dinsdag 12 februari 2013

Ondoorgrondelijk

Bedenk hoe groot en indrukwekkend de HEER is ...    (41)

De HEERE is groot en zeer te prijzen,
Zijn grootheid is niet te doorgronden.

Psalm 145:3

‘Zijn grootheid is niet te doorgronden,’ zegt David.
En ik kan niet anders dan dit beamen: Ja, Gods grootheid is niet te doorgronden.
Als ik denk aan bepaalde hoofdstukken uit Job (38-41)  en aan Jobs reactie hierop, dan is het overduidelijk, dat Gods grootheid door niemand is te doorgronden.

‘Job antwoordde:

‘Ik weet dat u alles kunt,
voor u is niets onmogelijk.
U vroeg:
Wie durft er zonder kennis van zaken te spreken?
Ik geef het toe,
ik sprak over zaken waar ik geen verstand van heb,
wonderbaarlijke dingen die ik niet kan begrijpen.’

Job 42:1-3

Job ontdekte de immense grootheid van God, doordat God hem meenam in Zijn vragen naar de omvang en de onpeilbare diepte van Zijn schepping.
Job leert hierdoor God beter kennen.
Een uitspraak van Job die mij heel diep raakt, is: ‘Alleen door het luisteren met het oor had ik van U gehoord, maar nu heeft mijn oog U gezien.’
Ik proef, ik voel …

Ook in Jesaja 40 de verzen 12-17 wordt de grootheid en heerlijkheid van God beschreven.
‘Wie heeft de wateren met de holle hand omvat,
de hemel tussen duim en wijsvinger gemeten?
Wie woog de grond in een maatbeker,
de bergen met een balans,
de heuvels op een weegschaal?
Van wie ontving de HEER richtlijnen,
van wie raad of les?
Met wie pleegde Hij overleg,
bij wie is Hij in de leer gegaan
voor een eerlijk beleid,
voor een wijs bestuur?
De volken zijn een druppel aan de emmer,
een pluisje op de weegschaal.
De eilanden zijn licht als stof.
Al het hout op de Libanon,
al het wild dat er leeft,
is niet voldoende
voor een offer aan de HEER.
Nietig zijn de volken in Gods ogen,
hij beschouwt ze als onbeduidend,
als minder dan niets.’

Het zijn woorden die zijn opgeschreven om Zijn volk, dat in Babylon gevangen zat, aan te moedigen om hoop te blijven houden en op Hem te blijven vertrouwen, hun verlossing van Hem te blijven verwachten.

Voor mijzelf zijn ze echter ook een grote bemoediging, want het laat iets zien van Zijn grootheid, van wie Hij is, wat Hij kan.
En het is deze God, die ik, door de Here Jezus, mijn Vader mag noemen.
Als je dan hier (en ook in Job) lees over Zijn grootheid en heerlijkheid, dan weet ik dat ik een Vader heb die alles kan, alles in Zijn hand heeft, omdat alles door Zijn hand is ontstaan.
Deze woorden vullen mij met eerbied en heilig ontzag.

Hoewel ik niet bezig ben om Gods grootheid te onderzoeken in die zin van, ‘hoe zit dit nu’, maar wel naar alles wat Zijn woord zegt over Zijn grootheid, is er een zin in de Matthew Henry Verklaring die ik (opnieuw) zo prachtig vind, die mijn hart raakt en terstond een beeld oproep waarin het voor me ziet.

‘Wanneer wij door ons onderzoeken de bodem niet kunnen vinden, dan moeten wij op de rand gaan zitten en de diepte bewonderen.’


Gods grootheid kunnen we eenvoudigweg niet begrijpen, nooit zullen wij die bodem vinden.
Dus laten we inderdaad maar op de rand gaan zitten en de diepte bewonderen.
 

3 opmerkingen:

  1. Mooi! Dank je wel voor het delen. En wat een mooi citaat ook van Mathew Henry. Ik ga de grootheid van God bewonderen en me er over verwonderen. Weet je, als ik nadenk over de grootheid van God helpt me dat vaak door moeilijkheden heen, God is zo groot, Hij is veel groter dan al onze problemen!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ja, TabjesJoy, zo is het bij mij ook en van daaruit kwam het verlangen om eens door de Bijbel heen te gaan en eens van alles daarover op te schrijven.
    Binnen ons gezin zijn er toch bepaalde dingen die soms heel erg moeilijk en verdrietig zijn.
    Zien op Hem, op wie Hij is, kan, doet en gedaan heeft, helpt om te blijven hopen, te blijven vertrouwen; uit te zien op wat eens komen gaat.
    De tekst boven in de kop van mijn site, was voor mij het woord om daad bij het woord te voegen en te gaan schrijven.
    Liefdevolle groet,
    Rita.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Die zin uit Matthew Henry is er mooi.

    BeantwoordenVerwijderen