Posts tonen met het label geloof. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geloof. Alle posts tonen

zaterdag 28 maart 2015

Dag 39 – Geef niet te snel op!

De vrouw die niet zomaar opgaf.
Toen antwoordde Jezus haar: ‘U hebt een groot geloof!
Wat u verlangt, zal ook gebeuren.’
En vanaf dat moment was haar dochter genezen.
Mattheüs 15:28


Jezus ziet haar aan, haar antwoord raakt hem diep.
Wat een geloof!
Wat een volharding!
Wat een vertrouwen!
Zie haar nu geknield aan Zijn voeten liggen.
Hun blikken kruisen elkaar.
Liefde en bewogenheid doorstromen Zijn wezen om het geloof en vertrouwen van deze vrouw.
‘O, vrouw, groot is uw geloof; het zal gebeuren zoals u wilt.’

De vrouw laat zien dat bidden ook strijden is.
Worstelen met Hem, met Zijn woorden.
En het mag!

Bidden is meer dan netjes handen vouwen en eerbiedige woorden spreken.
Bidden is een gesprek aangaan met de Heer; is luisteren en spreken, spreken en luisteren.
Maar bidden is ook wanhopig smeken met opgeheven handen.
Bidden is ook worstelen en strijden; 'Ja, maar Heer, …'
Bidden; het laatste woord aan Hem geven, gelovend en vertrouwend dat Hij het het beste weet en doet wat juist is.

Soms betekent dit genezing, zoals bij de dochter van deze vrouw.
Soms zegt Hij: ‘Mijn genade is u genoeg.’













Soms is bidden smeken.
Soms is bidden worstelen.
Soms is bidden strijden.
Soms geven we te snel op.
Soms is Zijn genade genoeg.

Soms is het eerbiedig spreken.
Soms zijn het opgeheven handen.
Soms is het knielen aan Zijn voeten.
Soms ontbreken ons de woorden.
Soms is stil zijn genoeg.


Over de vrouw die niet zomaar opgaf kun je lezen in:
Mattheüs 15:21-28
Marcus 7:24-30

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

woensdag 25 maart 2015

Dag 36 - Smeken

De vrouw die niet zomaar opgaf.
‘Heb, medelijden met mij, Heer, Zoon van David!
Mijn dochter wordt vreselijk gekweld door een demon.’
Mattheüs 15:22


‘Heere, Zoon van David, ontfermt U over mij!’
(HSV)

Er is geen plaats waar Hij Zich even terug kan trekken zonder dat er iemand is die Hem nodig heeft.
Ook hier, in dit gebied, in dit huis, wordt Hij niet met rust gelaten, is er opnieuw iemand die Hem nodig heeft.
Een vrouw komt naar Hem toe, wanhopig smekend om Zijn ontferming.

Ze is geen Jodin, maar ze weet precies wie Hij is.
Zij, een Kananese, een Griekse uit het gebied Syro-Fenicië (Marc. 7:26).
‘Heere, Zoon van David!’
Ze weet wie Hij is.
Ze gelooft dat Hij Degene is Die komen zou.

Bij Hem moet ze zijn.
Hij kan haar helpen.
Ze schreeuwt om Zijn mede-leven, om Zijn mede-lijden, om Zijn ontferming.
Haar noodkreet klinkt aan het juiste adres.

Kennen wij Hem?
Weten wij waar we naar toe kunnen met al onze noden?
Geloven wij, dat Hij de Heere is, de Zoon van David, de Messias?
Geloven en vertrouwen wij net als deze vrouw dat Hij de Enige is die ons kan helpen?

Jezus
Immanuel
God met ons!

Mijn Jezus, mijn toevlucht,
mijn hulp en trooster in elk verdriet.
Bij U vind ik alles wat ik nodig heb,
nooit klop ik tevergeefs bij U aan.
Ik weet, bij U vind ik ontferming;
ik weet: U bent met mij begaan.
Mijn Jezus, mijn toevlucht,
mijn hulp, mijn trooster in elk verdriet.













Over de vrouw die niet zomaar opgaf kun je lezen in:
Mattheüs 15:21-28
Marcus 7:24-30

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

zondag 22 maart 2015

Dag 33 - Hij is en zal altijd bij ons zijn!

De vrouw die (naast dat zij altijd bezig was) Hem geloofde.
'Marta zei tegen Jezus: ‘Als U hier was geweest, Heer, zou mijn broer niet gestorven zijn.'
Johannes 11:21


Hun broer was dood, en intens groot was haar verdriet.
Was Jezus maar hier geweest, dan …
Ja, dat geloofde ze met heel haar hart, als Hij hier was geweest dan zou hij niet gestorven zijn.
Waarom was Hij er nu niet toen ze Hem zo nodig hadden?
Nu is Hij gekomen, maar nu is Lazarus dood.
‘O Heer, als U er nu maar eerder geweest was, dan …’
Een licht verwijt, maar ook geloof .

En toch …

‘Toen zei Jezus openlijk tegen  hen(Zijn discipelen): Lazarus is gestorven.’
Johannes 11:14

Jezus wist ervan.
Al was Hij er niet fysiek bij, toch wist Hij ervan.
Hij en Zijn Vader zijn één.

‘Heer, waar bent U? Heer, waar was U?’
Misschien branden deze vragen ook wel op onze lippen.
Wanhoop, pijn en verdriet, van alles klinkt in deze vragen door.
Maar net als bij Martha, Hij is, of Hij was er bij!
Hij weet.

Door onze gevoelens en gedachten kunnen we Hem soms niet zien, maar het zijn echter niet onze gevoelens en gedachten die bepalen of Hij er wel of niet bij is.
Hij is er bij, gewoon omdat Hij ons dat heeft beloofd!

‘En zie, Ik ben met u al de dagen tot de voleinding van de wereld.’
Mattheüs 28:20

















Heer, U bent er altijd;
in alles wat er ook gebeurt,
en in elke omstandigheid.
Leer Mij op U te vertrouwen;
nu leven we immers door geloof
en nog niet door aanschouwen.


Over de vrouw die Hem geloofde kun  je lezen in:
Johannes 11:1-46

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

zaterdag 14 maart 2015

Dag 25 - Rechtspraak, ten leven of ten dode ...

De vrouw die alleen verder moest …
Toen Hij de poort van de stad naderde …
Lucas 7:1


De poort.
Een doorgang.
Een plaats van ontmoeting.
Een plaats van rechtspreken.

De dood.
Een doorgang van het ene leven naar het volgende leven.
De plaats van de ontmoeting met God.
De plaats van rechtspraak.

‘…, en Jezus zei: ‘jongeman, Ik zeg u, Sta op!’
Lucas 7:14

Opstaan ten leven of ten dode.
Opstaan, en leven in Zijn heerlijkheid.
OF …
Opstaan, en leven in de hel.

‘Alzo lief heeft God de wereld gehad dat Hij Zijn eniggeboren Zoon  gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem geloofd, niet verloren gaat maar eeuwig leven heeft.’
Johannes 3:16

Doorboorde handen
reiken jou Zijn liefde aan.

Mag jouw naam ook
in het Boek des Leven staan?













Je kunt het verhaal van deze weduwe lezen in:
Lucas 7:11-17

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

zaterdag 7 maart 2015

Dag 18 - Ik ben het!

De Samaritaanse vrouw
Jezus zei tegen haar: Dat ben Ik, Degene die met u spreekt.
Johannes 4:26


Ik ben het!
Voor een kort moment blijven de woorden in de lucht hangen, want precies op dat moment komen de discipelen weer terug.
Dan zet ze haar waterkruik neer en gaat ze (in gedachten zie ik haar rennen) naar de stad om het aan iedereen te vertellen.

‘Deze(Andreas) vond als eerste zijn eigen broer Simon en zei tegen hem: Wij hebben de Messias gevonden, wat vertaald wordt als de Christus. En hij leidde hem tot Jezus …’
Johannes 1:42,43a

‘En het volk stond toe te kijken. En met hen beschimpten ook  hun leiders Hem. Zij zeiden: Anderen heeft Hij verlost, laat Hij nu Zichzelf verlossen als Hij de Christus is, de Uitverkorene van God.’
Lucas 23:35

De meningen en reacties zijn verdeeld.
Sommigen laten alles liggen waar ze mee bezig zijn om het aan anderen te vertellen dat de Christus is gekomen, anderen bespotten Hem, en zijn doof en blind voor wie Hij is.

Dan is het alsof ik Jezus hoor vragen:
‘En wie zeg jij, dat Ik ben?’













Heer, ik geloof, dat U de Messias bent, de Christus die gekomen is.
De eniggeboren Zoon van God, die aan het kruishout gestorven is voor mijn zonden.
Die teruggegaan is naar Zijn Vader, waar U een plaats voor mij aan het bereiden bent.
Die mijn naam opgetekend heeft in het Boek des Levens.

Wie zeg jij, dat Hij is?


Je kunt lezen over de Samaritaanse vrouw in:
Johannes 4:1-30

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

vrijdag 27 februari 2015

Dag 10 - Als Hij ons aanraakt ...

Als ziekte ons leven binnenkomt …
Hij ging naar haar toe, pakte haar hand vast en hielp haar overeind. 
Toen verliet de koorts haar …
Marcus 1:31


Hij steekt Zijn hand uit.
Hij grijpt haar hand vast.
Hij helpt haar overeind.
Ze is genezen.
Als Hij iets doet, doet Hij het goed!


Een doorboorde hand 
is naar je uitgestoken.
Het maakt Hem niet uit wie je bent
of wat je ook hebt gedaan.
Zie toch de liefde in Zijn ogen,
voor jou, voor mij;
voor ons is Hij de weg 
van lijden gegaan.

‘Geloven begint waar het begrijpen stopt.’*

Een doorboorde hand
is naar ons uitgestoken;
verlangend om onze hand te pakken,
ons te redden en te bevrijden.
Opdat wij zullen leven
gaf Hij het Zijne
en doorstond Hij 
al het lijden.

‘Geloven begint waar het begrijpen stopt.’

Een doorboorde hand 
is naar ons uitgestoken.
Zo onbegrijpelijk
maar waar.
Pak Zijn hand,
voel Zijn aanraking,
merk de verandering.
Geloof,  en ervaar.


Geloven begint waar het begrijpen stopt.
Wordt stil, en hoor hoe Hij aan de deur van je hart klopt.















Je kunt lezen over de schoonmoeder van Petrus (toen nog Simon) in:
>> Mattheüs 8:14-17
>> Marcus 1:29-35
>> Lucas 4:38-40

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

* Citaat boekje

maandag 23 februari 2015

Dag 6. Voorgegaan

‘Vandaag sta ik stil bij hen die rouwen.’*
‘Uw dochter is gestorven.’
Lucas 8:49


Niets grijpt meer in, hakt er meer in, dan het verlies van een kind.
Een stuk van jezelf sterft mee.
Alsof je hart uit je lijf wordt gerukt.
Nooit, nee, nooit zul je meer dezelfde zijn.
Nooit, nee nooit, zal iets ooit weer hetzelfde zijn.

‘De dood is geen geringe vijand.’*

Boven in de hemel
ziet een Vader naar Zijn Zoon.
Zijn hart is vol pijn en verdriet;
leeg is de plaats naast Zijn troon.

Wie zal ooit kennen
de pijn van Zijn hart;
Hij, die Zijn enige Zoon
om ons te redden
aan de dood overgaf.

Twijfel je nu nog of Hij
ook maar weet heeft
van jouw verdriet en pijn,
als je staat aan de rand
van een graf?

‘De dood is geen geringe vijand.’*

Jezus zegt: ‘Wees niet bang!’
Wees niet bang, geloof, zij zal gered worden!

Jezus zegt het ook tegen ons, tegen jou en mij:
‘Wees niet bang, geloof, en je zult gered worden.













Geloof, geloof in Mij,
Ik ben de dood ingegaan.
Wees maar niet bang, weet,
Ik ben ook daarin voorgegaan.

Hoe je ziel nu ook door angst
en vrees worden doorboord,
door Mij heeft de dood
nimmermeer het laatste woord.

Vertrouw je leven aan Mij toe,
leg het in mijn hand.
Wees niet bang, laat Mij je leiden
naar het ‘Beloofde Land’.



Het verhaal van het dochtertje van Jaïrus kun je vinden in:
>> Mattheüs 9:18,19; 23-26
>> Marcus 5:21-24; 35-43
>> Lucas 8:40-42; 49-56

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'
* Citaat boekje

zaterdag 21 februari 2015

Dag 4. In ere hersteld

Door de ogen van de bloedvloeiende vrouw.
Hij zei tegen haar: Heb goede moed, dochter, uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede!
Lucas 8:48


Dochter!
Hij noemt mij: dochter!

Hoe lang zal het geleden zijn dat er iemand een vriendelijk woord tegen haar sprak?
Hoe lang hunkert zij al naar wat aandacht?
En dan nu niet alleen vriendelijke woorden, woorden die haar moed in spreken en opbeuren, maar die haar als het ware zelfs liefkozen.
Dochter!

Haar onreinheid werd Zijn onreinheid, en Zijn kracht werd haar kracht.
Haar wanhoop werd hoop, haar vertwijfeling geloof.
Haar geloof werd haar redding en maakte haar Zijn dochter.

Al wie gelooft in Hem, is Zijn zoon of dochter!













‘Mijn dochter (Mijn zoon),
je geloof heeft je behouden;
heb goede moed
en ga in vrede heen!
Je hebt nieuwe hoop
en een nieuwe toekomst
ligt voor je open;
je bent nimmermeer alleen.'


Het verhaal van de bloedvloeiende vrouw kun je vinden in:
>> Mattheüs 9:18-26
>> Marcus 5:25-34
>> Lucas 8:40-56

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

vrijdag 20 februari 2015

Dag 3. Genezen, gered ...

Door de ogen van de bloedvloeiende vrouw.
… Ik heb kracht uit Me voelen wegstromen.
Lucas 8:46


Wat heeft ze nog te verliezen?
Ze moet door de mensenmassa heen om bij Hem te komen …
Wat heeft ze te winnen?
Aanraken, alleen de zoom van Zijn kleed …

Citaat:
Hoop,  geboren uit wanhoop.
Geloof, geboren uit vertwijfeling.














Ze werkt zich door de menigte en haar hand
raakt aan de zoom van Zijn kleed.
Zijn kracht doorstroomt haar,
genezing wordt haar deel;
licht breekt door in haar donkere bestaan;
ze heeft weer uitzicht na zoveel leed.

‘Wie, wie heeft Mij aangeraakt?’
De ogen van de Man gaan zoekend rond.
Kracht was van Hem uitgegaan
bij de aanraking van een vrouw
met een uit vertwijfeling geboren geloof,
maar waardoor zij wel genezing vond.

Zijn kracht werd haar kracht,
haar onreinheid nam Hij aan.
Maar nog even, dan hangt Hij te bloeden
aan het kruis op Golgotha en zal
de onreinheid van de gehele wereld
Hem de dood in doen gaan.

Jezus, 
Hij gaf Zijn leven in ruil
voor dat van jou en mij.
Daarvoor kwam Hij,
ja, kwam Hij heel speciaal.
Zijn lijden en sterven maakt ons zo
van zonden voor eeuwig vrij.

Dank U wel, Heer Jezus, voor Uw lijden,
dank U wel, dat U stierf voor mij.
Dank U wel, voor Uw liefde en genade,
door Uw vergoten bloed ben ik gered en vrij.


Het verhaal van de bloedvloeiende vrouw kun je vinden in:
>> Mattheüs 9:18-26
>> Marcus 5:25-34
>> Lucas 8:40-56

Gedachten bij het boekje 'Vrouwen rond het kruis'

donderdag 25 december 2014

I believe - Ik geloof!

Al enkele weken geleden kwam ik terecht bij het nummer van 'I believe' van Nathalie Grant en het raakte mijn hart diep en ik bewaarde het nummer speciaal voor vandaag, als we de geboortedag van de Here Jezus herdenken en vieren.

Voor veel mensen is Kerst niet meer dan een paar heerlijke vrije dagen, of een vakantie, die gekenmerkt wordt door gezelligheid, lekker eten en samenzijn met familie en/of vrienden.
De geboorte van Jezus -waardoor dit immers Kerst heet- is vaak niet meer dan een leuk verhaaltje; als ze het nog weten.
En zo begint dit nummer ook eigenlijk een beetje, als een verhaaltje ...

...
'Lang, lang geleden, in een land hier ver vandaan, stond de tijd even stil.
Er waren herders in het veld, een vrouw met een baby, en geen plaats in de herberg.
Een geboorte in een kribbe, die ook was voorspeld.
Tenminste, zo gaat het verhaal ...'
...

Maar dan gaat de tekst een heel andere kant op: '
Maar dit verhaal is meer dan een fabel, het is meer dan een sprookje, en meer dan mijn verstand kan bevatten.
Ik geloof  dat ...

Ik geloof, dat de Wijze mannen de baby zagen; de baby, die de engelen de Zoon van God noemden.
Het kind dat de hemel gaf, de grote 'Ik ben'.
Geboren om mijn zonden weg te nemen door middel van doorboorde handen.
Immanuel - God met ons- is gekomen.

Ik geloof ...
Tweeduizend jaar geleden ...
Een verhaal dat voortleeft ...
Een geschenk van God in mensengedaante verpakt ...
De simpele waarheid die mij vrijmaakt ...'


Ik geloof ...
De tekst bepaalde mij hoe alles aankomt op het maken van een keuze: geloven of niet.
Geloven dat God Zijn enig geboren Zoon naar de aarde zond om voor mijn zonden te lijden en te sterven, of het verwerpen.
Geloven, dat Jezus voor mijn zonden stierf aan het vloekhout, aan een kruis, om mij te redden, of dit te verwerpen.
Geloven, dat Hij, Jezus, Zijn handen liet doorboren uit liefde voor mij, of het verwerpen.

Ik geloof ...
Geloven, dat Hij wilde komen voor iemand zoals ik, of het verwerpen.
Geloven, dat Hij, ondanks alles, Zijn leven wilde geven voor mij, of het verwerpen.
Geloven, dat Hij kwam voor ons allemaal, voor een ieder van ons persoonlijk, of dit verwerpen.

Ik geloof ...
Ja, ik geloof, maar het nummer deed mij dit jaar opnieuw even stilstaan en nadenken over mijn lang geleden gemaakte keuze en de betekenis van waarom Hij naar deze aarde kwam.
Naar het 'waarom Kerst', en welke betekenis alles nog heeft voor mij.
Als 'Toewijding' het woord is dat vanaf november een belangrijke plaats in mijn leven inneemt,  dan voelt het goed om met dit nummer, met de tekst van dit lied als het ware opnieuw overeind te komen, mijn blik te richten op de hemel en te het uit te spreken:

Heer, ik geloof!
Ik geloof, al is het een verhaal van tweeduizend jaar geleden.
Ik geloof, dat het Uw genadegeschenk is vanuit de hemel voor mij, en ik neem het aan.
Ik geloof, dat Uw doorboorde handen, Heer Jezus, mijn zonden droegen aan het kruis op Golgotha.
Ik geloof, dat U Uw leven gaf om het mijne te redden.
Ik geloof, dat U mij hebt vrijgemaakt.
Ik geloof, ja, ik geloof, dat U dit deed voor iemand zoals ik ...
Ik geloof, ja, ik geloof!


Hoewel er dit jaar geen enkele kerstversiering in ons huis is; niet meer dan de gewone waxinelichtjes branden, schijn meer dan ooit het Licht van de Ster van Bethlehem in mijn hart.

Ik geloof.
Jij ook?




vrijdag 7 december 2012

Vaste grond en hoop

Na aanleiding van het 'Dagelijk Woord'.


‘Het geloof is de vaste grond voor wat wij hopen, 
het bewijs van wat wij niet zien.’
Hebreeën 11:1

Heer,
U bent
de vaste grond
onder mijn voeten,
de zekerheid
van mijn bestaan.
Op U
is mijn vertrouwen,
welke wegen
ik ook
moet gaan.

Ik geloof,
dat U bent wie
U zegt dat U bent.
Ik geloof,
dat U kunt doen wat
U zegt dat U kunt doen.
Ik geloof,
al begrijp ik het niet.
Ik geloof,
ook als ik U
niet zie.

En ik zie uit
naar de dag
die nog komen gaat;
dat al Uw beloften
zullen zijn vervuld
en niets meer
in nevelen is
gehuld.

De dag
waarop ik
voor Uw troon
zal staan,
wachtend
op Uw woord:
‘Mijn lieve, trouwe diensknecht,
wees welkom,
je hebt het
goed gedaan.’

Heer Jezus,
dank U wel.
U hebt het onmogelijke
mogelijk gemaakt.
Ik loof en  prijs
Uw Heilige Naam
en dank U
voor iedere dag,
ja, voor elk moment,
dat U tot die tijd,
over mij
waakt.

zondag 18 november 2012

Verlangen naar God

Nog eentje van mijn oude Blog.


5-05- 2012
Na een drukke week, het is immers vakantie, geniet ik van de stilte van deze ochtend.
Het huis is in diepe rust.
Slechts één kind is er nu thuis en die ligt nog op één oor.
Manlief is aan het werk en ik drink de stilte en diepe rust in.
Met die rust en stilte is er gelijk ook het verlangen om te schrijven en ik pak mijn Psalmenreflectiedagboek er weer eens bij.
Het is alweer een hele tijd geleden dat ik daarin gekeken heb en mijn gedachten heb laten gaan over de teksten uit de Psalmen die daarin staan.
Mijn hand stopt bij 'Verlangen naar God.'

'Beter één dag in Uw voorhoven dan duizend dagen daarbuiten ...
Ik roep tot U, Heer: 'U bent mijn schuilplaats.'
Wijs mij Uw weg, Heer, laat mij wandelen op het pad van Uw waarheid,
vervul mijn hart met diep ontzag voor Uw Naam.
U, Heer, mijn God, zal ik loven met heel mijn hart, Uw Naam voor eeuwig prijzen.
Ik strek mijn handen naar U uit ...'


Heer, dicht bij U zijn,
iedere dag van mijn leven,
is mijn diepst verlangen.
Dagelijks te wandelen,
met diep ontzag voor U
en een hart vol lofgezangen.

Wijs mij Uw weg, o Heer,
opdat ik het pad
van Uw waarheid zal gaan.
U wil ik eren en dienen
al de dagen van mijn leven;
U is mijn hart toegedaan.

Mijn handen strek ik uit naar U,
omdat ik van U alles,
ja, alles verwacht.
U bent mijn schuilplaats,
mijn al in al,
mijn Bron van Liefde,
mijn Hoop en mijn Kracht.

- Amen -

Als ik deze woorden aan het papier heb toevertrouwd, komt de vraag in mij op of ik werkelijk wel zo naar God verlang?
Soms is het schrijven ook een worstelen met woorden om iets op papier te krijgen, niet altijd is het makkelijk om wat je voelt, wat er in je leeft in woorden om te zetten en soms is er ook niet echt een gevoel bij, het gevoel dat 'erbij zou horen.'

Verlang ik werkelijk zo naar God?
Wil ik echt Zijn wegen wel gaan, Zijn pad van waarheid bewandelen?
Is Hij echt mijn al in al, is mijn hart Hem echt toegedaan?
Voel, ervaar ik die diepe hunkering?

Terwijl ik deze woorden schreef, was er geen diepe hunkering, geen diep verlangen, maar eerder een worstelen met de woorden uit de Bijbelteksten om alles op papier te zetten.
Maar als ik vervolgens mijn gedachten over deze dingen laat gaan en mezelf de vragen stel, komt er een diep gevoel van innerlijke rust en vrede in mijn hart.
Niet altijd is er een uitbundige uiting van verlangen naar God, soms is er gewoon dat stille zeker weten dat je niets anders wil dan Hem volgen, dienen en eren.
Ik besef weer eens opnieuw dat gevoelens bedriegelijk zijn, dat ik niet afhankelijk ban van wat ik voel om deze dingen te kunnen schrijven, maar dat ik het kan en mag omdat het diep in mijn hart verankerd is.

Ja, Hij is mijn al in al, mijn alles.
Naar Hem verlangt mijn hart.


Naar: Ps. 84:11; Ps. 142:6; Ps. 86:11,12; Ps. 143:6