vrijdag 14 juni 2013

De Lawine (Mijn favoriete verhaal uit 'Mijn Herder')

Hoog op een alp in Zwitserland zit een herdersjongen.
Hij speelt op zijn blokfluit.
Rondom hem schapen, die weiden in het malse gras.
Wat een prachtige natuur!
Ginds de gletsjers met hun ‘eeuwige’ sneeuw.
Daar komt een wandelaar het smalle bergpad op; het is een vakantieganger.

‘Zo beste jongen, hoe heet jij?’
‘Henry, meneer.’
‘En hoe oud ben je?’
‘Tien jaar, meneer.’
‘Goed, Henry, noem mij maar Oom Hans.
Zeg, wat doe je eigenlijk hier?’
‘O, ik heb vakantie en mag van mijn vader op de schapen passen.’
‘Nu, dat is mooi, dus jij bent een jonge herder?
Heb je weleens gehoord van de goede Herder?’
‘Meneer, ik ben zelf een goede herder, want ik zorg heel goed voor onze schapen.’
‘Ja, dat begrijp ik best.
Dan ben jij een goede herder.
Maar ik bedoel of je weet wie de goede Herder is?’
‘Nee, meneer, wie is dat?’
‘Nu, dat is de Heere Jezus, Hij is God, maar Hij kwam uit de hemel op aarde om als Mens te sterven aan een kruis.
Nu leeft Hij weer en Hij is de goede Herder.
Zijn schapen brengt Hij in het Vaderhuis, dat is de hemel.
Niets is fijner dan Hem te kennen.
Hij zorgt dan nog beter voor je dan jij voor je schapen!’
‘Kan Hij mij ook in het Vaderhuis brengen?’
‘Ja, maar dan moet er eerst iets met je gebeuren.
Heb je weleens kwaad gedaan, Henry?’
‘Ja, meneer, ik ben deze week heel ondeugend geweest.’
‘Dan moet je Hem eerst vragen of Hij dat kwaad en ook al het andere verkeerde dat je gedaan hebt, wil vergeven.
Als je bidt en alles eerlijk aan Hem vertelt, dan neemt Hij je zonden weg en vergeeft ze, want daarvoor is Hij gestorven.
Hij leed aan het kruis om de schuld te betalen.
Henry vroeg of hij nu mocht bidden.

Het was ontzettend ontroerend te zien hoe goed hij alles begreep.
Hij wilde met zijn hele hart de Heere Jezus leren kennen.
En daar op de berg in het gras knielde Henry neer.
Kinderlijk eenvoudig sprak hij een kort gebed.
Het kwam uit zijn hart.
En om zo’n gebed is de Heere Jezus blij.
Oom Hans was ook blij, want hij voelde dat dit kind, al was hij nog zo jong, zich toch helemaal toevertrouwde aan de Heiland.

‘Nu zal ik je een tekst leren uit de Bijbel, een korte tekst: De Heere is mijn Herder.
Die kun je goed onthouden, want het zijn maar vijf woorden.
Voor elke vinger van je hand een woord.
Houd je hand op!
Vijf vingers, niet waar?
Neem nu die duim tussen de vingers van je andere
hand: _______________________ De
Nu de wijsvinger vasthouden: ______  Heer
Nu je middelvinger: _____________  is
Dan je ringvinger: _______________ mijn
Het laatste je pink: ______________  Herder
Zie je wel, Henry?
vijf woorden.
Ieder die doet wat jij gedaan hebt: zonden belijden en geloven in de Heere Jezus, die mag zeggen: DE HEERE IS MIJN HERDER

DE Herder (niet een Herder), omdat Hij alléén de goede Herder is.
HEERE, omdat Hij de Heere en Meester is, de Almachtige.
IS, omdat Hij het nu is en altijd blijft.
MIJN, want dan hoor je bij Zijn schapen.
HERDER, omdat Hij voor je zorgt en je liefheeft.
Maar let vooral op het woordje MIJN.
Hij is van jou, daarom mag je zeggen: Hij is MIJN Herder.

‘Kijk, oom Hans, als ik de tekst zeg en bij elk woord een vinger vasthoud, dan knijp ik even extra in de vierde vinger: MIJN,  - ik ben zo blij!
MIJN Herder!’

Oom Hans kwam nog af en toe even kijken bij Henry op de bergwei, maar na een paar weken was zijn vakantie voorbij en moest ook Henry weer naar school.
Het werd winter en de winter kan in een Zwitsers dorp gevaarlijk zijn, vooral door de lawines.
Een lawine is een grote massa sneeuw, die soms van een berg af komt glijden.
Die kan heel groot zijn en met een enorme vaart naar beneden storten.
Zelfs worden weleens huizen onder een lawine bedolven en ook soms mensen erdoor meegesleurd en gedood.

Op een middag kwam Henry uit school en wachtte vader hem op.
Vader keek erg bedroeft en zei: ‘Henry, moeder is ziek geworden.
De dokter heeft een recept gegeven, en dat moet direct gehaald worden.
De apotheek is hier niet, maar in het andere dorp, een half uur lopen.
Ik blijf bij moeder.
Wil je direct gaan?’
Henry was gehoorzaam en deed zijn boodschap.
In de apotheek stopte hij het flesje medicijnen voor moeder in zijn jaszak.

Op de terugweg werd het al donker.
Toen is er iets verschrikkelijks gebeurd.
Ineens een donderend geluid, alsof het onweerde.
Maar het was geen onweer – het was een lawine.
Hoog van de gletsjer was een grote massa sneeuw en ijs aan het glijden gegaan.
…. vlug wegrennen …. maar het kon niet meer.
De lawine haalde hem in en rolde over hem heen.
Daar lag Henry, diep onder de sneeuwmassa.

Vader wachtte onrustig.
De mensen in het dorp hadden het geluid gehoord.
Zouden er mensen verongelukt zijn?
Waar was Henry?

De apotheek werd opgebeld, maar ze zeiden dat Henry bij hen was geweest en weer terug naar huis gegaan was.
Wat moest er nu gebeuren?
De buren gingen op weg om hem te zoeken.
Sterke mannen hebben urenlang in de sneeuw gegraven.
Wat een spanning!
Zouden ze hem vinden?
Zou hij nog leven?

Eindelijk vonden ze hem.
Hij lag onder de sneeuw.
Koud.
Dood.
Wat erg!
Wat een verdriet voor zijn ouders.
Maar kijk die hand eens!
Die houdt de ene vinger van zijn andere hand vast omklemd, de vierde vinger.
De vader van Henry begreep het.
Hij begreep direct alles.
Want Henry had aan zijn ouders verteld dat hij zich bekeerd had en dat de Heere Jezus zijn Heiland, maar ook zijn Herder was.
Hij had verteld wat oom Hans hem geleerd had.
Zijn vader begreep dat Henry het grote gevaar van de lawine had zien aankomen.
Dat hij niet meer had kunnen vluchten.
Dat hij voelde te moeten sterven, en dat hij gedacht had aan de Heere Jezus, Die zijn Vriend was, Die hem ook nu niet zou verlaten.
Toen had Henry gedacht: ‘MIJN’.
Hij had zijn vierde vinger gegrepen en vastgehouden.
Zo hadden ze hem gevonden.

Henry wist het zeker: Hij is MIJN Herder.
En zijn ouders wisten ook zeker: Henry is wel gestorven, maar al moeten we zijn lichaam begraven, hijzelf is bij de Heere Jezus in de hemel.
Ze hadden een groot verdriet om hun lieve jongen, die gestorven was.
Maar dit was hun grote troost: Eens zal ook zijn lichaam opstaan, wanneer de Heiland wederkomt.


Met toestemming overgenomen uit: ‘Mijn Herder’
 Evangelie-Lektuur
©
www.uhwdw.nl

Zie: Boekinfo

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen