16
* Psalm 59:10, 17,18