Posts tonen met het label MT. Alle posts tonen
Posts tonen met het label MT. Alle posts tonen

dinsdag 10 juni 2025

Verwachtend wachten ...

'Ik verwacht de HEERE, mijn ziel verwacht Hem en ik hoop op Zijn woord.
Mijn ziel wacht op de Heere, meer dan wachters op de morgen, wachters op de morgen.'

Psalm 130:5,6
(*MT voor deze week)

Als ik vanmorgen deze verzen wil memoriseren, gaat het vanzelf over in overdenken …

Ik verwacht de Heere.
Mijn ziel verwacht de Heere.
Eerst is daar dus het verwachten, zowel van mijn ik als van mijn ziel.
Het van mijn ik ervaar ik als van mijn verstand, van daarvoor gekozen te hebben.
Het van mijn ziel ervaar ik als dat mijn hart daarin meegaat; het verlangen naar Hem.

Verwachten …
Ik verwacht …
Mijn ziel verwacht …
Hunkerend uitzien naar … de Heere …: ik zal Hem zeker ontmoeten!

En …?
En ik hoop op Zijn woord.
Nee, geen onzeker verwachten, maar vertrouwend wachten op. 
Hij zal het doen; Hij zal spreken, Hij zal antwoord geven.

Mijn ziel wacht op de Heere.
Meer dan wachters op de morgen.
Wachters op de morgen.
Verwachten betekent vaak ook wachten, bereidt zijn om te wachten, maar in volkomen zekerheid dat het gaat gebeuren, dat je wie je ook denkt te ontmoeten, zal treffen; in dit geval de Heere.
Wachten …
Meer dan wachters op de morgen, ongedurig, verlangend uitziend, hunkerend.
Dan wachters op de morgen …
Dubbel genoemd, dubbele hunkering, dubbel verlangen, ongeduldig, ongedurig, kan niet wachten tot het zover is ...

Als wij de Heer hebben aangeroepen, Hem om raad hebben gevraagd, antwoorden nodig hebben, zijn wij dan ook verwachtend wachtend hopende?

Verwachtend wachten,
vol ongeduld
hopend
op Hem
tot Hij komt
en spreken gaat.

Verwachtend wachten,
ongedurig,
hunkerend
uitzien
tot Hij komt
met Zijn raad.

Verwachtend wachten,
ongedurig en ongeduldig,
hunkerend hopend,
omdat
je weet dát
Hij komen gaat.


* 👉 MT 

woensdag 30 december 2020

OneWord en Bijbeltekst ...

‘De rechtvaardige zal groeien als een palmboom, opschieten als een ceder van de Libanon;
geplant in het huis des HEREN groeien zij in de voorhoven van onze God;
zij zullen in de ouderdom nog vrucht dragen, fris en groen zullen zij zijn;
om te verkondigen, dat de HERE waarachtig is, mijn rots, in wie geen onrecht is.'

Psalm 92:13-16

Bijbeltekst
Met het weten wat mijn nieuwe OneWord wordt voor het nieuwe jaar, ben ik er nog niet, want voor mij is het ook belangrijk om er een Bijbeltekst(en) bij te hebben.
Soms komen de teksten als een bevestiging van het woord, soms is het een tekst die me aanmoedigt om toch aan dat woord ‘vast te houden’, zoals afgelopen jaar.
Met dat ik zeker wist dat mijn woord voor volgend jaar ‘Groei’ zou zijn, vroeg ik dan ook aan de Heer om een Bijbeltekst erbij.
En de Heer bracht mij ‘Het verhaal van de palmboom’ in gedachten, als ook Psalm 92:13-16.
Nadat ik ‘Het verhaal van de palmboom’ had geschreven, kwam ik deze verzen tegen en als je het verhaal gelezen heb, dan begrijp je ook vast wel waarom ze mij toen al zo aanspraken en beiden hebben genoeg te zeggen over mijn woord ‘Groei’.
Bijzonder dat iets dat toch al een behoorlijk aantal jaar geleden geschreven is weer terugkomt, en nog net zo belangrijk en actueel is als destijds.

Groeien en vrucht dragen
Om de reikwijdte van deze woorden beter te kunnen zien, ben ik gaan kijken naar wat voor bomen het zijn.
Een palmboom heeft lange, diepe wortels, en ik heb zelfs ergens gelezen, dat de wortels net zo lang zijn als de boom hoog, boven de grond, en daardoor heel buigzaam en dus niet zo snel breekt in een storm.
De Ceder staat vooral bekend om de geur en de duurzaamheid, en is het symbool van kracht, schoonheid, waardigheid, macht.

Wat is een toch voorrecht om te leven, om op te groeien als Zijn kind.
Door het offer van de Here Jezus op Golgotha horen we bij het huis van God; door Hem mogen we opgroeien in Gods nabijheid, dicht bij het hart van de Vader.
En de psalmist zegt, dat als we Zijn kind zijn, vanuit Hem, en met Hem leven, we zullen groeien als een palmboom en een ceder.
Ik weet niet wat dit met jou doet, maar als ik dan lees wat er staat over deze bomen, dan word ik stil.
Buigzaam, niet breken.
Geur verspreidend, duurzaam, kracht, schoonheid, waardigheid, macht.
En door hun enorme worstelgestel in allerlei omstandigheden instaat om heel lang vrucht te dragen, zelfs als ze al heel oud zijn.

Hoe belangrijk is het dus voor ons om onze wortels diep in Hem te laten groeien zodat we net zo’n enorm wortelgestel krijgen als deze bomen.
Want dat is wel nodig om buigzaam is te zijn willen we niet breken; om fris en groen blijven, om ook vrucht te dragen als we oud zijn; om ook dan te kunnen blijven vertellen van de liefde van de Heere, van wie Hij is en van wat Hij heeft gedaan.
En dit laat tegelijk zien dat ons leven altijd betekenis en waarde heeft, leeftijd voegt daar niets aan toe en doet daar niets aan af, want zelfs als we oud zijn, kunnen we Zijn getuigen zijn. 

Geplant in het huis van de Heere; groeien in Zijn voorhoven.
Wortels in de Bron van Levend Water.
Vertrouwen in Hem, en op Hem.
Groeien en vrucht dragen, Hem zo verheerlijken.

Reminder cadeautje
Dit jaar heb ik mijzelf een armbandje met daaraan een hangertje met een palmboom cadeau gedaan als reminder naar deze Bijbeltekst, naar de betekenis erachter, en daarmee naar mijn OneWord ‘Groei’. 

Dagelijkse Broodkruimels


 







Groeien gaat niet zonder slag of stoot;
verdriet en pijn, als ook vallen en opstaan
horen daar jammer genoeg allemaal bij.

Het kan ons soms misschien beangstigen,
doen terugdeinzen en voor veilig kiezen;
doen besluiten: dit hoeft niet voor mij.

Maar kiezen voor safe en veilige wegen
beletten ons om te kunnen ontplooien,
en te worden zoals Hij wil dat we zijn.

Laten we onze hand leggen in die van Hem;
gehoorzaam de wegen gaan waar Hij leidt;
groeiend en vruchtdragend tot de finishlijn.

Ps. Uiteraard is mijn MT voor de eerste week van het jaar Psalm 92:13-16

zondag 27 december 2020

De Heere is mijn Helper!

' ..., voorzeker, U bent een Helper voor mij geweest;
Mijn ziel klampt zich aan U vast, komt achter U aan, 
Uw rechterhand ondersteunt mij.'

HSV

'Want Gij zijt mij een hulp geweest, in de schaduw van Uw vleugelen jubel ik.
Mijn ziel is aan U verkleefd, Uw rechterhand houdt mij vast.'
NBG

Psalm 63:8,9

Met dat ik deze tekst enkele weken geleden las, wist ik dat ik deze verzen als mijn MT voor de laatste week van het jaar wilde gebruiken.
Dat kwam met name door de eerste woorden van het vers en de laatsten: '..., voorzeker, U bent een Helper voor mij geweest', en 'Uw rechterhand ondersteunt mij'.

Het is een veelbewogen jaar geweest met in de eerste helft van het jaar veel verdriet, zorg en rouw, waardoor de rest van het jaar -naast bepaalde zorgen die bleven, een tijd werd van verwerken, een plaats geven en een weg vinden.
En hoewel gevoelens van verdriet en zorg soms nog ineens toeslaan, toch is daar ook rust en vrede in mijn hart, en ligt er een loflied op mijn lippen.
Want ja! de Heere is voorzeker -waarachtig, mijn Helper geweest, en ik heb ervaren dat Zijn rechterhand mij ondersteunde, en ik weet ook dat Hij dit zal blijven doen.

In elk verdriet was Hij aanwezig; in elke nood was daar Zijn hand om mij te ondersteunen.
Hij gaf mij woorden om verdriet te kunnen uiten en een plaats te geven, Hij gaf mij ruimte om te rouwen en troostte op velerlei manieren, zowel door Zijn woord, als muziek, als door mensen .
Zelfs als ik op mijn bed lag en mijn tranen rijkelijk vloeiden, ervoer ik dat Hij daar was.
Ik had nooit staande kunnen blijven als Hij er niet was geweest.
Vandaar dat de woorden 'mijn ziel is aan U verkleefd' uit de NBG mij zo aanspreken, weer meer dan het woord 'vastklampen' uit de HSV.

Verkleefd.
De NBV gebruikt het woord 'gehecht', wat ook heel mooi is, want beiden geven een soort van 'vastzitten aan', van 'verbonden zijn met' weer.
Hoe diep ik er ook in het leven doorheen kan zitten, hoe donker en uitzichtloos situaties ook kunnen zijn; hoe boos, opstandig en gefrustreerd ik ook kan zijn, ik kan niet zonder Hem.
En Hij?
Hij zal mij NOOIT loslaten!
Verkleefd zijn met Hem is dan ook helemaal niet mijn verdienste,  maar het is de Heer Die mij vasthoudt en die mijn ziel trekt met Zijn koorden van liefde.

En zo ga ik deze laatste dagen van het jaar in met een hart vol dankbaarheid om wie Hij voor mij is geweest: mijn Helper, mijn hulp!
Maar zo kan ik ook het nieuwe over een paar dagen ingaan, met een dankbaar hart, omdat ik weet dat Hij ook daar mijn Helper zal zijn, als ook dat Zijn rechterhand mij zal ondersteunen, elke dag, elk moment.
Daarom kan ik vrolijk zingen, ja, jubelen, want ik ben in de schaduw van Zijn vleugelen; veilig en geborgen.

'Daarom zeg ik met goede moed: De Heere is voor mij een Helper, en ik zal niet vrezen.
Wat zal een mens mij doen?

Want Hijzelf heeft gezegd: Ik zal u beslist niet loslaten en Ik zal u beslist niet verlaten.'

Hebreeën 13:6,5



zondag 8 november 2020

Vrede laat Ik u, Mijn vrede geef Ik u ...

Voor deze week is mijn MT Johannes 14:27.

'Vrede laat Ik u,
Mijn vrede -Shalom- geef Ik u;
Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik die u.
Laat uw hart niet in beroering raken en niet bevreesd worden.'


Een heel bekende tekst die ik eigenlijk al wel uit mijn hoofd ken, behalve dat laatste stukje kwam ik achter.
Als ik het lees dan is het weer van 'o ja', maar verder ...
En zo is het dan ook helemaal niet verkeerd om een tekst die zo bekend is, nog weer eens tot een memoriseer tekst te maken, daar werd ik gister echt bij bepaald toen ik ervoer dat dit de tekst was voor de komende week.
Met dat ik er vanmorgen verder over nadacht en op zoek ging naar meer hierover, kwamen de woorden dieper binnen dan ooit te voren.
Op Internet kun je ontzettend veel erover vinden, maar hier even een paar dingen die ik gevonden heb en die in mijn gedachten kwamen.


We weten vanuit deze tekst dat de vrede waar de Here Jezus over spreekt een heel andere vrede is dan de vrede van de wereld.
Als ik de betekenis van het woord opzoek, kom ik bij o.a. het volgende: afwezigheid van oorlog, als ook einde van oorlog en geen oorlog, behaaglijke rust en kalmte, periode van rust, gewetensrust, rustigheid, rust, kalmte, eendracht, harmonie, ideale toestand, kerstwens, als ook het woord -en dit moest ik ook even opzoeken, pacificatie =herstel van verbroken eenheid, en shalom.
En het is dit laatste woord, het woord 'Shalom' wat ook in mijn gedachten komt als ik deze tekst lees of hoor.

Shalom is het Hebreeuwse woord voor vrede en beschrijft het algeheel welbevinden, of het leven in harmonie met anderen.
In Israël begroeten de Joden elkaar hiermee; een soort heilwens.
Shalom: gaafheid, gezondheid, heelheid, voorspoed, tevredenheid, rust, vriendschap, welzijn.
Wat mij heel diep raakte was een zin die ik naast deze dingen las op de site van Het Zoeklicht:

'In een gebroken wereld wordt zo elkaar heelheid toegewenst.'


Als ik dan terugga naar de woorden van de Here Jezus, en daar dit woord Shalom met haar betekenis invul, is het net alsof de woorden pas echt tot leven komen.

'Vrede -Shalom- laat Ik u,
Mijn vrede -Shalom- geef Ik u;
Niet zoals de wereld die geeft, geef Ik die u ...'


Shalom; gaafheid, gezondheid, heelheid, voorspoed, tevredenheid, rust, vriendschap, welzijn.
Jezus kwam in deze gebroken wereld om ons Gods heelheid te brengen.

'Voorwaar, onze ziekten heeft Híj op Zich genomen, onze smarten heeft Hij gedragen.
Wíj hielden Hem echter voor een geplaagde, door God geslagen en verdrukt.
Maar Hij is om onze overtredingen verwond, om onze ongerechtigheden verbrijzeld.
De straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem, en door Zijn striemen is er voor ons genezing gekomen.
Wij dwaalden allen als schapen, wij keerden ons ieder naar zijn eigen weg.
Maar de HEERE heeft de ongerechtigheid van ons allen op Hem doen neerkomen.'

Jesaja 53:4-6

Gods heelheid door het lijden en sterven van de Here Jezus tot vergeving van onze zonden, herstel van onze verbroken relatie met God, heling van onze gebroken harten, en het vooruitzicht op het eeuwige leven met Hem.
Gods heelheid, wat in ons voltrokken wordt op het moment dat we Jezus aannemen als onze Verlosser en Zaligmaker, en als het ware zichtbaar wordt in het Kleed van Rechtvaardigheid dat Hij dan op onze schouders legt.

De Here Jezus spreekt deze woorden aan de 'vooravond' van Zijn gevangenneming, Zijn lijden en Zijn sterven.
Hij wil Zijn discipelen met deze woorden bemoedigen, als ook aanmoedigen.
Hij wenst hen niet Zijn vrede, maar Hij laat het hen na, geeft het aan hen, vanuit de wetenschap dat dit is wat Zijn dood zal bewerken.
Vrede; volmaakte, volkomen vrede met God.

'Laat uw hart niet in beroering raken of bevreesd worden' zijn de woorden waar Hij me afsluit.
Er zou nog heel wat gebeuren; Jezus zou gevangengenomen worden, weggevoerd, gemarteld en uiteindelijk de dood vinden aan het kruis.
Maar Hij zegt: 'Verlies de moed niet als je hier getuige van bent; wees niet bang, want deze dingen moeten gebeuren.'

'Gebroken en Volmaakt.
Volmaakt werd gebroken,
gebroken volmaakt.'

'Vrede -Shalom- laat Ik u, Mijn vrede -Mijn Shalom- geef Ik u, ...'
'Laat uw hart niet in beroering raken en niet bevreesd worden!'

Wat er ook nog gebeurd in je leven, welke stormen er ook nog zullen woedden; welke strijd je ook nog te leveren heb, hoe uitzichtloos iets ook mag lijken, hoe zwaar je weg ook is, of zal zijn, wees niet bang, en geef de moed niet op, wat Ik heb alles volbracht, en de overwinning behaald.



maandag 28 september 2020

Laten we niet moe worden goed te doen!

'En laten wij niet moe worden goed te doen, want te zijner tijd zullen wij oogsten, als wij het niet opgeven.'

Galaten 6:9
(HSV)


Voor de tweede week is deze tekst mijn MT, en met een reden.
Een tekst kan namelijk zo belangrijk zijn, dat het goed is om hem voor langere tijd iedere dag onder ogen te zien, en dat is voor mij deze weken het geval.
Er wordt hier een appèl gedaan op ons doorzettingsvermogen; een aansporing om vol te houden en niet op te geven, en wat hebben we dat soms (misschien wel vaak) nodig!
En met dat ik deze woorden schrijf, realiseer ik mij dat ze helemaal verwant zijn aan mijn OneWord van dit jaar. 
Mooi zoals God dingen samenbrengt!


En laten wij niet moe worden goed te doen ...

Moe worden ...
Wat mij als eerste in deze vertaling zo trof, is dat er staat 'laten wij niet moe worden' goed te doen.
Andere vertalingen gebruiken woorden als 'niet verslappen', 'niet vertragen', 'nooit teveel worden' of 'niet verzwakken'.
Maar mij trof het woordje 'moe', omdat de Gever van deze woorden hierin al de zwakke plek van de mens heeft opgenomen.
Hoe goed kent God ons mensen!

'Moe worden', geen fut meer hebben, geen zin meer hebben, energieloos, afgemat, afkerig van iets worden ...
Het is teveel, het duurt te lang.
Er valt geen enkele vooruitgang te bespeuren, alles lijkt maar hetzelfde te blijven.
Geen enkel woord van erkenning, nog geen bedankje kan eraf.
...
Moe van iets worden; hoe moeilijk is het vaak niet voor ons mensen om iets vol te houden als het lang duurt, of als we geen vooruitgang zien, of als iemand ons geen dankbaarheid betoont, of  ... er valt genoeg in te vullen.

Laten wij niet moe worden ...
Woorden waarin zowel een aansporing als een waarschuwing klinkt.
De aansporing om vol te houden -volharding leren/betonen, als ook dat we er voor moeten waken dat dat het niet gebeurd.
Eigenlijk vind ik dat de woorden die in de andere vertalingen gebruikt worden, min of meer besloten liggen in deze woorden 'niet moe worden'.
Immers, als we moe worden verslapt onze grip, het wordt zwaar om iets vast of vol te houden.
Als we moe worden vertragen we ook; we kunnen niet in hetzelfde tempo voortgaan als dat we begonnen zijn.
Ook worden dingen ons dan teveel, en we zijn niet meer zo sterk als voorheen, we verzwakken.

Laten wij ...
Wat ook in deze woorden besloten ligt, is het feit dat we hierin een keuze hebben.
Laten ...; met andere woorden zorg ervoor dat je niet moe wordt!
En het woordje 'wij' geeft aan dat deze woorden voor ons allemaal gelden: ook de schrijver (Paulus) schaart zichzelf hieronder.
Laten wij -ik, jij, u, ervoor zorgen dat we niet moe worden.
Maak de juiste keuzes daarvoor, en dan denk ik niet alleen voldoende slaap en ontspanning, goede voeding enz..

Het belangrijkste is denk ik tijd maken, tijd apart zetten, desnoods inplannen, voor de Heere.
Dit was immers ook wat de Here Jezus deed, Hij nam op gezette tijd rust; hoe druk Hij ook was met alles, met regelmaat lezen we dat Hij Zich terugtrok of vroeg opstond om met Zijn Vader te spreken.
Hij was één met de Vader; zonder de Vader kon Hij niets doen.
Wij des te meer niet!
Hoe zullen we anders weten of we ons nog op de goede weg bevinden?
Hoe zullen we anders weten of we ons nog steeds in Zijn wil bevinden met wat we doen?
Waar halen we anders onze kracht vandaan om vol te houden?
Hoe zullen we weten wat we moeten doen?
Voor hoelang, waar, wanneer ....?
Ik geloof namelijk niet dat alles wat maar op onze weg komt bestempeld kan worden als iets dat God van ons vraagt om te doen.
Om te weten wat Zijn wil is, zullen we de stilte in moeten om Zijn aangezicht zoeken, net als de Here Jezus.
En dat ... is een keuze.


Goed te doen ...
Goeddoen, iets doen dat een gunstige uitwerking heeft op iets of iemand; helpen, verlichten, weldoen, liefdadigheid.
Goeddoen omvat ook het juiste doen, doen wat goed is, en dat betekent boven alles gehoorzaam zijn aan God.
Goeddoen is dan ook niet alleen de handen uit de mouwen steken en van alles en nog wat voor iemand doen, maar waar nodig de ander ook aanmoedigen om zelf iets te doen, te ondernemen of te proberen, naast iemand gaan, een extra mijl gaan, als ook ... de handen vouwen.
Goeddoen, zaaien ...

Hoe heerlijk is het niet als we iemand hebben kunnen helpen en dankbaarheid en blijdschap onze beloning is.
Hoe belonend is het niet als we ons inzetten voor iets of iemand en we zien vooruitgang, of nieuwe dingen tot stand komen.
Wat kan het ons een goed gevoel geven als we een keer bij een langdurig zieke, die niet veel bezoek meer krijgt, op bezoek gaan, en de persoon in kwestie op zien leven.
Maar wat als God een nukkig of verbitterd persoon op onze weg plaats?
Wat als God ons vraagt om voor onbepaalde tijd ons ergens voor in te zetten?
Wat als God ons ergens roept waar alles stil lijkt te staan, er geen vooruitgang lijkt te worden geboekt, misschien zelfs eerder achteruitgang?
Wat als we maar bidden en bidden en bidden, en er verandert niets, er gebeurt maar niets?

Laten we niet moe worden goed te doen, want te zijner tijd zullen we oogsten ...

Want te zijner tijd zullen we oogsten ...
Waar zijn we op gericht als we iets doen?
Voor wie doen we het?
Doen we het voor onszelf, om ons goed te voelen, of omdat we Zijn wil willen doen, Hem willen dienen en eren?
Doen we iets uit verplichting, of uit dankbaarheid?
Zijn we gericht op snel resultaat zien, of  heeft eeuwigheidswaarde voor ons grotere betekenis?
Zijn we bereid om onszelf eventueel weg te cijferen, of om iets te leren, of mag het ons niet echt iets kosten?
Allemaal gedachten en vragen die bij mij (en dus ook naar mijzelf gericht) opkomen als ik hier over nadenk.

Te zijner tijd ...
Wanneer het eenmaal tijd is, wanneer de tijd daarvoor gekomen is.
Hm, dat betekent dus dat we niet weten voor hoelang.
Eén dag, een maand, een jaar?
Twee jaar, tien jaar, na dit leven?
Te zijner tijd ..., och, wat is het voor ons mensen lastig om iets niet te weten of te kunnen over zien; wat is het lastig om niet te weten of te kunnen zien, dat wat wij doen ook maar enig effect heeft.
We leven in een maatschappij waarin alles snel en makkelijk moet zijn.
Eigenschappen als volharding, standvastigheid, toewijding, doorzettingsvermogen, wilskracht, geduld, uithoudingsvermogen, en trouw zijn steeds schaarser te vinden in de mens; egoïstisch en op zichzelf gericht als onze maatschappij aan het worden is.
En het zijn juist deze eigenschappen die we nodig hebben om te doen wat God van ons vraagt, om te leven naar Zijn wil, in gehoorzaamheid aan Hem.

Zullen we ...
Het zal gebeuren!
Misschien weten we nu niet wanneer, en hoe, en ..., maar de dag komt.

De tekst zegt even verderop wel 'als we het niet opgeven', of 'als we niet verslappen', dus we moeten wel volhouden, de moed niet laten zakken, niet moedeloos worden.
Volharding, standvastigheid, doorzettingsvermogen en vastberadenheid zijn hiervoor sleutelwoorden.
Stoppen met het goede doen, betekent immers dat er niets meer te oogsten valt.
Zonder zaaien, valt er niets te oogsten.

Oogsten ...
Binnenhalen; de opbrengst van wat we gezaaid hebben, de uitkomst van wat we gedaan hebben.
Het voortvloeisel van het werk van onze handen, de vruchten van onze inzettingen, de uitwerking van onze gebeden.
Maar er valt alleen iets binnen te halen, als we iets hebben gezaaid.
En al heeft het ene gewas meer tijd nodig om te rijpen dan het andere, voor elk zaad dat gezaaid is komt de tijd van oogsten.
En een goede oogst is afhankelijk van allerlei factoren.
Is het zo bij ons mensen ook niet?

Het spreekwoord luidt: Wat de mens zaait, zal hij oogsten.
Met andere woorden, wees voorzichtig met wat je doet en/of zegt, want alles heeft gevolgen, groot of klein.
Een klein verkeerd woord kan grote ruzies tot gevolg hebben, zelfs oorlogen, als ook een klein gebaar van goede wil, of een vriendelijk woord, grote zegen.

Laten we niet moe worden om goed te doen!
Blijf dicht bij de Heere!
Breng iedere dag tijd door met Hem!
Bij Hem vinden we de kracht om vol te houden.
In Zijn aanwezigheid komen wij tot rust.
Zijn woorden onderwijzen ons, bemoedigen ons, troosten ons.
Zijn liefde beurt ons op en geeft ons nieuwe moed.
Hoor Zijn liefde in de aansporingen van Zijn woord; zie Zijn genade in de tijd die Hij ons geeft!
Met Hem springen we over de hoogste muur, en aan Zijn hand kunnen we door het diepste dal.
Water zal ons niet overspoelen, noch vuur ons verbranden.
Laten we niet moe worden om goed te doen, om het goede te doen, zodat er oogst zal zijn!


dinsdag 14 juli 2020

MT - Verblijd je, juich en spring op van vreugde!

Maar laat verblijd zijn allen die tot U de toevlucht nemen,
laat hen voor eeuwig juichen omdat U hen beschut;
laat in U van vreugde opspringen wie Uw Naam liefhebben.
U immers zegent de rechtvaardige, Heere, 
U omringt hem met goedgunstigheid als met een schild.

Psalm 5:12,13


Sinds een paar jaar leer ik bijna iedere week een Bijbeltekst uit mijn hoofd.
Nu moet je niet denken dat ik daardoor al vele Bijbelteksten uit mijn hoofd ken, want dat is helaas niet het geval.
Ik ben niet zo goed in het leren en onthouden van teksten, laat staan waar zij precies staan; soms ben ik twee weken later al weer kwijt wat ik geleerd had.
Misschien zeg je nu, waarom zou je dit nu dan nog doen?
Nou, weet je, ik geloof dat wat ik geleerd heb toch ergens in mijn hoofd opgeslagen wordt, en dat als het juiste moment daar is, God het mij door Zijn Geest weer te binnen zal brengen. 
Wat mij daarnaast ook gemotiveerd heeft om het toch te doen, is dat we niet weten hoelang wij nog in alle vrijheid Gods woord kunnen openen en lezen.
Wat als dat ooit wegvalt?
Daarom doe ik nu wat ik kan, er op vertrouwend dat Hij zal doen wat nodig is op het juiste moment.

Inmiddels is het ook meer geworden dan het alleen uit mijn hoofd leren van een Bijbeltekst, zo ben ik wel begonnen, maar tegenwoordig overdenk en leer ik het vers.
En pas als ik het gevoel heb dat ik er ‘klaar’ mee ben, ga ik over naar de volgende.
Het kan ook zijn dat ik een bepaald vers gewoon nog een week aanhoud omdat ik merk dat ik het woord gewoon nog nodig heb, hetzij tot troost, of om van te leren; om me te bemoedigen, of juist aan te moedigen, of simpelweg omdat ik nog geen nieuwe heb ‘gekregen/gevonden’. 

Sinds enkele weken plaatst ik dit vers ook op mijn Blog onder het kopje MT (Memoriseer Tekst) – Week …
Zo zie ik het vers ook iedere keer als ik op mijn Blog kom.
Daaronder probeer ik ook iedere week nog een bijpassend gedicht te plaatsen; soms één die ik al eerder geschreven heb, of een nieuwe bij het vers.

De afgelopen tijd -dit keer dus ook langer dan één week, ben ik ‘bezig geweest’ met de bovenstaande verzen.
Ze triggerden mij enorm.
Laat verblijd zijn die …
Laat hen voor eeuwig juichen omdat …
Laat in U van vreugde opspringen wie … 
U immers zegent de …
U omringt hem met …
Ik ervaar het als opmerkelijk, daar ik vaker getrokken word door woorden als ‘tot U de toevlucht nemen’, en ‘omdat U hen beschut’ enz.
Maar deze keer komen deze woorden binnen: laat verblijd zijn allen die tot U de toevlucht nemen, laat hen voor eeuwig juichen omdat U hen beschut, laat in U van vreugde opspringen wie U liefhebben. U immers zegent de rechtvaardige, Heere, U omringt hem met goedgunstigheid als met een schild.’
Wow! 
Van nature ben ik niet bepaald een uitbundig persoon, dus woorden als ‘juichen’ en ‘in U van vreugde opspringen’, zijn eigenlijk niet echt kenmerkend voor mij.
Maar het staat hier toch maar mooi wel in Gods woord om te doen, omdat Hij ons daar alle reden toe geeft.
Ja, in mijn hart kan het juichen, in mijn hart kan ik in Hem van vreugde opspringen, dat ervaar ik regelmatig als ik aan het schrijven ben, of aan het zingen, maar letterlijk …

Het woordje ‘laat’ dat bij alle drie de zinnetjes ervoor staat, impliceert in mijn ogen iets als van ‘gewoon doen’.
Als je tot Hem je toevlucht neemt, wees dan verblijd!
Hij beschut je, iedere dag opnieuw, dus juich voor eeuwig!
Heb je Hem lief? Nou, spring dan op van vreugde!
We hebben er zoals ik al eerder aangaf alle reden voor; want hier zegt Zijn woord vervolgens ook nog dat Hij immers de rechtvaardige zegent, en hem omringt met goedgunstigheid als met een schild!

Ik besef dat ik nog heel veel te leren, en af te leren heb, en tot die tijd hoop ik dat het voor de Heere genoeg is dat mijn hart doet wat mijn lichaam nog niet, of gewoon niet meer, kan.
En ik verblijd en koester mij in de diepte en reikwijdte van Zijn woord en … ik doe maar wat voorlopig nog het meest natuurlijke is voor mij, ik zing …