woensdag 5 februari 2014

Zoeter dan honing, kostbaarder dan goud


Soms zijn er dagen dat ik Gods woord als een kind in mijn armen zou willen kunnen sluiten.
Het de hele dag bij me dragen, koesteren, liefhebben, omarmen.
Een alles overweldigende liefde kan me overspoelen en ik zou willen dat daar nooit een einde aan kwam.
Ik zou willen, dat ik alle woorden van bemoediging, van hoop, van liefde, van kracht, van leven, van  ..... op kon schrijven en doorgeven.
Gods woord is immers zó rijk, zó kostbaar, zó waardevol!

Helaas ervaar ik dit niet iedere dag.
Soms ben ik gewoon te moe, of beheersen zorgen mijn denken.
Soms ben ik gewoon te eigenwijs, of heb ik geen zin (ja, ook dat gebeurt weleens)
En soms staan er gewoon dingen tussen mij en God in, ben ik boos, of teleurgesteld, of …
Maar toch, toch ...

Uw woorden zijn altijddurende gerechtigheid:
geef mij inzicht, dan kan ik leven.

Voor de morgen schemert, roep ik U al,
want Uw woorden zijn mijn hoop;
in nachtelijke uren zijn mijn ogen gevestigd op U,
want Uw woorden blijven mij in gedachten.

Al heel lang weet ik:
Uw woorden gelden voor alle eeuwen.

Psalm 119:144, 147, 148, 152.

Nee, niet iedere morgen voor het schemert roept ik God al aan; niet altijd zijn in de nachtelijke uren mijn ogen op Hem gevestigd, maar wat zijn Zijn woorden meer en meer voor mij leven, en wat krijgen ze meer betekenis naar mate ik ouder word en Hem steeds meer leer kennen.

Ja, al heel lang geloof ik, dat Zijn woorden gelden voor alle eeuwen.
Dat ze inzicht geven, leven brengen en hoop.
Dat ze waarheid zijn en betrouwbaar.

Hoe meer tijd ik met Hem en Zijn woord doorbreng (en of het nu is voor hulp, of om van Hem te leren, of om Hem te danken, te loven en te prijzen, of voor welke reden dan ook), hoe kostbaarder en dierbaarder Zijn woord voor mij word.
Hoe kostbaarder en dierbaarder Zijn woord wordt, hoe meer kracht ik daaruit leer putten.
Hoe meer kracht ik leer putten uit Zijn woord, hoe minder ik onderuit word geslagen in omstandigheden of dingen die gebeuren.
Minder onderuit geslagen worden betekent ook dat de boze minder vat krijgt op mijn denken.
En hoe minder vat de boze krijgt op mijn denken, hoe meer ruimte er is om mijn gedachten te richten op Hem.
Hoe meer mijn gedachten zich richten op Hem, hoe groter ook de plaats wordt voor Hem in mijn leven.
Hoe groter de plaats wordt voor Hem in mijn leven, hoe meer ik leef met Hem.
Hoe meer ik met Hem leef, hoe meer Hij verweven raakt met mijn gehele bestaan.
En hoe meer Hij verweven raakt met mijn gehele bestaan, hoe meer Hij leeft in mij.
Hoe meer Hij leeft in mij, hoe meer ik sterf aan mijzelf.
En als ik uiteindelijk aan mijzelf gestorven ben, leef niet meer ik, maar Hij in mij.

Dat zo Uw woord, Heere, mijn God, 
mijn leven mag doordrenken,
zodat U verweven raakt 
met mijn gehele bestaan.

Doe mij Uw zachte stem horen,
leer mij Uw wil te doen, 
zodat ik in alles
Uw wegen zal gaan.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen