zaterdag 29 juni 2013

Hulp en redding

Bedenk hoe groot en indrukwekkend de HEER is ...    (86)

Wie wijs is, let op deze dingen,
hij slaat er acht op
hoe de Heer telkens zijn liefde toont.

Psalm 107:43

De laatste paar dagen komt Psalm 107 steeds opnieuw in mijn gedachten als ik ’s morgens een stukje uit mijn Bijbel wil lezen.
Verschillende keren heb ik inmiddels de Psalm doorgelezen en mijn oog werd getrokken door een paar verzen met dezelfde strekking.

Als ik even kijk naar het hoeveelste stukje het is van ‘Bedenk en onthoud’, zie ik dat ik nog niet zo lang geleden ook over deze Psalm heb geschreven, maar dat deze keer mijn oog op heel andere dingen uit dit hoofdstuk valt.
Toch had ik dezelfde tekst als uitgangspunt genomen, en dat blijf ik ook doen, daar verander ik niets aan, want het is net zo met elkaar verbonden als bij het vorige stukje uit deze Psalm.

In hun angst riepen zij de Heer om hulp en Hij redde hen van een wisse dood.
Deze woorden komen 4 keer terug; namelijk in vers 6, vers 13, vers 19 en vers 28.
De omstandigheden waren telkens anders, maar steeds opnieuw klinken vervolgens deze woorden.
Hoe bijzonder!

Het zij duidelijk dat deze woorden belangrijk zijn en ons iets te zeggen hebben.
Ook de uitgebreide omschrijvingen hebben ons iets vertellen.
Namelijk, dat waar we ons ook bevinden, in welke situatie dan ook; of het nu door ons eigen toedoen is, of dat we beproefd of verzocht worden, vanuit welke omstandigheden we het ook uitroepen naar God, Hij hoort en redt!
En daar blijft het niet bij, God gaat nog verder.
Hij wijst vervolgens de goede weg, leidt naar een veilige plek.
Hij redt uit het diepste duister, verbreekt boeien.
Brengt genezing en stormen tot bedaren.

Laten zij Hem danken, zegt dan de Psalmist, danken voor de liefde die Hij hen heeft bewezen; want alles wat Hij heeft gedaan, getuigt van Zijn grote liefde.
Ook dit woord komt vier keer terug en geeft aan hoe belangrijk het is dat we ook niet vergeten om Hem te bedanken voor wat Hij heeft gedaan, voor de liefde die Hij heeft bewezen.

Maar dat niet alleen.
De psalm eindigt met de volgende woorden:
‘Wie wijs is, let op deze dingen, hij slaat er acht op hoe de Heer telkens Zijn liefde toont.’
We dienen Hem niet alleen te danken voor wat Hij heeft gedaan, voor de liefde die Hij heeft getoond, maar de Psalmist drukt ons op het hart om acht te slaan op elke manier waarop God Zijn liefde toont.
Hij noemt het zelfs wijs als we daarop zouden letten.
Zien hoe God ons Zijn liefde toont, bewijst, maakt ons tot een ander mens.
Een dankbaar mens.
Een gelukkig mens.
Niemand kan onveranderd blijven onder de liefde die God de Vader ons bewijst, tenzij wij er geen acht op slaan.
Maar dat zou dom zijn …


Nog steeds toont God Zijn liefde.
Nog steeds hoort Hij elke roep om hulp.
Nog steeds redt Hij.
Nog steeds helpt Hij verder vanuit Zijn gegeven hulp.
Nog steeds bewijst Hij Zijn liefde.
Nog steeds is Hij dezelfde;
toen en  nu.
 
Heer, U hoort mij als ik roep.
Waar ik mij ook bevind,
in welke omstandigheden
ik ook verkeer,
U hoort mij
en komt mij te hulp.
U bewijst aan mij Uw liefde.
Toont mij wegen die ik kan gaan.
U geeft mij een veilige plek om te wonen
en brengt stormen tot bedaren.

Uit het diepste duister haalt U mij.
Ketenen rukt U van mij af.
Op Uw woord word ik gezond
en U redt mij van het graf.

Ik wil U danken, Heer,
Uw Naam loven en prijzen
om de liefde die U mij steeds bewijst.
Ik wil U eren en aanbidden,
U alle eer en hulde brengen
om de liefde die U mij steeds weer geeft.

U bent groot
en zeer te prijzen.
Ik wil niet voorbijgaan
aan de liefde
die U steeds toont.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen