dinsdag 2 februari 2016

Dank onder alles!

In een boek kwam ik onderstaand citaat van Matthew Henri tegen, wat hij schreef nadat hij was beroofd:

Laat mij dankbaar zijn -
ten eerste, omdat ik nooit eerder beroofd was
ten tweede, omdat hoewel zij mijn portemonnee namen, ze mij niet het leven benamen
ten derde, omdat hoewel zij alles van mij namen, het niet veel was
en ten vierde, omdat ik degene was die beroofd was, niet degene die beroofd had.


Dit citaat deelde ik gister ook op onze VrouwenBijbelstudiegroep, waar we bezig zijn met het thema 'Dankbaarheid'.
Welk een les ligt er in deze woorden van Matthew Henri.

  • Hoe gaan we om met de dingen die gebeuren?
  • Wat is onze reactie erop?
  • Welk effect heeft onze reactie op de mensen in onze omgeving?
  • Welk effect zal het hebben op mijn eigen leven?


Dat Matthew Henri dit schreef naar aanleiding van beroofd te zijn, brengt mijn gedachten heel wat jaren terug in de tijd; sommige dingen schijn je niet te vergeten ...
Het was vrijdagavond zo rond half negen/negen uur.
Ik was elf jaar, en liep met een jongen die iets jonger was dan ik, aan het einde van de straat waar ik woonde.
We hielpen een bloemenman met venten.
Eerst was het zo dat ik samen met hem liep en dan mocht ik aanbellen.
Als er bloemen werden gekocht, mocht ik de bloemen aan de klanten geven.
Als beloning kreeg ik dan een gulden (of een rijksdaalder als we een goede avond hadden gehad) en vaak een bosje bloemen mee naar huis.
Het was altijd bij ons in de straat en in de straten rondom ons huis.
Maar met de komst van het andere jongetje erbij, draaide het er op uit, dat wij, met z'n tweetjes bloemen liepen te venten.
Als ik er nu zo over nadenk kan ik het nauwelijks begrijpen, twee kinderen van 10 en 11 jaar, die bloemen lopen te venten langs de deuren.
Mijn ouders zullen vast niet hebben geweten dat ik daar met dit jongetje liep en niet meer met een volwassene.

Die bewuste avond waren we klaar met onze straat en we liepen richting de bus met bloemen die net om de hoek stond.
Ik liep net iets voor het jongetje (ik ben zijn naam vergeten) uit en stak ter hoogte van de steeg de straat over.
Toen ik over mijn schouder keek, stond daar ineens een man met een wit mondkapje voor en met dat ik hem aankeek, pakte hij mij vast bij mijn schouder.
Op hetzelfde moment klonk er een enorm gegil van het jongetje.
Ik rukte mij los en rende de hoek van de straat om naar de bloemenman.
Eer hij bij het jongetje was, was de geldtas al verdwenen, maar het jongetje gelukkig ongedeerd.
Hij had geloof wel een klap op zijn hoofd gehad, maar ...
Hoewel er vele mensen thuis waren, had niemand het geschreeuw van de jongen gehoord, maar toen de politie arriveerde gingen ineens vele deuren open ...

Vervolgens moesten we naar het politiebureau, waar we ons verhaal moesten vertellen.
In mijn hoofd kan ik de agent nog horen zeggen 'Nee, dat niet, dat betreft die ander, je moet vertellen wat er met jou gebeurd is' of iets in die richting.
Nog herinner ik mij mijn frustraties en tranen, dat ik mijn verhaal niet mocht vertellen op mijn manier.
Het was rond half twaalf dat ik eindelijk thuis was, dat is wat ik mij tenminste herinner.
En met de beroving kwam er een einde aan het bloemenventen.
Mijn laatste herinnering aan deze gebeurtenis is dat mijn vader mij voor heel lange tijd overal moest komen ophalen en/of wegbrengen, want ik durfde nergens meer alleen heen.

Ik weet, ik was nog maar een kind, dus reageren zoals Matthew Henri reageerde, zat er niet in.
Maar nu, zo velen jaren later, komt deze herinnering wel boven en als ik hem nu in het licht zet van zijn woorden ...
Diepgewortelde angst is met deze, en nog enkele nare gebeurtenissen, mijn leven binnengekomen,
en soms loop ik nog steeds tegen dingen aan als gevolg hiervan.
En het voelt alsof als ik ga doen wat hij deed, ik boven deze gebeurtenis(sen) uit zal stijgen, waardoor deze gebeurtenis(sen) anders in mijn herinnering zal gaan voortleven.

Verandering van denken, anders naar dingen gaan kijken,  ...
Dankbaar zijn, zelfs na zoveel jaar ...

En daarom wil ik zelfs na zoveel jaren, met Matthew Henri zeggen:

Laat mij dankbaar zijn -
ten eerste, omdat ik nooit eerder beroofd ben, en ook nooit meer daarna
ten tweede, omdat zowel ik, als het andere jongetje, lichamelijk ongedeerd wegkwamen
ten derde, omdat er daarmee een einde kwam aan iets onverantwoordelijks

ten vierde, omdat ik een vader had, die mijn angst erkende en mij wegbracht en haalde voor lange tijd
ten vijfde, omdat ik degene was die beroofd werd, en niet degene die beroofde (nooit bij stilgestaan)

ten zesde, omdat God dingen -boeken met citaten (en allerlei andere dingen)- op mijn pad brengt tot genezing, tot groei, tot ... 

Wat zal er gebeuren, wat zal het gevolg zijn, als ik dit zou doen met alle dingen die nog bij tijd en wijle in mijn hoofd rondspoken?


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen